Bestuurlijke misère in het zuiden

Os leef Remunj

Noem Roermond geen Palermo aan de Maas. Roermond is namelijk trots op Roermond. Dat onderkoning Van Rey nu thuis in het verdachtenbankje zit, verbaast niet alleen hemzelf. ‘Politiek is hier niet altijd ratio’, zeggen ze in het zuiden. En: ‘Tja integriteit… voor ons is het een academische discussie.’

Medium 18542673

Henk van Beers is een trots man als hij over de Maasbrug rijdt. Vanaf dat punt ziet hij de ‘skyline’ van Roermond: het gouden beeld van de heilige Sint-Christoffel die vanaf de kathedraal over de stad waakt. Dát is nou echt thuiskomen, vindt de oud-burgemeester die door alle politieke commotie later met pensioen ging.

Dré Peters herinnert zich zo’n euforisch moment in zijn vakantiehuisje. Daar, in het Duitse Eifelgebied, zag hij de jaarlijkse Sinterklaasintocht op televisie. In Roermond nota bene. ‘Kijk dáár nou’, riep hij verrukt, ‘dat is godverdomme mijn stad!’ Jarenlang was hij met zijn partij de vvd heer en meester in de stad. Sinds kort staat hij als oppositielid langs de zijlijn.

Leon Coenen van Stadspartij Roermond roemt vooral de ligging: het provinciestadje aan de Maas ligt midden tussen mooie landschappen. ‘Het heeft internationale allure.’ Roermondenaren zijn immers in een zucht in Duitsland of België. ‘Helaas heeft de rest van het land het nu alleen nog maar over het politieke gedoe’, zegt de man die jaren in z’n eentje de oppositie voerde. Nu hoort hij zelf bij de macht, een beetje dan.

Alles is anders sinds maandag 22 oktober 2012. Op die dag, om 20.34 uur om precies te zijn, vertrok de ongekroonde onderkoning van Roermond uit het college van burgemeester en wethouders. Jos van Rey verliet, een tikkeltje theatraal, de raadszaal met de woorden: ‘Zorg goed voor onze stad. Os leef Remunj.’ Vóór die Dag van Vertrek werd alleen in Limburg zacht gefluisterd over Italiaanse toestanden in de bisschopsstad. Nu spreken ze ook boven de rivieren luid over Roermond als het Palermo aan de Maas.

Terwijl de berichten over vermeende corruptie onophoudelijk blijven stromen, relativeren de Roermondenaren zelf de bestuurlijke misère. Heus, er zal wel ‘iets’ aan de hand zijn, beamen ze. Maar zolang de stad profiteert, zal de stad niet al te moeilijk doen. Zelfs Leon Coenen, die het jarenlang fier opnam tegen de bestuurscultuur van ritselen, bekent: ‘Van Rey heeft veel voor de stad betekend.’ Vraag het op straat en iedereen zal zeggen: ‘Het was misschien niet allemaal netjes, maar os Jos heeft goed voor de stad gezorgd.’ De vuilnisman, de café-eigenaar en het meisje van de drogisterij – allemaal spreken ze vol lof over de wethouder.

Roermond is met zijn ruim 56.000 inwoners allesbehalve een saai provinciestadje en doet het goed in vergelijking met kwakkelende steden als Heerlen en Sittard. De stad ligt midden in het krimpende Limburg, maar weet ondanks de economische crisis nog steeds bescheiden te groeien met zo’n zeshonderd inwoners per jaar. Ter vergelijking: Heerlen kampt al jaren met een krimp van rond de zes procent. Rond de eeuwwisseling lag het werkloosheidspercentage in Roermond op twintig. Dat is nu iets meer dan zes procent, maar nog steeds onder het landelijk gemiddelde van zeven procent. Heerlen en Kerkrade kampen met twaalf procent werklozen, maar ook provinciehoofdstad Maastricht heeft een werkloosheidspercentage van meer dan acht.

Vriend en vijand zijn het erover eens dat Van Rey een aandeel heeft in de successen van de stad. Hier is de vvd letterlijk een volkspartij. Hier wil de vvd, in tegenstelling tot de meeste afdelingen in het land, trots het predikaat ‘sociaal’ dragen.

De man daarachter is Dré Peters, geboren en getogen in de volkse wijk het Roermondse Veld. Als de Randstedelijke verslaggeefster Roermond écht wilt zien, dan moet ze, zegt hij zelf, met hem een ritje maken. Zo doet hij dat altijd met journalisten uit het westen. Als eerste leidt hij rond door zijn eigen Veld. In de betere buurten staat dat bekend als ‘daar, over het spoor’ – een achterstandswijk die kampt met een torenhoge werkloosheid. Toch is hier sinds de eeuwwisseling veel veranderd. Er zijn zo’n vierhonderd huizen gesloopt, betere woningen kwamen ervoor terug. ‘De stad stond vol met krotwoningen, dat worden er steeds minder.’

Verderop ligt het retailpark, 35.000 vierkante meter aan interieur, wit- en bruingoed, kinderspeelgoed en snelle happen. ‘Fastfood, ik hou er niet van. Maar ja, soms moet ik wel. De kleinkinderen hè.’ Peters wijst naar de witte kentekenplaten op de enorme parkeerplaats (plek voor twaalfhonderd auto’s). ‘Duizenden Duitsers komen hier langs, en kopen nog even een magnetron of een tv, als ze terugkomen van het outletcentrum verderop.’ Het retailpark ligt strategisch langs de A73, ook wel de ruggengraat van Limburg genoemd omdat de weg het noorden van de provincie met het zuiden verbindt.

Omdat het retailpark tijdens het Paasweekend van 2008 zou openen, was Van Rey er fel op gebrand dat het laatste stukje van de A73 af zou zijn. Dat lukte echter niet. Twee tunnels onder de snelweg waren klaar, maar ze bleven dicht wegens veiligheidsproblemen en gesteggel met een aannemer. In de volksmond werden ze ‘de lachertjes van Limburg’ genoemd. Van Rey toog met elfduizend handtekeningen van inwoners naar Den Haag en zette zijn mede-Limburger, verkeersminister Camiel Eurlings, onder druk om in te grijpen. Typisch Van Rey, zegt Peters: ‘Niet wachten, maar doen.’

De tunnels, inmiddels open, beschermen het voormalige dorp Swalmen dat sinds een gemeentelijke herindeling in 2007 bij Roermond hoort. Hier staan de huizen met de keurig aangeharkte tuintjes. ‘Kijk, deze man heeft zelfs kangoeroes in de tuin’, roept Peters enthousiast. ‘Ja, in Roermond vind je alles.’ Hij rijdt door de bossen van Swalmen en pauzeert met koffie en een onvermijdelijk stuk bosbessenvlaai in Herberg de Bos, een oud café met haardvuur en opgezette dieren. De bezoekers zijn vooral pensionado’s, gekleed in geruite broek en polo’s.

Later gidst Peters zijn bezoek weer door het volkse Roermondse Veld. ‘Roermond is de stad van duizend-en-één standen’, zegt hij als hij langs zijn huis rijdt. ‘Ik behoor tot de laagste.’ Zijn huis staat naast een paar woonwagens. Verderop woont een boer die in de war is, vertelt hij. De man heeft nog koeien en officieel mag dat niet meer in het Veld. De boer heeft geen water en dat baart Peters zorgen. Soms bezoekt hij de man. ‘Een vieze bende en de koffie…’ Hij trekt een vies gezicht. ‘Maar ach, ik drink het op. Je moet ogen en oren hebben voor de problemen van mensen.’

De gepensioneerde Peters komt uit een mijnwerkersgezin. Zijn vader werd in Nederland wegens stoflongen afgekeurd, maar ging door in de Duitse mijnen. ‘Er moest toch brood op de plank komen.’ Op zijn 61ste overleed hij. ‘Goh, als hij me nou eens kon zien.’ Peters begon op zijn zeventiende een krantje in de binnenstad, bij de kak. ‘Ach, die jongen redt het niet, dachten ze.’ Het huis-aan-huisblad, De Trompetter, werd een groot concern met dochters die in totaal een oplage van 2,5 miljoen kregen. Lachend: ‘Ja, en toen kwam de afgunst.’

Ook politiek timmerde Peters aan de weg. Hij zit sinds de jaren tachtig in de raad. Eerst met zijn Democraten Roermond – maar in 1998 volgde de fusie met de vvd. Een meesterzet van Van Rey, die in de ogen van Dré Peters destijds een van de weinige vvd’ers was die met zijn poten in de modder stond. Het was afgekeken van het Limburgse cda, dat volgens de traditie opkomende lokale partijen inlijfde en doodknuffelde. Door de fusie kregen de liberalen naam in de wijken en in één klap werd de vvd de grootste in Roermond en dat is de partij nog steeds. Wat dan het geheim is? ‘Jos heeft nu eenmaal een neus voor buitenkansjes.’

Daar komt ook een beetje geluk bij kijken. Het verhaal wil dat de wethouder op een terras in Maastricht aan de praat raakte met een topbestuurder van McArthur Glen, de eigenaar van verscheidene Design Outlet Centra in Europa. De man zocht een locatie voor zo’n koopjesparadijs vlak bij Maastricht. Van Rey rook een kans. Van Rey vloog met alle fractievoorzitters uit de raad naar Londen om een kijkje te nemen bij zo’n centrum. Twee jaar later, in 2001, had Roermond een eigen outlet. Langs de N280, goed bereikbaar voor Duitsland. Want de bisschopsstad kijkt al heel lang niet meer naar de Randstad, waar een paar miljoen mensen wonen. Het vizier staat op het Duitse Noordrijn-Westfalen, op een steenworp afstand wonen een kleine twintig miljoen mensen – daar zitten veel potentiële koopjesjagers tussen. Inmiddels trekt het Design Outlet Center 3,75 miljoen bezoekers per jaar en is daarmee de derde toeristische attractie van Nederland. Alleen De Efteling en de Amsterdamse grachtengordel trekken meer bezoekers. In Roermond en omstreken spreken ze over doc alsof het de bekendste afkorting ter wereld is. En ja, zelfs op een grauwe winterse dag loopt het er storm. Op zaterdag om elf uur ’s morgens staan de koopjesjagers – vooral Duitsers en Japanners – voor de kassa’s. De 120 winkels zijn gevestigd in een soort filmdecor: pastelkleurige huisjes met geblindeerde tweede etages. Voor de vorm zijn enkele gebouwen als Zwitserse chalets versierd met nep-houten balken. Er is zelfs een soort kerktorentje. In alle talen wordt er omgeroepen: ‘De mooie binnenstad is op loopafstand.’

via een tunnel onder de N280 bereikt een voetganger in drie minuten een andere wereld. Daar ligt het robuuste centrum van Roermond met zijn rijke historie: de Sint-Christoffelkathedraal uit 1410, de Rattentoren uit de veertiende eeuw en de Munsterkerk uit de dertiende eeuw. Aan het Munsterplein ligt ook café Munsterhof, een vvd-hangout, waar tafel 01 een gouden naamplaatje draagt van de overleden oud-journalist Pierre Huyskens (onder meer bij Elsevier) die ereburger werd van Roermond.

De stad is trots op zijn inwoners die het buiten de stadsgrenzen ver hebben geschopt. Er is een Wall of Fame in de centraal gelegen Heilige Geeststraat en er staan kriskras door het centrum beeldjes van bekende stadsgenoten. Overal wordt in geuren en kleuren verteld over beroemde, en misschien wat minder beroemde, Roermondenaren. De stad leverde drie premiers: Charles Ruijs de Beerenbrouck, Louis Beel en Jo Cals. Architect Pierre Cuypers is geboren in de bisschopsstad en die wordt regelmatig in één adem genoemd met de arabiste Petra Stienen. Dan is er nog Tof Thissen (senator van GroenLinks) en… Jos van Rey – oud-raadslid, oud-Kamerlid, oud-statenlid, oud-senator, oud-wethouder en prominent vvd’er.

Trots Roermond vindt het dan ook vreselijk dat de bisschopsstad door de rest van Nederland Palermo aan de Maas wordt genoemd, of als er boven de rivieren smalend wordt gesproken over ‘corrupt Limburg’. Brabander en oud-burgemeester Henk van Beers neemt door alle politieke commotie maanden later dan gepland afscheid, op 1 februari. ‘Luister’, zegt hij, ‘ik heb hier de afgelopen tien jaar heus niet met soep in mijn ogen rondgelopen. De heer Van Rey heeft niets onoorbaars gedaan. Niet vanuit het stadhuis.’

Niet dat de cda-burgemeester dikke vrienden is met de vvd’er. In Roermond rommelt het al jaren tussen die twee politieke stromingen. ‘Hij heeft een hekel aan cda’ers, ja.’ Stilte. ‘Misschien ook wel aan mij. Maar ik ben niet de politiek in gegaan om vriendschappen te ontwikkelen.’ Zeker met Van Rey was dat vrijwel onmogelijk geweest. De aversie tegen het cda stamde bij hem al uit de jaren vijftig van de vorige eeuw. Als slagerszoon ervoer hij het bestuur van Katholiek Roermond (gelieerd aan de kvp, die later opging in het cda) als verstikkend. Het was de tijd dat alleen de kerk en de mijn de dienst uitmaakten. Toen Van Rey in 1974 lijsttrekker werd van de plaatselijke vvd mocht zijn vader niet langer vlees leveren aan het bisschoppelijk paleis. De strijd werd sindsdien ook persoonlijk.

Als Tweede-Kamerlid werd hij in de jaren tachtig landelijk beroemd toen hij het cda ‘Corrupt Democratisch Appel’ noemde. Later had hij daar een beetje spijt van. ‘Ik haat die partij niet’, zei hij in 1995 in de Volkskrant. ‘Tot vier jaar terug had het cda hier een absolute meerderheid in de provincie. Logisch dus dat ik in die Limburgse affaires voortdurend op het cda stuit. Daar kan ik ook niets aan doen. Bij een affaire in Rotterdam kom je de pvda tegen.’ Maar ja, Van Rey komt uit Limburg, dus bleef hij strijden tegen het cda. Als lid van de Provinciale Staten (hij was niet vies van functies stapelen) liep hij járen met De Vriendenrepubliek onder zijn arm. In dat boek uit 1996 ontrafelt journalist Joep Dohmen haarfijn de (vriendschappelijke) relaties tussen de politiek en de bouwwereld in Zuid-Limburg – het oeroude kvp-bolwerk. ‘Machtsmisbruik is het ergste wat er is’, was een gevleugelde uitspraak van Van Rey.

Volgens bekenden kan de gevallen wethouder daarom niet geloven dat juist hij is gevallen. Het verklaart misschien waarom hij soms nog aanwezig is bij de vergaderingen van de vvd en waarom hij onlangs op het stadhuis even wat documenten bekeek die de rijksrecherche op 19 oktober in beslag had genomen en die de gemeente weer terug had gekregen. Van Rey blijft zich voordoen als de man die niets te verwijten valt. Híj streed toch zelf juist tegen corruptie? Van Rey reageert galant, maar wel afwijzend op alle verzoeken om mee te werken aan dit artikel. Hij maakt zich op voor een lange juridische strijd. ‘Ik vertrouw erop dat u een goed beeld krijgt van Roermond; ook zonder een gesprek met mij.’

Ex-burgemeester Van Beers zegt: ‘Ik zal vechten tegen de vooroordelen! Ik zie echt geen verschil tussen Limburg, Drenthe of Brabant. Dingen gebeuren ook in Groningen en Friesland. Maar daar zwijgt het bestuur. Hier knalt alles naar buiten.’ Hij gaat nog even door. ‘Er wordt hier minder gerotzooid. Dat durf ik te zeggen!’ Hoe het dan toch kan dat Limburg zo vaak slecht in het nieuws komt? ‘Het zuidelijke debat is anders. Politiek is hier niet altijd ratio. Er worden hier in de raadszaal wat krachtige woorden gebruikt. We weten in het zuiden dat we voor het oog van het kerkvolk spelen.’

Van Beers laat een stoel op zijn oude werkkamer op het stadhuis zien, de plastic leuning is halverwege eraf gevallen. ‘Dat komt door mensen die nerveus zijn, mensen die dan krabben aan de leuning. Als de inwoners hier in mijn kamer komen, dan zijn ze vaak ten einde raad, financiële problemen of andere ellende.’ De lijntjes zijn kort in Roermond. ‘Soms word ik ’s nachts uit mijn bed gebeld door Dré Peters: burgemeester we hebben hier een probleempje.’ Het zijn echt ‘volkse jongens’ bij de vvd, herhaalt Van Beers. ‘Van Rey is een jongen die precies weet wat er op straat gebeurt.’ Stilte. ‘Oké, dat heeft soms ook een schaduwzijde: iets kan snel rieken naar cliëntelisme.’ Om er vervolgens weer snel aan toe te voegen dat er ‘op het stadhuis niets onoorbaars is gebeurd’.

Het is wél precies de vinger op de zere plek. Leon Coenen van de Stadspartij Roermond (met een zetel in de raad) geldt als de luis in de pels. Zijn eerste baan was als ambtenaar op het stadhuis en toen keek hij vol bewondering naar Van Rey. ‘Ging-ie even koffie drinken in Den Haag en dan had hij zo vijf, zes miljoen gulden, zo lang geleden al, bijeen voor twee nieuwe schoolgebouwen.’ Als raadslid (eerst voor de pvda, later voor de lokale partij) ging Coenen zich toch meer achter zijn oren krabben. ‘Ik zag steeds vaker grote projecten naar dezelfde mensen gaan.’

Ook zijn beeld van Van Rey, de man die op charmante wijze handig ritselde, veranderde gaandeweg. ‘Er was zeker sprake van een angstcultuur op het stadhuis. Wie niet voor hem was, was tegen. Er zijn ambtenaren die een andere mening hadden vertrokken.’ Hij noemt de verhuizing van het stadskantoor (voor de uitgifte van paspoorten en dergelijke) van de Markt naar het Kazerneplein, een terrein van projectontwikkelaar en Van Rey’s jeugdvriend Piet van Pol. ‘Nooit heb ik ook maar één argument gehoord voor die verhuizing.’ Een ambtenaar twijfelde in 2011 over de ‘fysieke haalbaarheid’. Die memo is genegeerd.

Integriteit is balanceren op een dun koord. Als iemand als Van Rey zo veel successen binnenhaalt, is het lastig kritiek geven. Neem het dossier van het belastingkantoor. Staatssecretaris Frans Weekers (vvd) koos er begin 2012 voor dat in Roermond te behouden. De keuze week af van eerdere adviezen om het kantoor juist te laten verhuizen naar Venlo. Een half jaar later, tijdens de Kamerverkiezingen, verrees een billboard met een foto van Weekers langs de A73 bij Venlo. Na een eerdere ontkenning in NRC Handelsblad gaf de Limburgse staatssecretaris afgelopen december toe dat Van Rey een gedeelte van zijn campagne had gefinancierd. Tijdens een spoeddebat in de Tweede Kamer benadrukte Weekers dat zich geen zaken hadden afgespeeld die ‘niet door de beugel’ konden.

Maar toch, Roermond kreeg de buit en won van Venlo. Het gevecht om werkgelegenheid is hard in Limburg. Sinds Den Haag heeft besloten rechtbanken en belastingkantoren te sluiten is het een voortdurende strijd tussen de steden. ‘Deze stad ligt midden in een krimpgebied’, zegt burgemeester Van Beers. ‘Tegen alle trends in groeien we toch. De rest van de provincie staat stil.’ Hij somt het rijtje successen op: Roermond heeft nog steeds een gerechtshof, een belastingkantoor, een outletcentrum en een groot retailpark. ‘Succes brengt bepaalde zaken met zich mee. Laat ik het zo zeggen: de mooiste bloempjes groeien precies bij de afgrond, ze plukken is riskant. Ik blijf erbij dat niemand in die afgrond is gevallen.’

Raadslid Leon Coenen ziet de worsteling. ‘In de regio gaat het erom wie de sterkste is. Alles wordt uit de kast gehaald. Maar fout blijft fout.’ Nu maakt hij als eenpitter zelf deel uit van de nieuwe coalitie.

De worsteling met integriteit, en ook de korte lijntjes in de politiek zijn goed zichtbaar tijdens de raadsvergadering waarin een nieuw college wordt benoemd – voor het eerst sinds 1998 een bestuur zonder vvd. Op de kleine publieke tribune zitten vooral fans van Van Rey. Ze fluisteren ‘heksenjacht’ als iemand van de nieuwe coalitie aan het woord is, en juichen als de vvd spreekt. Sinds de ondergang van Van Rey is Roermond bevangen door het spelletje ‘Wie is de integerste?’ En dat spelletje is best lastig, aangezien iedereen er al die jaren bij stond en toekeek – zonder al te veel commentaar.

Dré Peters zet frontaal de aanval in, hij stemt tegen de nieuwe wethouders van GroenLinks en d66. ‘Daar zitten ze, twee nieuwe wethouders die in de oppositie altijd spraken over een angstcultuur in het college. Daar zitten ze zelf nu in!’ De oude wethouders van het cda en de pvda zitten er nog, wil hij ermee zeggen. Tegen Marianne Smitmans van GroenLinks heeft hij persoonlijk niets, zegt hij: ‘Ik wil haar wel de schokkende ellende besparen die Van Rey meemaakte.’ Want ook zij heeft belangen. Ze wordt wethouder, maar houdt haar baan bij onderwijsinstelling Gilde een beetje (0,2 fte) aan. Peters: ‘Ze bezet twee banen terwijl veel burgers er één proberen te krijgen. Buiten dat: Roermond gaf vorig jaar zes ton subsidie aan Gilde.’

Is er sprake van een schijn van belangenverstrengeling? Smitmans werpt tegen: ‘Ik werk er al twintig jaar, ik word nu voor veertien maanden wethouder.’ In maart volgend jaar zijn er al weer de gemeenteraadsverkiezingen. ‘Voor mij is het enige belang dat ik straks weer kan terugkeren.’ Dat haar portefeuille misschien straks aanschurkt tegen haar beroep – ‘Ik heb altijd in het welzijn gezeten. Dáár ligt mijn kennis.’

Dat dacht Van Rey misschien ook. cda-raadslid Jac Breugelmans zetelde in de ‘onafhankelijke’ commissie die de integriteit van de nieuwe wethouders onderzocht. ‘Tja integriteit… voor ons is het een academische discussie’, zegt hij op het spreekgestoelte. ‘Als je googelt kom je vele definities tegen.’ Hij heeft ook wel gedacht: ‘Wie kan in godsnaam nog bestuurder worden in deze stad? Kan iemand die is geworteld in de samenleving nog wel politiek functioneren in Roermond?’

In elk geval staat hij volledig achter het nieuwe bestuur van de stad. Net zoals hij en de rest van de raad jaren achter Van Rey stonden – zolang hij maar succes boekte. Zolang de stad profiteert, zal de stad niet al te moeilijk doen. Os leef Remunj.


Jos van Rey

Voor het eerst sinds veertien jaar bestuurt de VVD niet meer in Roermond. De hele liberale fractie stapte in oktober op. Uit solidariteit met Jos van Rey. De partij dacht wel weer in het college te komen, met elf van de 31 zetels in de raad. Het bleek een misrekening. Nu, drie maanden later, heeft de stad een nieuwe coalitie, die bestaat uit zeven partijen: de PvdA, het CDA en eenpitters, waaronder Stadspartij Roermond.

De VVD heeft zichzelf buitenspel gezet. Jos van Rey (67) is nog steeds adviseur en bezoekt de fractievergaderingen – tegen de wil van het landelijke bestuur. Dat heeft de handen van de omstreden wethouder af getrokken. Hij heeft ook de zetel in de Eerste Kamer moeten opgeven. Van Rey wordt verdacht van corruptie en het aannemen van smeergeld.

Vorig jaar maart lag er al het integriteitsrapport De schijn en de feiten van oud-minister Winnie Sorgdrager (D66) en oud-bestuurskundige Paul Frissen. De twee deden onderzoek naar aanleiding van een stroom aan berichtgeving in De Limburger over vriendjespolitiek. In de onderzochte periode (tien jaar) zijn er in totaal 162 integriteitsmeldingen gedaan door de burgemeester en wethouders. Dat deden de bestuurders zelf. Van Rey heeft de twijfelachtige eer om met 101 meldingen koploper te zijn, in 57 daarvan dook jeugdvriend Piet van Pol op. De wethouder bezocht met enige regelmaat het vakantiestulpje van de projectontwikkelaar Van Pol in Saint Tropez. Ze gingen samen op reis en naar vastgoedbeurzen. Als Van Pol op vakantie was, werden de kranten van zijn kantoor doorgestuurd naar het huis van Van Rey. Ze gebruikten soms zelfs dezelfde chauffeur. De hechte vriendschap wekt de schijn van belangenverstrengeling, aldus de commissie.

Tussen de regels van het rapport door staat echter een veel opmerkelijker, misschien wel belangrijker conclusie: Van Rey is al sinds 1998 wethouder, hij sleet vier colleges en twee burgemeesters. De integriteitsmeldingen lagen op tafel, maar kritiek kwam er nooit. In al die jaren vond niemand het vreemd, die hechte vriendschap tussen de projectontwikkelaar en de wethouder – ook niet toen Van Pol wel heel veel projecten in de stad kreeg. Bovendien heeft iedereen sinds 1998 wel een keer een coalitie gesteund van de nu in opspraak geraakte VVD’er: van GroenLinks tot de PvdA, tot de gedoger Partij van de Eenheid.

Ook opmerkelijk: buiten de 57 integriteitsmeldingen van Van Rey om heeft de rest van het college ook zestien keer opgegeven ‘iets’ met Van Pol te hebben gedaan. Dat ‘iets’ varieerde van etentjes tot het bezoeken van voetbalwedstrijden.

De rijksrecherche begon een strafrechtelijk onderzoek naar Van Rey na een aangifte van een ambtenaar van de belastingdienst in maart 2012. Als zogeheten bijvangst stuitte justitie tijdens het tappen van de telefoon op een gesprek tussen Van Rey en kandidaat-burgemeester Ricardo Offermans, ook een VVD’er. De wethouder, die zetelde in de vertrouwelijke sollicitatiecommissie, speelde wat informatie door. Dat mag niet volgens de regels. Offermans, die min of meer al was benoemd als burgemeester van Roermond, trok zich terug. Ook was hij niet langer burgemeester van Meerssen, een plaatsje in Zuid-Limburg. Einde carrière. Die bijvangst leidde ook het einde in van Van Rey.

Het onderzoek loopt nog.