Oscar wilde

Het is er mij niet om te doen spijkers op laag water te zoeken maar ik hecht er toch aan enige kanttekeningen te plaatsen bij de interessante artikelen van de heren Van Amerongen en Pleij over Oscar Wilde en Lord Alfred Douglas in het nummer van De Groene Amsterdammer van 25 augustus jongstleden.

’s-Gravenhage, De intrigerende foto die het stuk van de heer Van Amerongen illustreert toont niet, zoals het onderschrift vermeldt, Oscar Wilde vermomd als Salome; het betreft hier een opname van de Hongaarse zangeres Elizabeth (Alice) Guszalewicz, die in 1906 de rol van de prinses vertolkte in Strauss’ opera te Keulen. Merlin Holland, Wildes kleinzoon, heeft een en ander aangetoond in The Times Literary Supplement van 22 juli 1994.
De heer Pleij maakt a slip of the pen wanneer hij stelt dat Wilde De Profundis schreef toen hij ‘eenmaal op vrije voeten’ was. Deze brief werd in werkelijkheid geschreven te Reading Gaol, en het waren juist de weinig comfortabele omstandigheden waaronder men in het victoriaanse tijdperk zijn celstraf moest uitzitten, die een logische verklaring vormen voor de bitterheid van genoemd geschrift.
Douglas trouwde in 1902 met Olive Custance maar ondanks strubbelingen zijn ze nooit van elkaar gescheiden, zoals de heer Pleij (evenals Wildes biograaf Ellmann) schrijft.Ten slotte zij het me vergund op te merken dat mijn biografie van Douglas méér dan 'maar drie pagina’s over (heeft) voor (diens) poëzie’. Een ruime keuze uit Douglas’ verzen is opgenomen als appendix; maar de drukproeven die de heer Pleij heeft ontvangen, waren, zo blijkt nu, helaas incompleet.