Ossies en ‘queer-feministen’ vechten om Volksbühne

Berlijn – Weg is het enorme ijzeren wiel op het grasveldje voor de Volksbühne, een van de bekendste theaters van Duitsland, weg zijn de neonletters ‘ost’ boven op het dak. Het is de laatste daad van de scheidende intendant Frank Castorf, die hier na een kwart eeuw het veld moest ruimen. De ontmanteling van de twee markante symbolen is het voorlopige hoogtepunt van de heftigste strijd die de Berlijnse cultuurwereld de afgelopen jaren heeft gekend. Op 10 september begint hier de nieuwe intendant, de Belg Chris Dercon, voormalig directeur van Tate Modern in Londen, ooit ook directeur van Museum Boijmans Van Beuningen.

Dercons benoeming in 2015 groeide uit tot een heuse cultuurstrijd, in de ironische omschrijving van cultuurcriticus Diedrich Diederichsen, tussen ‘Duitstalige, socialistisch-provinciale gentrificerings-tegenstanders en globale en postkoloniaal georiënteerde queer-feministen, die beschuldigd worden neoliberaal te zijn’.

Deze ‘Kulturkampf’ begon na een ideetje van de vorige cultuurwethouder Tim Renner (spd). Renner wilde de hoofdstedelijke cultuurwereld internationaler maken, glamoureuzer, passender bij de nieuwe toeristische aantrekkingskracht van de stad. Hij had daarom bedacht dat de directeur van Tate Modern, het bekendste Europese kunstmuseum, precies de juiste keuze zou zijn voor het bekendste Berlijnse theater.

De Dercon-tegenstanders zagen in de flamboyante Belg echter de verpersoonlijking van een gladde, geglobaliseerde cultuur-jetset. Hij zou voorstellingen willen laten invliegen zonder rekening te houden met die typisch Berlijnse, beetje rauwe cultuur. De gevierde Castorf, de oude Ossi, groeide in de stedelijke media daarentegen uit tot de belichaming van een ‘authentieke’ Berlijnse theatertraditie, van politieke stukken, moeilijk verteerbaar en uren achter elkaar. Tot de weinigen die Dercon publiekelijk verdedigden, behoorde een groep voornamelijk internationale kunstenaars en curatoren, onder wie Okwui Enwezor, Hans Ulbricht Obrist en Rem Koolhaas. Maar door Dercons tegenstanders van ‘bekrompenheid’ te beschuldigen maakten ze de loopgraven alleen maar dieper.

En nu? Dercons première in september valt midden in de Duitse verkiezingsstrijd. Zelfs de keurige Monika Grütters (cdu), de landelijke staatssecretaris van Cultuur, heeft de benoeming van Dercon nu aangevallen als een vorm van ‘intellectuele gentrificering’, waarbij lokaal gegroeide grootheid door snelle jongens van buiten wordt verdrongen. De ‘Kulturkampf’ is na twee jaar dus nog lang niet ten einde. Opnieuw is de Volksbühne een symbool van een snel veranderend Berlijn geworden – al is dat volkomen anders dan Renner het zich had voorgesteld.