Oud papier

Kranten zijn handel. Wordt er geen winst gemaakt, dan volgt verkoop. De VNU, de grootste regionale-krantenuitgever van Nederland, zette afgelopen week om ‘strategische belangen’ haar dagbladensector in de etalage. De gedupeerde hoofdredacteuren hebben begrip.

‘WAT MAAKT HET eigenlijk uit wie de eigenaars van een krant zijn?’ 'Niets’, zegt Pierre Vinken, in de jaren tachtig voorzitter van Elseviers Raad van Bestuur. 'De eerste en enige prioriteit is het maken van steeds meer winst.’
Tien jaar geleden zouden journalisten nog verontwaardigd hebben gereageerd. Toen in 1988 de belangrijkste Nederlandse dagbladen in handen van één onderneming dreigden te raken, schreef H.J.A. Hofland alarmerend in NRC Handelsblad: 'Er wordt met ons gesold.’ Maar anno 1999 wordt slechts instemmend geknikt. Nu vijf grote regionale dagbladen in de verkoop worden gedaan, stelt een van de gedupeerde hoofdredacteuren luchtig vast: 'Tsja, het gaat er tenslotte om winst te maken.’
Times They Are A-changin’. Kranten zijn handel: winstmaximalisatie is de norm. Als daaraan niet wordt voldaan, volgt onherroepelijk verkoop. Dus zette de VNU, de grootste regionale-krantenuitgever van Nederland, afgelopen week haar dagbladensector 'in de etalage’. De vijf regionale kranten, Dagblad De Limburger, BN/De Stem, Eindhovens Dagblad, Brabants Dagblad en De Gelderlander wachten nu af welke kopers zich aandienen.
De groep van vijf is absoluut niet verliesgevend: in de afgelopen periode werd zelfs een rendement van zo'n zestien procent be haald. Niets om je voor te schamen in het bedrijfsleven, maar de echt grote jongens op de beursvloer halen het dubbele. Bovendien zijn kranten conjunctuurgevoelig, advertentie-inkomsten variabel en kosten voor papier en personeel hoog. De VNU zei het anders: de dagbladensector paste minder goed in de strategie van het beleid. Het concern liet tegelijkertijd weten de Amerikaanse onderneming Nielsen Media, gespecialiseerd in kijkcijfers, te willen kopen voor een slordige 5,7 miljard gulden. Weg van de krantenwereld en richting nieuwe media.
HOOG TIJD VOOR maatschappijkritische media om in de bres te springen voor het angstige lot dat de bladen te wachten staat. En hoog tijd voor de gedupeerden om de noodklok te luiden. Zou je denken. Zoals bij De Tijd, toen de VNU in 1971 haar strategie herzag en het niet langer verantwoord vond de krant uit te geven. Of zoals eind jaren tachtig, toen de Perscombinatie en Elsevier plannen hadden om te fuseren. En bij de laatste grote overname in 1995, toen de Perscombinatie van Reed-Elsevier de Nederlandse Dagbladunie kocht.
Maar het blijft dit keer oorverdovend stil in de pers. De enige die zich om deze stilte lijkt te verbazen is Ron Abram, voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ): 'Het gaat hier wel om dagbladen met in totaal meer dan 800.000 abonnees. Dat is een grotere groep dan de Dagbladunie bezat toen zij in de verkoop kwam. Bovendien zijn het stuk voor stuk goede dagbladen. We zijn als vakbond en beroepsvereniging nu zeer bezorgd om het behoud van identiteit en werkgelegenheid voor deze bladen.’ Maar afgezien van deze waarschuwing valt er geen onvertogen woord. Sterker nog: de gedupeerde hoofdredacteuren laten een voor een weten dat ze eigenlijk wel begrip hebben voor de daad van de VNU!
Tony van der Meulen, hoofdredacteur van het Brabants Dagblad: 'Het gaat nu eenmaal allemaal meer de zakelijke kant op. Dagbladen zijn bij VNU een vreemde eend in de bijt geworden. We maken weliswaar winst, maar het conjuncturele risico is veel groter dan in andere sectoren. Eigenlijk heb ik niet zo veel te vinden van deze actie van de VNU, het hoort nu eenmaal bij hun strategische beleid. Als de Hema zegt dat ze geen fietsen meer willen verkopen, dan voel ik daar net zomin emotionele opwinding bij als nu. Bovendien moet je niet denken dat de nieuwe koper een humanitaire stichting zal zijn. Het gaat overal tenslotte om de winst.’
'Welk concern ons ook zal kopen, winst blijft nodig’, vindt ook Ad Rooms, lid van de hoofdredactie van BN/De Stem. En ook Peter Daalder, adjunct-hoofdredacteur van het Eindhovens Dagblad zegt berustend: 'Zo zit die wereld nu eenmaal in elkaar; het gaat om geld verdienen, ten faveure van de aandeelhouder. De krant is gewoon een commercieel product geworden. Dat was een aantal jaren geleden een merkwaardige uitspraak maar dat is nu heel normaal om te zeggen. Er moet gewoon goed verkocht worden, klaar.’
George Vogelaar, hoofdredacteur van Dagblad De Limburger vindt de verkoophelemaal niet problematisch. 'Ik zie absoluut geen problemen. Voor mijn zelfstandigheid? Maar wij maken een bom winst! Daar zouden we wel drie keer De Groene voor kunnen kopen! En winst is een grote garantie voor onafhankelijkheid.’
DE ENIGE DIE lijkt te betreuren dat het geld regeert bij deze verkoop is Henk Kuyt, hoofdredacteur van De Gelderlander: 'Concerns zijn gelieerd aan de beurs en worden opgejaagd door directies, die op hun beurt ons weer opjagen. De VNU zet ons om “strategische belangen” in de etalage. Maar ik vind dat een uitgeverij een andere onderneming is dan welke onderneming ook. Je moet een bepaalde toegevoegde waarde willen brengen, een blijvend geestelijk goed. En dat doe je niet met de verkoop van Gouden Gidsen.’
Kuyt wil, evenals Daalder, ook wel toegeven dat de actie van de VNU voor onrust zorgt op de redactie. Kuyt: 'Er heerst nu grote onzekerheid. Ik roep steeds: kom op jongens, we moeten elke dag weer een goede krant leveren, maar het is wel moeilijk. We voelen ons ergens in de steek gelaten. De situatie werkt verlammend. Waar komen we terecht? Gaan er ontslagen vallen? En in welk opzicht veranderen de arbeidsvoorwaarden als we worden verkocht door de VNU?’
Daalder: 'Bij een nieuwe overname, bij een nieuw bedrijf is het bovendien maar de vraag hoeveel geld er is voor nieuwe investeringen. Dat was nu juist goed geregeld bij de VNU.’ Net als de andere hoofdredacteuren hopen ze dat áls de boel verkocht moet worden, het aan een koper is die niet alleen zijn centen telt maar ook nog oog heeft voor de krant.
Op de vraag wie zij het liefst als baas zouden zien, geven drie van de vijf hoofdredacteuren een verrassend antwoord: De Telegraaf. Het bedrijf waarvan in de jaren zeventig alleen de naam al voor velen een vloek was, en dat in de jaren tachtig door de Volkskrant en NRC Handelsblad nog werd verfoeid als mogelijke baas, geniet nu de voorkeur van de regionale bladen. Daarbij gaat het vooral om de 'positieve cultuur’ die De Telegraaf uitstraalt, in tegenstelling tot de 'negatieve cultuur’ van een andere potentiële koper, Wegener Arcade. En de Perscombinatie wordt gezien als de enige nog bestaande 'traditionele uitgeverij’.
Kuyt: 'Ik heb begrepen dat de medewerkers van de regionale bladen die al onder De Telegraaf vallen het erg naar hun zin hebben. Het is bovendien een goede zaak dat de directeuren van De Telegraaf zich krantenboeren noemen. Dat betekent dat zij hart voor de krant hebben. Een overname door De Telegraaf zou voor ons dan ook veel minder een probleem zijn dan een overname door Wegener. Daar zit ik helemaal niet op te wachten. De cultuur van Wegener is er een van humorloosheid en karigheid.’
Daalder ziet een overname door Wegener evenmin zitten voor het Eindhovens Dagblad. 'Bij Wegener hanteren ze geen kaasschaaf maar een botte bijl als ze gaan reorganiseren. Wegener snoeit heel hard, in van alles en nog wat, onder andere in de redacties. Een gevolg is dat de kranten vervlakken. De Telegraaf heeft, hoe gek het misschien ook klinkt, wél hart voor zijn kranten. Collega’s van regionale kranten die onder De Telegraaf vallen zijn zeer tevreden en ze hebben bovendien weinig last van inmenging in de krant van bovenaf.’
De NVJ wijst desalniettemin op het gevaar dat de regionale bladen in een 'underdogpositie’ kunnen komen wanneer ze worden overgenomen door De Telegraaf, omdat dit concern boven alles één krant maakt: De Telegraaf.
DE NVJ ZIET een vijftal mogelijkheden nu de dagbladen verkocht gaan worden. Het probleem is dat zij geen enkele optie werkelijk interessant vindt. Het liefst ziet de NVJ dat de bladen als een zelfstandige groep op de markt blijven, daarbij geholpen door verschillende financiële instellingen. Deze mogelijkheid is afgelopen maandag besproken in de zogenaamde 'waak hondengroep’, waarin vertegenwoordigers van diverse redacties zitten.
Maar het ligt voor de hand dat een onderneming in Nederland de bladen overneemt. Potentiële kopers zijn dan Wegener Arcade en De Telegraaf. In beide gevallen vreest de NVJ een te grote concentratie van dagbladen in de hand van één onderneming. Bovendien dreigt het gevaar van fusies, en dus van verarming van het krantenbestel.
Abram: 'Als Wegener eigenaar wordt, zal De Gelderlander mogelijk gecombineerd gaan worden met het Gelders Dagblad, dat nu al in bezit is van Wegener. Wanneer De Telegraaf de boel koopt, dan zou het concern gelijk iets gaan doen met het Limburgs Dagblad en De Limburger. Het Limburgs Dagblad heeft het op dit moment bij De Telegraaf moeilijk en er dreigen gedwongen ontslagen. Het is heel waarschijnlijk dat die kranten direct samengevoegd zullen worden.’
Een andere mogelijkheid is dat de vijf kranten los verkocht zullen worden. Ook daar zou de NVJ tegen zijn, omdat dit de synergie van de groep zou aantasten. En een buitenlandse koper ziet de NVJ al helemaal niet zitten.
Abram: 'Een overname door de Belgen zou gewoon een ramp zijn. De redactionele onafhankelijkheid is daar buitengewoon slecht, er is veel te veel invloed van bovenaf en het rendement is matig.’ En in een Duitse overname gelooft Abram al helemaal niet.
WAAROM IS overname door een buitenlands concern zo vreemd? Nederland heeft misschien een klein taalgebied en een andere (kranten)cultuur, maar dit lijkt de veramerikanisering en verengelsing niet tegen te houden. Bovendien is de toenemende persconcentratie een feit. Het aantal zelfstandige dagbladondernemingen daalde van 81 in 1946 tot 27 in 1977. In steeds meer steden is nog maar één toonaangevende krant verkrijgbaar.
'De regio is tegenwoordig de wereld en de wereld is de regio geworden’, weet Henk Kuyt. En Tony van der Meulen verklaart dat hij geen enkel bezwaar zou hebben tegen een Belgische koper. De taal is tenslotte geen probleem en de regionale bladen zouden dan juist mooi een aaneengesloten gebied kunnen bestrijken.
'Globalisering houdt niet op bij de grenzen’, erkent ook Abram. 'We moeten beducht zijn op het idee dat alle media soms in één hand liggen. En in hoeverre is Nederland in dit opzicht interessant voor zulke grote jagers? Murdoch bezit op dit moment in Nederland de televisiezender Fox en de radiozender Sky Radio. Hij zit hier dus al. En het is ook een feit dat er nog maar een handvol grote krantenbedrijven zijn in Nederland: de VNU, Wegener, De Telegraaf en PCM. Van deze vier grote valt de VNU nu weg. En je weet niet wie ervoor in de plaats komt.’
Pierre Vinken was altijd al overtuigd van de onontkoombare globalisering in het bedrijfsleven. 'In Nederland worden voortdurend kranten opgeheven, zoals er overal ter wereld kranten verdwijnen’, zei hij in zijn gedenkschriften. 'De persconcentratie gaat door. Er is geen enkele reden om te denken dat dit Nederland bespaard zal blijven. Mij lijkt het een illusie te denken dat de noordelijke provincies zich twee eigen kranten zullen kunnen blijven veroorloven. Het begint met bezuinigingen, dan gaat het over de techniek en ten slotte zal iemand bedenken dat het onzinnig is om met twee volledige redacties te blijven werken.’
En wat zijn onderhandelingspogingen in de jaren tachtig en negentig met het Amerikaanse Paramount betrof: 'Paramount wilde alleen praten over een combinatie waarin de Amerikanen de meerderheid zouden hebben. Wij waren daar niet zonder meer op tegen. Wat ons betreft hadden zij de meerderheid kunnen krijgen. Of zelfs heel Elsevier. Mits er behoorlijk betaald zou worden.’