Ouderenpartijen keihard bezuinigen op kinderbijslag om de aow te spekken

Sommigen noemen zich zelfs ‘gerontoprovo’s’. Ze demonstreren, richten actiegroepen en politieke partijen op. Opgeteld bij de al langer bestaande ouderenbonden lijkt zich een heuse nieuwe zuil af te tekenen. Maar het ouderenfront is reeds verdeeld. De bonden zien niks in de partijen.

Vijf of meer zetels zouden ze volgens de peilingen weleens kunnen winnen bij de komende verkiezingen. De twee ouderenpartijen, het Algemeen Ouderen Verbond (AOV) en de Politieke Unie 55+, zullen 3 mei voor het eerst meedoen aan de Tweede-Kamerverkiezingen. Ouderenbonden waren er al langer en er lijkt zich warempel een nieuwe zuil af te tekenen. De ouderenbonden, samen goed voor een half miljoen leden, zitten echter bepaald niet te wachten op deze politieke nieuwkomers. Henk Logger van de Katholieke Bond voor Ouderen (KBO) vindt het zelfs ‘zeer onverstandig en onmaatschappelijk’ dat ouderen zich verenigen in een politieke partij. Hij betwijfelt of deze partij en hun beloften kunnen waarmaken. 'De ervaring heeft geleerd dat zulke partijen geen draagkracht hebben. Meestal gaat het om een opwelling. Boer Koekoek is ook met de noorderzon vertrokken en ik vermoed dat het hier om niet meer gaat dan een boer-Koekoek-effect.’
Logger ziet bovendien niets een one issue-partij met het accent op 'oud-zijn’. 'Een politieke partij is landelijk en moet daarom een brede basis hebben. Je hebt niet alleen te maken met feiten die ouderen aangaan, maar ook met zaken als onderwijs en kinderopvang. Er wonen nog steeds veel jongeren in Nederland en ook hun belangen behoren op een goede manier te worden afgewogen. Je kunt niet keihard bezuinigen op kinderbijslag en scholing, zoals de Unie 55+ van plan is, alleen om de AOW te spekken. Dat is een verkeerde manier van politiek bedrijven. Nee, die ouderenpartijen zijn bezig het politieke systeem af te breken en kiezers weg te trekken van de legale partijen.’
Ook de Algemene Nederlandse Bond voor Ouderen (Anbo) heeft weinig op met de ouderenpartijen. De Unie 55+ probeerde in eerste instantie de Anbo achter haar doelstellingen te krijgen, maar de Anbo voelde daar niets voor. De bond heeft grote bezwaren tegen verschillende programmapunten van de Unie 55+. Het migrantenbeleid bijvoorbeeld. In haar verkiezingsprogramma pleit de Unie voor een zeer restrictief toelatingsbeleid voor vluchtelingen -'vreemdelingen’ zoals de Unie asielzoekers consequent noemt- en een krachtige stimulering van remigratie. Verder mag een migrant volgens de Unie alleen in aanmerking komen voor naturalisatie als deze afziet van de oorspronkelijke nationaliteit. Jan Lakeman van de Anbo vindt dit alles 'kwalijk rieken’. Maar er is meer wat niet klopt: 'De financiele onderbouwing van het programma van de Unie 55+ is niet doorgerekend door het Centraal Plan Bureau, zoals in de politiek gebruikelijk is. Er zitten levensgrote gaten in de begroting. Al met al genoeg reden om gewoon vast te houden aan ons gebruikelijke stemadvies voor de vijf partijen, waaronder ook GroenLinks.’
Ook het Coordinatie-orgaan Samenwerkende Ouderen (CSO) heeft geen goed woord over voor de ouderenpartijen. Het CSO weigert, evenals de bonden, de ouderenpartijen serieus te nemen. 'Wij zijn voor een brede politiek en niet voor slechts de behartiging van deelbelangen, al gaat het in dit geval om ouderen’, zegt woordvoerster M. van der Palen van het CSO. 'Ik vind dat geen juiste manier van politiek bedrijven. Ons standpunt is al jaren hetzelfde: wij zorgen dat de politiek onze ideeen meeneemt, daarvoor hoeven we niet zelf in de Kamer te zitten. Wij doen het op onze eigen manier en zijn niet van plan dat nu ineens te veranderen. Die ouderenpartijen stellen geen moer voor, we hebben ze in het verleden al vaker zien gaan en komen. Het CSO is geenszins van plan samen te werken met de ouderenpartijen, hoe graag ze ook met ons in zee willen. Logisch als je bedenkt dat wij de know how bezitten.’
Jan Lakeman van de Anbo wil met enige goede wil nog wel een positief effect erkennen in de opkomst van de ouderenpartijen. 'De politiek heeft ons als ouderenbonden nooit echt serieus genomen. Daar komt nu ineens verandering in. Ze zien dat de ouderenpartijen het goed doen bij de kiezers en komen nu bij ons voor de nodige ruggespraak. In die zin heeft het succes van de ouderenpartijen een positieve afstraling op ons. De regering wil nu ineens maar al te graag met ons in conclaaf.’
Volgens Alie Slagt (74), die zichzelf om schrijft als een 'progressieve oudere’, is de afwijzende houding van de bonden simpel te verklaren. 'De besturen van de ouderenbonden zijn over het algemeen gelieerd aan de politieke partijen en zij zullen ten allen tijde de belangen van die partijen verdedigen. Zo hebben de Protestants-Christelijke Ouderen Bond (PCOB) en de KBO bijvoorbeeld een grote belangenverstrengeling met het CDA. Maar ik denk ook dat de ouderenbonden bang zijn hun relatief sterke positie te verliezen. Ze denken misschien dat als er ouderen in de Tweede Kamer terechtkomen, er minder naar de bonden zal worden geluisterd. Eigenlijk zijn ze dus bang voor concurrentie.’
Nee, zelf zal Alie Slagt niet op een van de twee ouderenpartijen stemmen. 'Ik geloof dat zo'n partij niet veel zoden aan de dijk zet. De oudere bestaat niet, net zomin als de vrouw bestaat of de jongere, dus hoe kan zo'n partij onze belangen behartigen? Bovendien zou ik nooit op een conservatieve partij stemmen, ook al maken ze zich hard voor de belangen van ouderen. Ik denk dat ouderen zich beter kunnen aansluiten bij de werkgroep ouderen in de partij van hun keuze, of bij de bonden. Ik denk dat die uiteindelijk meer invloed kunnen hebben dan die paar ouderen in de Kamer, die toch maar een beperkte groep mensen vertegenwoordigen.’
Volgens de meest recente opiniepeilingen kunnen de 'grijze engelen der wrake’, met hun beloften een stokje te zullen steken voor de serie bezuinigingen op ouderenvoorzieningen, rekenen op minimaal vijf kamerzetels. Daar schrokken de gevestigde partijen wel even van. 'Ik zie het als een signaal dat ouderen in deze tijd niet tevreden zijn en zich op deze manier emanciperen’, zegt campagneleider Cees Bremmer van het CDA. 'Het is een signaal dat wij moeten oppikken. Toch is het niet nodig dat ouderen zich afsplitsen in een aparte partij. De meeste politieke partijen hebben afdelingen voor ouderen, waar ze zich heel nuttig in kunnen maken. Dat zou volgens mij op de lange termijn ook veel meer uithalen.’
Ondanks alle tegenstand heeft het AOV het tijdens de gemeenteverkiezingen niet slecht gedaan. In Eindhoven behaalde de partij vijf zetels (13,6 procent van de stemmen). Lijsttrekker van het AOV is Jet Nijpels-Henzemans (ja, familie van Ed: zijn schoonzus), 46 lentes en in het geheel niet grijs. Ze is afkomstig uit de VVD-fractie van de gemeente Eindhoven en voelt 'een soort bevlogenheid voor mensen die het minder hebben’, ook al zit ze er zelf tamelijk warmpjes bij in haar ruime villa. Vanwege een ruzie met haar fractie en omdat AOV-oprichter Martin Batenburg het haar vroeg, besloot ze zich voortaan in te zetten voor de seniore medemens. De vraag naar de specifieke manier waarop ouderen politiek bedrijven weet Nijpels-Henzemans rap te beantwoorden. 'Ouderen passen heel goed in de politiek, omdat ze al lang geen carriere meer hoeven te maken. Ze zitten dus niet op een post omdat ze per se burgemeester willen worden, maar omdat ze echt iets voor de mensen willen doen. Bovendien zullen ouderen gefundeerder na denken, hun standpunten zorgvuldig afwegen en niet meteen een mening klaar hebben. Zaken als oorlog, crisis en wederop bouw, die jongeren alleen maar uit boeken kennen, hebben zij in werkelijkheid meegemaakt. Uit die schat aan ervaring kunnen zij putten in hun politieke loopbaan.’
Dat de bonden zo veel kritiek hebben op de ouderenpartijen kan Nijpels-Henzemans niet goed begrijpen. Zelf hoopt ze nog steeds op een vorm van samenwerking en had ze graag bondsmensen op de AOV-lijst gehad. 'Helaas dringt het niet tot de bonden door dat onze standpunten onder de mensen leven en dat wij geen concurrentie zijn, maar juist een aanvulling’, zegt de lijsttrekker. 'De bonden geloven nog steeds niet in het belang van een politieke partij voor ouderen. Daarvoor zien ze zichzelf teveel als een soort politieke organisatie, met goede contacten in Den Haag. Toch blijkt keer op keer dat zij niks bereiken, dat de situatie voor ouderen alleen maar slechter wordt. Daarom is het tijd om de belangen van ouderen rechtstreeks te vertegenwoordigen, dus om zelf mee te praten in de Tweede Kamer.’
Ook Nijpels-Henzemans wijst erop dat er in het hoofdbestuur van de bonden veel mensen zitten die uit de PvdA (Anbo) of uit het CDA (PCOB) afkomstig zijn. Volgens haar is dat de belangrijkste reden dat de bonden het AOV negeren. 'Je hebt te maken met partijbonzen, die gaan geen stem advies voor onze partij geven.’ Ja, het AOV voelt zich miskend door het CSO en de bonden. Nijpels-Henzemans: 'Op de grote ouderenmanifestatie van het CSO in Eind hoven vorige week kregen we geen spreektijd. Bovendien geeft de Anbo ons telefoonnummer niet door als ouderen daarom vragen.’ Dat blijkt mee te vallen, navraag leert dat de Anbo dat wel degelijk doet.
Dat het contact met de oude renbonden zo slecht is, stoort ook de heer E. Noordman (65), bestuurslid van de Unie 55+, door een lijstverbinding de tijdelijke bondgenoot van het AOV. Evenmin als mevrouw Nijpel-Henze man begrijpt Noordman wat nu eigenlijk het probleem is van de bonden. 'Onze visies lopen volkomen parallel, alleen de uitvoering is anders. We zouden de handen in elkaar moeten slaan in plaats van ons te verdelen. Dat werkt alleen maar averechts.’ Het gaat hem erom de 'positieve denkwijze’ weer in de politiek terug te brengen, zodat de landelijke politiek wordt gezien als een 'groot gezin’ waarin ieder een eigen inbreng en mening mag hebben.
Ook AOV-grondlegger Martin Batenburg (75) heeft het voortdurend over deze 'positieve gedachte’. Hij verlangt naar een samenleving met respect en waardering voor ouderen en begrijpt niet waarom mensen elkaar zo negatief benaderen. 'Van begin af aan was er veel onwil bij de politiek en de bonden’, zegt Batenburg. En daar niet alleen. Het toppunt vond Batenburg zijn op treden in het Vara-radioprogramma Spijkers met koppen. Daar werd het AOV geintroduceerd als 'een stelletje ouwe lullen’. Hij is er nog naar van, zoveel minachting als daar uit sprak. De mensen die op het AOV stem men, zijn volgens Batenburg allemaal men sen die genoeg hebben van de 'negatieve manier van politiek bedrijven’.