Nader bekeken

Over de dood gesproken

Walter van der Kooi ziet veel meer dan alleen dat waarover hij in zijn wekelijkse kroniek schrijft. Deze week: Kwartslag en Kijken in de Ziel.

Medium maxresdefault
Saving Private Ryan

Kleinzoon van dertien had zijn eerste begrafenis: de vader van een dierbare oom, die hij een enkele keer ontmoet had. ‘Dat doen we dus nooit meer’, was zijn grijnzende conclusie, in het midden latend of hij het verdomde op mijn crematie te verschijnen of ervan uitging dat ik het fatsoen had minstens 110 te worden. Want de toespraak van oom, diens emoties en die van zijn eigen ouders hadden erin gehakt. ‘En dan ook nog die pianomuziek’, zei hij enigszins verontwaardigd: ‘Dan breek je toch helemaal.’ Wat ik wel weer positief vond, want hij is geheel in Broederliefde en verwante Amerikaanse zwarte muziek en heeft zelfs zijn gitaar aan de wilgen gehangen omdat muziekinstrumenten in die hoek helemaal ‘uit’ zijn (nou ja, school en voetbal eisten ook te veel tijd).

En zo kwam het gesprek op ons aller verhouding tot de dood. Zijn oudste zus is er laconiek over (die studeert verpleegkunde), voor de jongere zus was het besef van sterfelijkheid een diepe schok waarvan de echo nooit helemaal is verdwenen. Mijn vrouw herkent dat al te goed en stomtoevallig hadden zij en ik een paar dagen eerder die mooie documentaire van Robert B. Weide over en met Woody Allen herzien (door de VPRO in 2012 uitgezonden, recent bij Canvas), die in woord en filmfragment, geestig maar bloedserieus, duidelijk maakt dat het schokkende kinderinzicht in de eindigheid zijn levensgevoel en -wijze voorgoed bepaalde. Zelf behoor ik niet zozeer tot de ontkenners als wel tot de verdringers, al denk ik dat die twee naaste familie zijn. Ik voelde me in die onbewuste houding recent zowel gesteund als gekritiseerd door Kwartslag van Human. Daarin zien we registraties van korte lezingen waarin iemand aan een klein publiek vertelt welke denker (filosoof, kunstenaar, schrijver, wetenschapper) ‘zijn of haar blik op de wereld voor altijd gekanteld heeft’. Ik noemde hier al eerder Niña Weijers over Virginia Woolf en Karim Benammar over Albert Camus. Voorafgaand aan de registratie is er steeds een korte inleiding door huisfilosoof Alain de Botton. Ik ben niet zo in De Botton, maar hier had hij me meteen: de dood mag onvermijdbaar feit zijn, maar dat is wel ondraaglijk. Te vaak wordt het ontkennen van de dood ‘als een vermijdbare fout gezien’ terwijl het juist ‘bijna noodzaak’ is om te kunnen leven.

En toen volgde de lezing van viroloog (en veel meer) Jaap Goudsmit. ‘Omgaan met sterfelijkheid, kan een schilderij je dat leren?’ Het bleek om drie zeventiende-eeuwse schilderijen te gaan: een Vanitas van Maria van Oosterwijck uit 1668, waarin veel symbolen van vergankelijkheid, van de recht-voor-zijn-raap-schedel tot het veel subtielere muziekinstrument (klank is immers tijdelijk), plus een minuscuul zelfportretje in een fles geschilderd; een trompe l’oeil van Norbert Gijsbrechts uit hetzelfde jaar (de geschilderde achterkant van een schilderij: ‘We moeten leren omgaan met leegte’); en een fascinerend dubbelzelfportret van David Bailly: een groot ‘portrait of the artist as a young man’, een soort jeugdfoto, waarbij de jonge Bailly een zelfportret als de oude schilder die hij geworden is in een medaillon in zijn hand houdt. Goudsmit: ‘Je moet al jong nadenken over de vergankelijkheid en betrekkelijkheid van alles.’

Dit curieuze schilderijencollege vormde tegelijk het geraamte (jawel) voor een positief verhaal tegen het doemdenken, waarvan de essentie is ‘het gaat ons, de mensheid, steeds beter’. Lag de gemiddelde sterfleeftijd rond 1850 op veertig jaar, nu is dat tachtig. Wetenschap, vaccinatie, voeding, hygiëne hebben de kindersterfte sterk teruggedrongen. Met, als negatief bij-effect, dat ziekte en sterven in onze ogen tot onrecht zijn geworden. Wat zelfs bij een maximale levensduur van 115 jaar dus onzin is. Verdring niet, maar accepteer, was Goudsmits boodschap aan mij. En u. En hij sloot af, ik verzin dit niet, met Woody Allen in zijn nieuwste film Café Society: ‘Leef elke dag alsof het je laatste is; en op een dag is dat zo.’

Waarom is humor uitgevonden? Omdat het leven ondraaglijk is door de dood en nog ondraaglijker als die er niet zou zijn. En zo laat ik me toch maar troosten door zowel De Botton als Goudsmit als diens schilders en hun kunst als door Allen en diens werk, al liggen die dan bepaald niet allemaal op één lijn.

Over de dood gesproken: kijk vooral naar Kijken in de ziel, afdeling militairen, aflevering Sneuvelen voor je vak. Naar aanleiding van de openingsscène van Saving Private Ryan, waarin op het strand van Normandië zeventig tot tachtig procent van de invasietroepen neergemaaid wordt, stelt een van Verbraaks gesprekspartners dat al die soldaten daar alleen maar konden rennen in de overtuiging dat zij tot de twintig, dertig procent behoorden die zou overleven. Trouwens de hele aflevering is indrukwekkend. Misschien is dit mijn laatste bijdrage aan De Groene. Je weet immers nooit. Maar zo is het niet geschreven. En zo voelt het gelukkig niet.


Kwartslag, Human. De aflevering met Jaap Goudsmit. Alle afleveringen
Kijken in de ziel: Militairen, NTR, zesde en laatste aflevering maandag 28 augustus, NPO 2, 21.10 uur. Voorgaande afleveringen, waaronder Sneuvelen voor je vak