American Sniper, een anti-oorlogs-oorlogsfilm

‘Over onze kills praten we niet’

Een sniper als oorlogsheld staat bijna symbool voor de geur van illegaliteit die de Irak-oorlog steeds heeft omgeven. American Sniper is nu al de succesvolste oorlogsfilm aller tijden.

Medium american sniper

‘Ik weet zeker dat elke persoon die ik heb gedood een slecht mens was. Als ik God onder ogen kom, zijn er veel zaken waarvoor ik verantwoording zal moeten afleggen maar het doden van geen van deze mensen zal daar deel van uitmaken.’ Dit zijn de woorden van een American hero, geuit tegen de bbc. Het heeft lang geduurd, maar eindelijk heeft Amerika zijn held gevonden voor de strijd in Irak (2003-2011), de oorlog die het zo graag leek te willen vergeten.

American Sniper, de verfilming door regisseur Clint Eastwood van de oorlogsmemoires van Chris Kyle, trekt momenteel volle zalen. Vooral in de Verenigde Staten, maar ook daarbuiten. Kyle is een sniper met 160 ‘officiële’ doden op zijn naam. Meer dan welke andere Amerikaanse militair dan ook. Van de 255 dodelijke slachtoffers die hij volgens zijn eigen scherpschutters-logboek maakte, werden die 160 bevestigd door andere bronnen. Kyle werd in 2013 samen met een vriend doodgeschoten door een Irak-veteraan met een posttraumatische stress-stoornis (ptss) op een schietbaan in Texas. Begin deze maand eerde Texas zijn beroemde inwoner door te verklaren dat de tweede dag van februari voortaan ‘Chris Kyle’-dag zou zijn.

Voor zijn overlijden publiceerde Kyle een autobiografie over zijn tijd in Irak. Het boek werd een bestseller, maar zijn cultstatus als oorlogsheld verkreeg hij pas met de verfilming ervan. American Sniper ging op 25 december – Kerstdag – in première. Uitverkochte theaters leverden tot vlak voor de Oscar-uitreiking 320 miljoen dollar op in de VS, en daarbuiten 108 miljoen. Daarmee is American Sniper nu al de succesvolste oorlogsfilm aller tijden.

Kyle groeide op in Texas, waar zijn vader hem geregeld meenam op de jacht en leerde met één schot een hert te doden. Hij was een tijdje cowboy, waarna hij zich aanmeldde voor de Navy SEALs: special forces getraind voor ‘Sea Air Land’-operaties – beroemd wegens het doden van al-Qaeda-leider Osama bin Laden. (Dat was Team 6, Kyle maakte deel uit van Team 3.) Na het verschijnen van zijn memoires kwam hij veel in de pers, een echte Texaan, met een rossige baard en een onafscheidelijke baseballcap.

In de film doodt hij vanuit verdekte posities met een vérdragend scherpschuttersgeweer gewapende Irakezen die het op Amerikaanse militairen gemunt lijken te hebben. Ook als dat vrouwen of kinderen zijn. Daarmee handelde hij volgens zijn orders.

Een sniper als oorlogsheld. Het is bijna symbool voor de geur van illegaliteit die de Irak-oorlog steeds heeft omgeven. Sluipschutters werden ze genoemd voor de veramerikanisering van het oorlogsjargon: laffe, stiekeme schutters zonder moraal. Nog altijd zijn ze gehaat door de tegenstander, wegens hun dodelijkheid. Maar door de eigen troepen worden ze op handen gedragen. Ook in Nederland.

‘Het is onze taak de manschappen te beschermen tegen gevaren die ze zelf niet kunnen zien’, vertelden een Nederlandse sniper en zijn spotter me tijdens de missie in Uruzgan. Samen vormden zij het sniper-team van een peloton waarmee ik op een vijf dagen durende patrouille was geweest. Steeds als de commandant een hinderlaag vermoedde, sprong het sniper-team uit de Landrover en verdween in de begroeiing, op zoek naar een plek van waaruit ze het terrein konden overzien en dodelijke schoten konden lossen met hun Accuracy-geweer dat een kilometer ver draagt. De hut waarin ik de mannen interviewde hing vol eerbetonen van manschappen die meenden hun leven aan hen te danken te hebben. ‘Over onze kills praten we niet’, zeiden ze. ‘We kunnen het lang niet altijd zien. Als iemand wegduikt weet je niet of je hem geraakt hebt.’ Ze verwachtten geen psychische problemen. ‘Wij doen niets verkeerd. We beschermen onze kameraden.’

Ook Chris Kyle wordt in de film beschouwd als een held door de mariniers over wie hij waakt. Al snel krijgt hij de bijnaam ‘The Legend’ en doen geruchten de ronde over het enorme aantal kills dat hij op zijn naam heeft. Zelf laat hij zich daar niet over uit. Thomas Ferron III, voorzitter van de Amerikaanse vereniging van mariniers-snipers, die zelf in Vietnam vocht, deed dat wel in de documentaire One Shot One Kill. ‘Het is iets heel persoonlijks. Wij bepalen op welk moment we het leven van iemand beëindigen die we al een tijdje in het vizier hebben. Met mijn spotter besloot ik eens om een militair die ons doelwit was eerst zijn lunch te laten beëindigen. Daarna schakelden we hem uit. Jij bepaalt waar en wanneer je iemands leven beëindigt. Niet iedereen kan dat aan.’

Kyle kon het. De film behandelt zijn definitieve terugkeer na vier uitzendingen. Hij valt niet ten prooi aan ptss. De wroeging die hij heeft gaat over de levens van Amerikaanse mariniers die hij niet heeft kunnen redden. Zijn vrouw dreigt hem te verlaten, maar uiteindelijk wordt hij weer een liefhebbende vader.

Medium american sniper2high

Het succes van American Sniper komt waarschijnlijk doordat het een heel ‘kleine’ film is. Het is het verhaal van een simpele militair die zonder twijfels vecht omdat het zijn beroep is. Hij noemt Irakezen ‘wilden’ en blijft geloven dat de oorlog ergens goed voor is. In feite vertelt American Sniper het verhaal van de meeste militairen. In Irak patrouilleerde ik met een Amerikaanse National Guard-eenheid uit Georgia. Zij noemden Irakezen ‘niggers’. Ook de Nederlandse manschappen met wie ik in Uruzgan optrok hadden doorgaans geen goed woord over voor de Afghanen, die ze officieel ‘veiligheid en stabiliteit’ moesten bieden. Met velen van hen heb ik nog steeds contact, enkelen hebben ptss en zijn er niet best aan toe, maar de meerderheid heeft zich weer kunnen aanpassen aan de verschrikkelijke vrede thuis.

‘Ik liet eens een militair die ons doelwit was eerst zijn lunch beëindigen. Daarna schakelden we hem uit’

Het inzoomen op de belevingswereld van de strijder maakt de film in de ogen van een heel leger van commentatoren ‘beperkt’ of zelfs ‘waardeloos’. Tientallen artikelen verschenen waarin de film verguisd werd. De reden: regisseur Clint Eastwood en scenarioschrijver Jason Hall lieten de politieke ontwikkelingen rond de oorlog links liggen. In zijn memoires deed Kyle dat eveneens. De tienduizenden Amerikaanse bioscoopbezoekers krijgen niets mee van de massavernietigingswapens die de oorlog moesten rechtvaardigen, maar er niet waren. De beloofde terreurdreiging bleek er evenmin. Al-Qaeda kreeg met Al-Zarqawi’s beruchte terreurgroep (die een rol speelt in de film) pas voet aan de grond toen de Amerikanen Irak al lang en breed waren binnengevallen. Inmiddels weten we dat de uiterst wrede Zarqawi voorloper was van Al-Bagdadi’s Islamitische Staat. En dat de Amerikaanse ontwrichting van Irak zorgde voor een stroom van jihadstrijders naar Syrië en zo een cruciale factor werd in het ontstaan van het onoverzienbare conflict in dat land, dat bezig is diepe wonden te slaan in de prille 21ste eeuw.

Die omissies zijn ingewikkeld voor wie weet wat voor ramp de Irak-oorlog werkelijk was. ‘Het is geen film over de Irak-oorlog’, verklaarde Bradley Cooper, die Kyle vertolkt en de film eveneens produceerde. ‘Het is een film over wat een militair als Chris doormaakt. De dilemma’s en de horrors, de interne strijd en de worsteling met zijn gezin.’ Volgens Clint Eastwood is American Sniper zelfs ‘een anti-oorlogsfilm’. Criticasters nemen daar geen genoegen mee. Een boze ex-Irak-ganger eveneens sniper, die zich verraden voelt wegens de leugens over de oorlog, noemde op salon.com het blikveld van Eastwood en Hall ‘net zo smal als dat door het vizier op een scherpschuttersgeweer’.

Van Eastwood weten we echter dat zijn blik een stuk breder is. De vele criticasters van American Sniper noemen grif zijn rechtser-dan-rechtsheid. Eastwood vindt president Obama een ramp voor het land en de Republikeinen te soft om nog op te kunnen stemmen. Maar wat niet wordt opgetekend, is dat Eastwood eerder juist liet zien letterlijk verschillende kanten van een oorlog te kunnen en durven belichten. Hij maakte in 2006 Flag of Our Fathers, waarin hij de Amerikaanse kant van de bittere strijd tegen de Japanners op Iwo Jima vertolkte. Datzelfde jaar bracht hij Letters from Iwo Jima uit, waarin de strijd wordt gezien door de ogen van de Japanners. Vooral die laatste film werd juichend door de recensenten ontvangen. Maar conservatieven moesten er niets van hebben, met name omdat Eastwood had verklaard dat de Japanse militairen op Iwo Jima ‘net als wij’ waren. ‘Dat zo’n film wordt overladen met prijzen en Oscar-nominaties, en met vele positieve kritieken van The New York Times en de rest van de mainstream media, toont glashelder dat we in een culturele burgeroorlog verwikkeld zijn’, schreef de conservatieve recensent Spencer Warren. ‘Ik beschouw degenen die deze middelmatige, anti-Amerikaanse film hebben omarmd niet als burgers van hetzelfde land.’

Stel je voor dat Eastwood dezelfde truc uithaalt als met Flag of our Fathers en komt met een complementerende film die de oorlog toont door de ogen van Iraakse strijders, en de waarden waar ze voor vochten. De hoofdrolspeler heeft hij al. In American Sniper speelt zich een strijd af tussen Kyle en Mustafa, een Syrische sniper die aan Iraakse kant vecht. Het zou een geweldige stunt zijn en kunnen leiden tot vruchtbare discussies.

Ook zonder tegenhanger leidde American Sniper in mijn appartement in Delhi tot interessante woordenwisselingen. Mijn medekijker was een schrijfster die vindt dat makers (schrijvers, kunstenaars, regisseurs) losstaan van de geldende moraal. Onze conversatie na een scène waarin Kyle uitroept tegen een SEAL-kameraad die over de rechtvaardigheid van de oorlog twijfelt: ‘Wil je dan dat ze straks bij ons thuis aanslagen gaan plegen?’

Ik: ‘Het gaat wel ver hoor. Er was helemaal geen terreurdreiging vanuit Irak vóór de oorlog. Zo praat de regisseur de invasie goed.’

Zij: ‘Nee, dit zegt zijn personage. De regisseur is niet verantwoordelijk voor hoe mensen zijn film zien.’

Ik: ‘Maar Clint Eastwood is wereldberoemd. Hij kan het beeld van de Irak-oorlog beïnvloeden. Net als gebeurde met Vietnam-films. Dan heeft hij toch de verantwoordelijkheid om niet eenzijdig te zijn?’

Zij: ‘Ik zie een heel andere film. Ik zie het verhaal van een worstelende militair. Hij had overal kunnen vechten.’

Een culture war vanaf de canapé. We beëindigden de gevechtshandelingen ieder zonder een millimeter terreinwinst. De visies zijn onverenigbaar: de maker als kunstenaar tegenover de maker als aanjager van de publieke opinie. Alleen al wegens zulke ideeënwisselingen is American Sniper het kijken waard.


Lees ook Gawie Keyser over American Sniper in de Kroniek van Kunst Cultuur. American Sniper draait vanaf 5 maart in de bioscopen.


Beeld: (1 & 2) Bradley Cooper als Chris Kyle in American Sniper (Waner Bros.).