Economie

#panama-papers

Weer heeft het onvolprezen International Consortium of Investigative Journalists (ICIJ) de hand weten te leggen op smoezelige belastingdocumenten.

Na #offshoreleaks, #luxleaks en #swissleaks zijn er nu de #panamapapers. Ze bieden ons, brave burgers, een onthutsend kijkje in de verderfelijke belastingmoraal van de rijken, geprivilegieerden en groten. Driewerf lof. Want het zijn dit soort onthullingen die aantonen dat de groeiende populistische afkeer van de elite volkomen terecht is.

Het beeld dat uit deze documenten opdoemt is er namelijk een van een wereldomspannende exploitatiemachine die de rijken bevoordeelt en jan modaal het nakijken geeft. Terwijl gewone burgers bij wijze van spreken een halve werkweek ‘in overheidsdienst’ zijn om bij te dragen aan infrastructuur, rechtszekerheid, veiligheid, onderwijs en gezondheidszorg doen de voornaamste profiteurs ervan – het grootbedrijf, zijn bovenbazen en hun diefjesmaten – hun stinkende best om ons met de rekening ervoor op te zadelen. Zij de lusten, wij de lasten. Het is de definitie van parasitisme. Vind je het vreemd dat er al anderhalf decennium een electorale revolte sluimert die wacht op ontbranding. Maakt niet uit waaraan: vluchtelingen, een gemiste terreurwaarschuwing, een associatieverdrag, of, in 2017, reguliere verkiezingen.

Minstens zo stuitend is de medeplichtigheid van in-en-in keurige beroepsgroepen als advocaten, fiscalisten, accountants en bankiers aan deze roofoverval op burgers bij klaarlichte dag. #Luxleaks onthulde de belastingafspraken van de Luxemburgse vestiging van PwC. #Swissleaks legde de offshore bankrekeningen bloot van HSBC. Terwijl de #panamapapers zijn gebaseerd op documenten afkomstig van Mossack Fonseca, een Panamees advocatenkantoor met vestigingen wereldwijd.

Als gelicentieerde beroepsgroepen danken zij hun monopolies aan de staat: alleen een advocaat mag jou juridisch representeren, alleen een bank mag jou krediet verstrekken, en alleen een accountant mag zijn handtekening onder jouw jaarverslag zetten. In ruil daarvoor ontvingen zij vroeger een goed maar niet spectaculair salaris en werd van hen verwacht dat zij bij het uitvoeren van hun wettelijk verankerde taak publieke belangen lieten prevaleren boven het commerciële belang van de cliënt, en zeker dat van de eigen beroepspraktijk.

VVD, CDA en PvdA hebben duimendik boter op het hoofd

Dat sociale contract is al lang verleden tijd. Twee weken geleden legde de AFM voor ruim zes miljoen euro boetes op aan Deloitte, EY, PwC en KPMG voor overtredingen van de eigen beroepsregels. Commerciële advocatenkantoren kennen al langer een cultuur waarin doelbewust de grenzen van de wet worden opgezocht en het maximaliseren van declareerbare uren belangrijker is dan zoiets oubolligs als zorg voor de integriteit van de rechtsstaat. Om over fiscalisten, die überhaupt geen moraal boven de wet erkennen en er dus geen been in zien om op industriële schaal belastingontwijking te faciliteren, maar te zwijgen. Ondertussen schuift het steeds beter. De gemiddelde fiscalist beurt een miljoen euro per jaar. En bij de grote advocatenkantoren geldt voor partners hetzelfde.

Nog stuitender is de politieke bescherming die deze professionals genieten. VVD, CDA en PvdA hebben natuurlijk alledrie duimendik boter op het hoofd als het gaat om belastingontwijking. Van werkgeverspartij VVD verwacht je niet anders. Van de christen-democraten wel. Jezus leerde immers dat de goede christen de keizer moest geven wat des keizers was. Met prominente CDA’ers als Balkenende en Marnix van Rij hoog in de boom bij EY zit dat er even niet in. Het hoogst zijn de verwachtingen bij de PvdA, al is het maar vanwege de emancipatoire pretenties.

Januari 2013 dient de PVV een motie in die het kabinet oproept om de associatie van Nederland met ‘belastingparadijs’ actief te bestrijden. Ed Groot van de PvdA stemt voor en verdedigt een week later zijn beslissing in Het Parool. Mei 2014 roept de Kamer minister Timmermans op het matje vanwege berichten dat de Nederlandse ambassade in Kiev avondjes organiseert om Oekraïense oligarchen te verleiden voortaan via Nederland hun belasting te ontwijken. De sociaal-democraat wuift de kritiek weg met een beroep op werkgelegenheid: ‘Ons land is voor veel investeerders aantrekkelijk. Ik wil die kans op werkgelegenheid in Nederland niet tenietdoen.’ Maart 2016 gaat minister Dijsselbloem in discussie met SP’er Arjo Klamer over het referendum over het associatieverdrag met Oekraïne. Klamer brengt in dat het als dekmantel fungeert voor miljarden aan belastingontwijking en dus slecht voor Oekraïense burgers is. Dijsselbloem verschuilt zich regentesk achter zijn zwijgplicht en verwijt Klamer badinerend dat hij niet met zulke overdreven bedragen moet strooien. Ik heb er maar één woord voor: corrupt. Niet in de zin van ‘onrechtmatig’ maar in de klassieke betekenis van ‘verdorven’.

Van mij mag de revolte komen.