21 juni 1919 – 9 april 2013

Paolo Soleri

Als reactie op de eindeloos voortwoekerende Amerikaanse voorsteden ontwierp de stedenbouwkundige Paolo Soleri de utopie Arcosanti in Arizona. Bijna niemand bleef er wonen.

Arcology. Vermoedelijk zullen weinigen hier een samentrekking in gezocht hebben van architectuur en ecologie – je zult eerder de neiging hebben ook een brug te slaan naar archeologie. En in zekere zin klopt dat wel, want de nederzetting Arcosanti in de woestijn van Arizona heeft veel weg van een opgegraven stad. Een stad die je in Yucatan zou kunnen tegenkomen, of een eigentijds Machupichu. Arcology en Arcosanti horen bij de op 9 april overleden architect/steden­bouwkundige Paolo Soleri. Wat Soleri heeft nagelaten is een vorm van utopische steden­bouw die typerend is voor de jaren zestig en zeventig. Maar daarover zo meteen meer.

Hij werd geboren in Turijn, studeerde daar polytechniek en vertrok na zijn afstuderen in 1946 naar de Verenigde Staten waar hij ‘discipel’ werd van Frank Lloyd Wright. Niet de slechtste om een carrière bij te beginnen. Bij Wright maakte hij kennis met zijn Taliesin West-­project, ook in de woestijn bij Phoenix Arizona en bedoeld als atelier/werkplaats met de voor Wright kenmerkende haard als middelpunt. Van Wright leerde Soleri klaarblijkelijk het begrip ‘shelter’. In de soms barre klimatologische omstandigheden van de Verenigde Staten moet je kunnen schuilen, bij voorkeur onder een ver uitstekend dak en voor het haardvuur.

Taliesin West is een woonwerkgemeenschap avant la lettre. Wright runde er een tekenzaal. Dit moet Soleri op het idee gebracht hebben van een nieuwe stad in afzondering die, lang voordat het populair was, zichzelf kon bedruipen. Energie opwekken in de zomer, die vervolgens verbruiken in de winter; huizen die gericht zijn op de zon en muren die dik genoeg zijn om koelte te garanderen in de zomer en beschutting in de winter. Soleri wilde hiermee reageren op de sprawl, de eindeloos voortwoekerende voorsteden in Amerika. Niet onbegrijpelijk: de naoorlogse steden­bouw dwingt de suburbian de auto in, zelfs om een pakje sigaretten te kopen. Het heeft de VS tot het meest energieverslindende land ter wereld gemaakt. Soleri’s initiatief moet je dan ook omarmen. Zijn pleidooi luidde kortweg: de hoogte in, niet de breedte. Het spreekt vanzelf dat in dit Arcosanti-utopia voetpaden in plaats van snelwegen de verkeerskundige schakels vormden. In 1976 omschreef Newsweek Arcosanti als het belangrijkste stedelijke experiment in onze tijd. Maar ja, toen ging Soleri nog uit van vijfduizend inwoners die het woestijnklimaat durfden te trotseren.

Dat zegt wat. Bij het kijken naar de beelden van Arcosanti moest ik onmiddellijk denken aan Gaudí die zijn idealen uithouwde in beton en verfraaide met tegels. Net als Soleri zocht Gaudí de oplossing in de hoogte, met name in de Sagrada Família die nu op een monsterlijke manier wordt voltooid. Utopieën, dat is de les, moeten onaf blijven; niks is mooier dan de fantasie van hoe het had kunnen zijn. Goddank is Arcosanti onvoltooid gebleven en, prettig genoeg, in verval.

De drijfveren van Soleri kunnen we alleen begrijpen als we teruggaan naar de jaren zestig en zeventig, de periode waarin architecten onbekommerd een utopie konden koesteren en soms ook verwezenlijken. Le Corbusier legde in 1924 de basis voor de utopische stad met de Ville Radieuse die hij in de oorlogsjaren wilde realiseren in Algerije. Het echte concrete utopia kwam tot leven in Brasilia, de nieuwe hoofdstad van Brazilië, door de recent overleden Oscar Niemeyer. Le Corbusier kon alleen delen van zijn idealen uitvoeren, van Marseille tot New Delhi.

Nederland kent eveneens visionaire architecten. Ik beperk me tot Constant met zijn Nieuw Babylon, dat beperkt is gebleven tot verbluffende maquettes en tekeningen, en Piet Blom die er met zijn Kasbah-complex in Hengelo wel in slaagde een nieuwe gemeenschap vorm te geven. Het idee achter dergelijke hemel­bestormende planologie/architectuur is betrekkelijk eenvoudig. De planoloog wil de menselijke maat eerbiedigen, stelt de gemeenschap boven het individu en het milieu boven het kapitalisme (lees: alles wat de mens zou kunnen schaden, zoals competitie en winstbejag). Ja, ook Amsterdam heeft een Arcosanti: in de jaren tachtig werd na veel voorwerk (en vooral veel inspraak) het Vierwindenhuis van Fons Elders in gebruik genomen, een leef- en werk­gemeenschap op het Oostenburgereiland. Eerlijk zullen wij alles delen, zowel ruimtes en goederen als vrienden en vriendinnen, dat was het gebod.

Soleri keerde eenmaal terug naar Italië waar hij in Vietri sul Mare, ten zuiden van Napels, een sculpturale aardewerkfabriek ontwierp, die, o ironie, is beïnvloed door Gaudí’s Sagrada Família. De gevel volgt de natuurlijke welvingen van de nabijgelegen rotskust, de pui golft en steekt uit. De rechte lijn, het _less is more-­_principe, is niet aan Soleri besteed geweest. Ook in Arcosanti zien we gewelven, bogen, steunberen en dat allemaal bekleed met grof beton op de manier waarop leem wordt gekneed.

In 1998 bezocht de net afgestudeerde James McGirk deze utopische oase. Soleri, gelooide huid, bleek een vriendelijke gastheer die niet naliet te vertellen over zijn avontuur in de woestijn. McGirk was teleurgesteld. Van de vijf­duizend gedroomde inwoners waren er slechts zestig mensen gebleven. Veel van de idealen waren niet uitgevoerd, schreef hij in Wired. Hij bleef vijf weken, moest brons gieten, en zag het verval van de eindeloze bogen en steunberen. De geestdrift was ook al weg. Desondanks overwon hij zijn teleurstelling. De oorsprong, het uitgangspunt, was en bleef immers goed: een gemeenschap stichten met hart voor het milieu. Soleri’s visioen, zo besloot hij zijn verslag, komt vroeg of laat uit. Hij was misschien te vroeg. Soleri zal het niet meer meemaken.

Soleri’s pleidooi luidde kortweg: de hoogte in, niet de breedte