Drama: De scheiding als hedendaagse tragedie

Papa-land en mama-land

Léa Drucker als Miriam Besson en Denis Ménochet als Antoine Besson, de ouders van Julien, in Jusqu’à la garde (boven) © September Film Distribution

De jeugdvoorstelling Spijker van de Toneelmakerij, een nieuwe film en een Netflix-serie tonen de grimmige toestand waar een gezin in kan raken na een echtscheiding. ‘Wat zegt je moeder voor lelijks over mij?’

De huiskamer op het toneel is in tweeën gedeeld met een rood-wit politielint. Aan de ene kant van het lint woont de moeder van Spijker, aan de andere kant zijn vader. De ouders van het jongetje zijn uit elkaar, maar twee huizen kunnen ze niet betalen, vandaar. De wc staat op de helft van de moeder, dus daar zijn omgangsregels voor opgesteld. Vader Theo mag drie keer per dag gratis naar de wc, elke keer meer kost hem vijftig cent. Vader heeft de magnetron in beheer, en als hij wil koken op het gasstel van moeder Margreet kan dat voor een euro. Praten over ‘ingewikkelde dingen’ gaat over de telefoon, een afspraak die verstandig lijkt voor ruziënde ex-partners, maar in de praktijk tot hilarische taferelen leidt. ‘Telefonisch, Theo!’ roept Margreet als Theo vanaf zijn woninghelft begint over de verjaardag van Spijker die op een ‘mama-dag’ valt. ‘Je hebt mijn nummer.’ Waarop Theo haar belt, en Margreet, die vlak naast hem staat, vraagt: ‘Met wie spreek ik? Met Theo wie?’

De jeugdvoorstelling Spijker van de Toneelmakerij toont de toestand waar een gezin in raakt na een echtscheiding als een absurdistisch universum. Debbie Korper speelt moeder Margreet met een flinke dosis passieve agressie onder haar opgewekte façade. Roel Adam, tevens de schrijver van het stuk, is een zanikende slampamper die klaagt over de Polen die van hem een werkloze kok hebben gemaakt en uit moedeloosheid alleen nog maar afhaalpizza eet. Hun kinderachtige geharrewar zorgt voor veel plezier onder de toeschouwers vanaf acht jaar. De enige die het niet leuk vindt, is Spijker. ‘Het lijkt hier wel oorlog’, verzucht hij als hij in de eerste scène met zijn Poolse internetvriendinnetje chat. ‘It is is like a war. They are only fighting in my house.’

Phi Nguyen speelt Spijker als een ernstig jongetje dat zich alleen vrij door het huis beweegt als zijn ouders er niet zijn, maar zich in hun bijzijn houdt aan de papa- en mama-dagen aan weerszijden van het afzetlint. Zijn enige ontsnapping binnenshuis is zijn internetvriendinnetje Warrior Six, voor wie hij zich voordoet als een meisje, met een pruik op, lippenstift en de zonnebril van zijn moeder.

De wreedheid van deze zwarte komedie schuilt in de manier waarop de ruziënde ouders hun gedrag goedpraten als hun zoon hen er op aanspreekt. Met een vileine precisie legt Adam hun drogredeneringen bloot, en de slinksheid waarmee ze het kind inzetten om de ander zwart te maken. Spijker: ‘Waarom praten jullie altijd zo lelijk over elkaar?’ Theo: ‘Ik praat helemaal niet lelijk over je moeder.’ En na een korte stilte: ‘Wat zegt je moeder dan voor lelijks over mij?’ Spijker: ‘Ik roddel niet.’ Theo: ‘Nee jij niet, maar je moeder wel.’ Als Spijker bij de zoveelste ruzie kwaad wegloopt, bitst Margreet: ‘Dat krijg je er nou van, Theo!’ Om daarna dramatisch te verzuchten: ‘Voor het kind is het het ergste.’

‘Waarom praten jullie altijd zo lelijk over elkaar?’

Gescheiden ouders zijn in deze tijd een vanzelfsprekendheid, ook in verhalen. Het kerngezin is regelmatig uitgebreid met ex-partners die als co-ouder in beeld blijven, met hun nieuwe geliefden en met stiefkinderen. Soms zorgt dat voor spanning en extra plotcomplicaties, of voor hopeloos gemodder tussen gescheiden ouders dat door de kinderen in de televisiekomedie Soof bijvoorbeeld meewarig wordt bekeken. Een echtscheiding is zo gewoon geworden dat het verrassend is als een verhaal hierop focust, om te laten zien hoe wreed zo’n gezinsscheuring eigenlijk is en hoeveel pijn en verdriet het de betrokkenen kost.

Dat gebeurt momenteel niet alleen in de voorstelling Spijker, maar ook in de Franse film Jusqu’à la garde die vanaf maart in de bioscopen draait, en in de Engelse dramaserie Doctor Foster waarvan het tweede seizoen sinds kort op Netflix staat. Ook in de Russische film Loveless, genomineerd voor een Oscar in de categorie beste buitenlandse film, staat een echtscheiding centraal. Opvallend is dat in al deze verhalen de woede en onmacht van beide (ex-)partners even invoelbaar zijn gemaakt. Tegelijk zijn de ruzies met een demonstratieve precisie neergezet: de verwijten, de beledigingen over en weer, de dreigementen. Pogingen tot verzachting worden afgestraft en roepen een tegenactie op. Een fatale wisselwerking die de kijker uitdaagt én ontmoedigt om partij te kiezen.

De sterke bbc-serie Doctor Foster start vanuit het perspectief van een gelukkig getrouwde huisarts die erachter komt dat haar echtgenoot haar bedriegt, en het lef waarmee ze hem wreekt is aanvankelijk meeslepend: iedereen die ooit bedrogen is, droomt hiervan. Maar in haar verbeten strijd gaat ze zo ver dat de sympathie van de kijker verschuift, en als de kant van de echtgenoot ruimte krijgt, begrijp je waarom hij terugslaat.

Het kil makende, realistische drama Jusqu’à la garde van schrijver en regisseur Xavier Legrand begint bij de rechter van de voogdijzaak waarin een moeder het ouderlijk gezag eist omdat de vader gewelddadig zou zijn. Samen met de rechter zie je de ouders voor het eerst, en luister je naar de pleidooien van hun advocaten. Die staan zo lijnrecht tegenover elkaar dat de rechter alleen maar kan verzuchten dat een van beide ouders liegt. De film geeft geen uitsluitsel over de waarheid. Wel zie je de explosieve vader steeds agressiever worden. Maar de moeder gooit olie op het vuur doordat ze hun zoon, in een voorschot op de uitspraak, krampachtig van hem weg probeert te houden. Zowel Legrand als Mike Bartlett, de schrijver van Doctor Foster, refereert aan de drama’s uit de Griekse oudheid: het scheidingsdrama als hedendaagse tragedie.

Medium spijker 01   sanne peper
Phi Nguyen als Spijker in de gelijknamige voorstelling van de Toneelmakerij © Sanne Peper
‘Ik praat helemaal niet lelijk over je moeder’

Opvallend is ook dat de makers van deze verhalen de vertelperspectieven van de twee ouders hebben aangevuld met een derde: dat van het kind. In Kramer vs. Kramer, de film die in 1979 voor het eerst liet zien hoe twee geliefden verstrikt raken in het drama van een scheiding, is hun jonge zoontje alleen op het tweede plan aanwezig. In deze nieuwe echtscheidingsdrama’s beleef je de gevechten óók via een jongen die oud genoeg is om alles mee te krijgen, maar niet om zich eraan te onttrekken. De twaalfjarige Julien heeft in Jusqu’à la garde een zus van bijna achttien die geen speelbal is in de strijd om de voogdij en de steun van haar vriendje heeft. Hij zit in z’n eentje tussen een razende vader en een doodsbange moeder die allebei aan hem trekken, verzint leugens om hen uit elkaar te houden en ziet alles verergeren als die uitkomen. Close-ups van het gezicht van het blonde acteurtje, waarop angst en opluchting, boosheid en verdriet elkaar afwisselen, vormen het emotionele zwaartepunt van deze film.

‘Voor het kind is het het ergste.’ Net als Spijker tonen Jusqu’à la garde en Doctor Foster ouders die intelligent genoeg zijn om te weten dat hun kinderen lijden, maar dit pijnlijke besef juist aangrijpen om de schuld buiten zichzelf te leggen. (Onder hoogopgeleiden neemt het aantal vechtscheidingen toe, meldde een recent nieuwsbericht.) Ze proberen hun kind heldhaftig tegen hun foute vader of moeder te beschermen, maar zien niet in wat ze daarmee aanrichten. Als Tom, die in het eerste seizoen van Doctor Foster elf jaar is en in het tweede vijftien, niet naar het huwelijksfeest van zijn vader wil, kijkt zijn moeder hem begrijpend aan en zegt: ‘Dankjewel.’ Als hij toch maar gaat, zegt ze hem liefdevol dat hij niet lang hoeft te blijven. Begrip is hier het masker van een concurrentiestrijd, en aan de reactie van Tom zien we dat hij dit doorheeft. De moeder van Julien beschermt hem tegen zijn explosieve vader, maar noemt deze steevast ‘l’Autre’, de Ander. Een uiting van de vervreemding die optreedt als je degene die jou het meest nabij is plotseling niet meer herkent. Maar die omslag van de liefste naar de wreedste is voor een betrokken kind onbegrijpelijk en schokkend. Spijker: ‘Waarom zeg je altijd “je moeder” als je het over mama hebt?’

Wat deze verhalen laten zien is de verblinding die optreedt als ex-geliefden tegenover elkaar komen te staan: liefde maakt even blind als haat. ‘Je kunt het vergelijken met een psychose’, zei een vrouw die haar gezin plotseling verliet voor een nieuwe liefde in de documentaire Verlaten die de nps onlangs uitzond. De kinderen raken in deze verblinding uit beeld. ‘Ik ben een onzichtbaar kind’, roept Spijker in de voorstelling van de Toneelmakerij, terwijl hij naar de opgedeelde woning wijst. ‘Dit is papa-land. Dat is mama-land. En waar is mijn land?’

De Russische film Loveless begint met een jongetje dat van school naar huis loopt. Onderweg vindt hij in het bos een stuk rood-wit politielint, waar hij even mee speelt. Thuis zijn we bij hem in zijn kamer, terwijl we zijn ouders die gaan scheiden horen schreeuwen. De jongen pakt zijn rugzak en gaat ervandoor. De zoektocht naar hun kind brengt de ouders weer in gesprek met elkaar, maar het is te laat: het kind is verdwenen. Het laatste beeld van de film is het politielint dat aan een boomtak hangt.

In de woning van Spijker verdwijnt het afzetlint uiteindelijk. Zijn Poolse internetvriendinnetje Zoya komt hem helpen, omdat ze de ‘oorlog in Amsterdam’ met eigen ogen wil zien. Ze spreekt ‘huwelijk’ uit als ‘gruwelijk’, en ‘gezellig’ als ‘goed zielig’, en bevestigt daarmee de narigheid waar Spijker in leeft. Om de ouders wakker te schudden, wisselen ze van rol: het meisje verkleedt zich als Spijker en hij (met de pruik en de lippenstift van zijn internet-avatar) als het vriendinnetje dat zegt terug naar Polen te gaan. Als Spijkers ouders nog steeds niet willen luisteren, binden de kinderen hen vast met het politielint en spelen hun ruzies na. ‘Je moet vechten’, zegt Zoya, die zich niet voor niks Warrior Six heeft genoemd. Wat er dan gebeurt, toont waar elk kind in zijn situatie van droomt.


Spijker van de Toneelmakerij is tot eind maart op tournee: toneelmakerij.nl. Jusqu’à la garde is vanaf 1 maart in de bioscopen. Doctor Fosteris te zien op Netflix