Kunst: Monira al Qadiri

Parels en olie

Monira al Qadiri, Spectrum I, Van Abbemuseum © Peter Cox / Van Abbemuseum, Eindhoven

Zes sculpturen aan een paarse muur in het Van Abbemuseum glimmen om het hardst. Vreemde schepsels, weerbarstig van vorm met uitsteeksels en inkepingen, ribbels en gaten, verleidelijk als plastic speelgoed. Ze hangen in het daglicht, blauw, groen en paars, elke kleur gevuld met de intense gloed van een ander. Je verwacht ze misschien boven een aanrecht, als een collectie excentrieke puddingvormen of cakeblikken, maar het blijken boorkoppen, onherkenbaar want altijd verborgen onder de grond en in de zee, op zoek naar olie.

Monira al Qadiri is een kunstenaar uit Koeweit die in 1983 werd geboren in Senegal, haar PhD behaalde in Tokio met een onderzoek naar de ‘esthetiek van het verdriet in het Midden-Oosten’ en de afgelopen jaren in Amsterdam aan de Rijksakademie van Beeldende Kunsten verbleef. Tijdens de jaarlijkse open dagen van de academie toverde ze haar studio om tot een Amerikaanse diner, compleet met ketchup en mosterd op de tafels van de booths. Er speelde een verontrustende film, The Craft (2017), sciencefiction over olie en oorlog, gevoed door dromen uit haar jeugd in Koeweit. Ook maakte ze dat jaar een sculptuur van een hamburger die ze liet zweven, symbool voor de sciencefiction in de hele Golf-regio, overspoeld door Amerikaanse cultuur, door conflicten met buren, door een plotselinge rijkdom afkomstig van een zwart goedje diep onder de grond.

De werelden van haar grootouders en haarzelf liggen mijlenver uit elkaar, vertelt ze in een gesprek met Van Abbe-directeur Charles Esche, te zien op een video in het museum. Met de olie ontstond een harde breuklijn in het Koeweitse leven, zowel cultureel als materieel: het bestaan van de Koeweiti’s als parelduikers was in één klap voorbij. Toch vond Al Qadiri een connectie. Zowel het duiken naar parels als het boren naar olie is een vorm van magische kostwinning, een activiteit die zich onder het aardoppervlak afspeelt maar daarboven volledig de dienst uitmaakt. Parels en olie vallen bovendien binnen hetzelfde ‘dichroïsche’ kleurenspectrum, iets met botsende stralen die ze hun meerkleurige glans verlenen. En ze zijn beide verleden tijd. De koppen van Al Qadiri komen uit de 3D-printer, gemaakt dus van olie, maar ook dat tijdperk nadert zijn einde, de boren dan overblijfsels van wéér een verleden.

Ook in Circl.ART, de kunstprojectruimte van ABN Amro op de Zuidas, is momenteel werk van Al Qadiri te zien. Daar stijgen de boorkoppen op, daar zweven de sculpturen letterlijk boven hun voetstuk. Ze draaien rondjes om hun eigen as, in een prachtige opwaartse beweging, zonder ergens te komen. Luchtkastelen, glimmend als nooit tevoren. Op 21 september (19.00 uur) geeft Al Qadiri er de lezing The Petro-Historical Complex, in oktober spreekt ze onder meer in Brussel en New York, daar in het MoMA en het Met.


Monira al Qadiri – Spectrum I, t/m 31 december in het Van Abbemuseum in Eindhoven; vanabbemuseum.nl.

Monira al Qadiri – Reservoir Bits, t/m 22 september bij Circl.ART; Voor performances en lezingen: moniraalqadiri.com