Sport

Paren

‘Korfbalclub Blauw Zwart nieuwe uitdaging voor Enno de Boer’. ‘Herman Kooijenga: “Veel zin in nieuwe uitdaging Forum Sport”.’ ‘Edward Linskens stopt met beheer fanshop. Hij is toe aan een nieuwe uitdaging, zegt hij.’

Dat ze dat doen, die trainers en bobo’s, ergens anders naartoe gaan, daar bemoeien we ons niet mee, dat moeten ze zelf weten. Het gaat ons hier om de ‘nieuwe uitdaging’. Die uitdrukking hoor je vaak, en altijd in die vorm. Bij ‘uitdaging’ hoort ‘nieuw’. Niemand heeft het over een ‘oude uitdaging’, ook al kan die nog zo interessant zijn.

‘Nieuwe uitdaging’ is net zoiets als ‘administratieve rompslomp’. Altijd zijn ze samen, die woorden. Een andere ‘rompslomp’ dan een ‘administratieve’ bestaat niet, althans daar hoor je niemand over. Als we horen ‘percelen’, dan denken we ‘belendende’. Alleen percelen zijn ‘belendend’. Het zijn woorden die onafscheidelijk zijn. Als twee geliefden. Als Tristan en Isolde. Als Jip en Janneke. Als Bassie en Adriaan. Als een echtpaar dat zestig jaar gelukkig getrouwd is: ze horen bij elkaar. Als Meden en Perzen.

Ze dienen als houvast. Voor de onzekere taalgebruiker – en in de sport zijn er veel onzekere, want jonge en niet goed opgeleide taalgebruikers – vormen ze een baken in de woeste jungle die de taal voor ze is. Het zijn rotsen in de woelige branding van de communicatie. Je kunt je niet aan die woorden vergalopperen, want ze kloppen. Geen risico van domme fouten.

Een nadeel van dergelijke woordparen is dat het clichés zijn. Enorme platitudes. Waar een normaal mens normaal gesproken met een grote boog omheen loopt. Ze zijn lelijk, en een beetje vies. Je lijkt een onzekere taalgebruiker als je ze gebruikt. En dat wil je niet.

In de sport maakt dat niets uit. Het sportdiscours is gebouwd op deze rotsvaste, onwrikbare fundamenten. Zonder deze Siamese uitdrukkingen zouden de sportmensen elkaar niet meer begrijpen. Daarom gaat het altijd over een ‘bloedeloze nul-nul’. Over een ‘loepzuivere hattrick’. Een ‘afgrijselijke blunder’ en een ‘eclatante overwinning’. Dus:

In het goed gevulde Abe Lenstra-stadion kreeg de spannende derby tussen Heerenveen en Groningen een zinderende finale. Voor het begin van de wedstrijd zei de veelgeplaagde trainer van Groningen dat hij de trouwe aanhang een goed gevoel wilde geven door met de frêle linkerspits Sulejmani op de plaats van de robuuste verdediger Dingsdag te beginnen. Een slaapverwekkende remise mocht het niet worden. De betrouwbare sluitpost en de regisseur op het middenveld met de fluwelen trap vormden de as van de goed geoliede machine die Heerenveen was, die gedenkwaardige middag. Door een loepzuivere hattrick van Pranjic, die met een vliegende tackle de absolute vedette van de Groningers verrot schopte, sleepten de Friezen een zwaarbevochten overwinning uit het vuur.

Na een leep steekpassje joeg de altijd gevaarlijke Bradley de bal in de touwen, zodat Heerenveen kan gaan deelnemen aan het lucratieve toernooi dat de Champions League is. De kersverse aankoop Beerens, een flegmatieke vleugelspits – een saillant detail – wist met zijn tomeloze energie de twaalfde man aan te zetten tot kwetsende spreekkoren, gericht tegen de verdienstelijke middenmoter Groningen, die vorig jaar nog huizenhoog favoriet was geweest en grossierde in medailles. De onbetwiste nummer één was ditmaal echter Vandenbussche, die met spectaculaire reddingen zijn doel schoon wist te houden. Met een uiterste inspanning hield hij de makkelijk scorende spits van de tegenstander van scoren af. Hardnekkige geruchten willen dat de goalie met de katachtige reddingen na moeizame onderhandelingen toch rond is gekomen met een hoog aangeschreven club uit het aanlokkelijke buitenland. Voor een grote som gelds. De vliegende kiep kreeg dan ook een verdiend applaus van de in groten getale opgekomen trouwe aanhang. Na de wedstrijd reed hij met een gelukzalige glimlach op het vermoeide gelaat naar huis in zijn snelle bolide en begon aan een welverdiende vakantie.

Maar voordat hij aan de reis kon beginnen moest hij nog een enorme berg administratieve rompslomp afwerken, een slepende affaire. Hij nam een advocaat in de arm, die het vuile werk voor hem opknapte. Nadat het tot ongewenste intimiteiten was gekomen beschouwde de lenige keeper met de atletische gestalte de voorheen zo innige samenwerking als een jammerlijke mislukking.

Een goed gevoel hield hij er niet aan over. Tijdens een in de haast belegde persconferentie zei hij zichtbaar aangedaan tegen de schrijvende pers: ‘Ik ga op zoek naar een nieuwe uitdaging.’