Pasjes

De Prix de Rome voor beeldende kunst blijft een interessante prijs, en een stevige ook (45.000 voor de ‘winnaar’, 20.000 voor de runner-up), maar wie ‘m dit jaar zal winnen is niet te voorspellen.

De tentoonstelling in SMART Amsterdam van het werk van de vier kunstenaars op de shortlist - Priscila Fernandes, Ben Pointeker, Pilvi Takala, Vincent Vulsma - aangevuld met werken van zes also-rans van de longlist, brengt er weinig tekening in. Het is een mooie tentoonstelling, dat zeker, met een paar sterke grondtonen en opvallende thema’s, maar je ziet er niet iemand onweerstaanbaar boven uitsteken.

Medium 001 th

Film is in dit veld dominant en van hoge kwaliteit. Mark Boulos (longlist) toont een intiem portret (op drie grote schermen tegelijk) van leden van een groep communistische guerilla’s op de Filippijnen. Dat zijn het echt - de wapens bewijzen het, en de gestaalde terminologie ook - maar verder lijken het eerder in het woud verdwaalde bedelmonniken dan levensgevaarlijke terroristen. Ze zijn bepaald de jongste niet meer, en hun gedrag is opvallend soft: twee jonge aspiranten worden moederlijk toegesproken over hun motivaties: ze moeten eerst maar eens met hun vaders gaan praten, voor ze erbij mogen. Dit is het soort van werk - integer, helder, onorthodox, toegankelijk, politiek relevant - dat zijn weg in het internationale circuit onmiddellijk zal vinden, daar heeft Boulos de prijs niet voor nodig. Voor de meer cerebrale leven van de troupe zal dat hard nodig zijn. De objecten van Vincent Vulsma, bijvoorbeeld, zijn lappen met Afrikaans aandoende patronen in zwart-wit. Het lijken her-scheppingen van gebruikstextiel dat op Afrikaanse patronen was gebaseerd, waarmee kennelijk iets wordt gezegd over het je toeigenen van andermans cultuur, maar dat weet ik niet zeker, want de officiële tekst zegt dat Vulsma’s werk ‘zowel zelf-referentiële als sociaal-politieke parameters en abstracties weerspiegelt’, en dat betekent weer alles en niks tegelijk.

Het zou leuk zijn als Pilvi Takala de Prix won, want zij maakt met afstand het grappigste en stoutste werk van allemaal. Takala (Helsinki, 1981) is een provo in de oude zin van het woord, een rozijnenuitdeelster, een Fluxusiaan, en ze heeft ook iets van Jackass. Voor The Trainee (2008) speelde zij een stagiair bij Deloitte; de collega’s, die niet beter wisten dat dat zij dat echt was, raken in de film merkbaar in de war door haar rare gedrag. Ze zit maar wat voor zich uit te staren, of ze komt de hele dag de lift niet uit. In Snow White (2009) probeerde Takala EuroDisney binnen te komen verkleed als Sneeuwwitje. Vastberaden wordt zij door de bewaking geweerd. Mensen zouden eens kunnen denken dat zij de échte Sneeuwwitje was.

In SMART is een hilarische film te zien over beveiliging van het Europese Parlement, een soap van pasjes en portiers, poortjes en gangetjes, ‘Wie bent u?“U mag hier niet komen’, enzovoorts. Wat allemaal leuk is, en bloedserieus tegelijkertijd, want net als in het vriendelijk uitdelen van rozijnen aan politieagenten schuilt in Takala’s vervreemdingsspel een vorm van verzet. Het is schrijnend hoe snel zo'n instituut als Disney of het Europarlement geprovoceerd wordt tot absurde, bekrompen, angstige reacties; daarmee wordt zo'n EU-project een harde allegorie op de onmogelijkheid van integratie in het Europese bolwerk - wie er buiten staat, en geen pas heeft, die komt er niet in. Van mij mag zij winnen.


Prix de Rome Visual Arts 2011, SMART Project Space Amsterdam, t/m 24 juli. Op 9 juni wordt de winnares bekend gemaakt. www.prixderome.nl, www.smartprojectspace.net