Pathologische ijdeltuiten

Wie is er zo gek om zich vrijwillig honderd dagen te laten opsluiten voor het tv-programma ‘Big Brother’? En wat beweegt die mensen? ‘Ze zullen absoluut een geestelijke afwijking hebben.’

IRONISCH MAAR WAAR: de namen van de personen die bereid zijn hun persoonlijke vrijheid op te geven, mogen niet bekendgemaakt worden uit privacy-overwegingen. Aldus Paul Römer, producent van het omstreden Veronica-programma Big Brother dat vanaf september van start zal gaan. Het idee achter dit programma is, zoals bekend, acht mensen honderd dagen lang op te sluiten in een huis waar camera’s continu draaien. Onder de oproep ‘Durf jij het aan?!’ startte de omroepvereniging op 31 mei de werving. Op dit moment zijn er meer dan duizend aanmeldingen. Eerst wordt een grove selectie gemaakt op basis van leeftijd, beschikbaarheid en 'sociale en economische’ achtergronden. Daartoe worden onder meer familieleden ondervraagd over de onderlinge verhoudingen en het financiële draagvlak van de kandidaat. Vervolgens gaan zo'n vijftig tot vijfenzeventig mensen door naar de 'tweede ronde’, waarin zij onderzocht zullen worden door een team van artsen en psychologen. De acht geselecteerden zullen vanaf 17 september in een huis worden opgesloten waarbij elke beweging wordt geregistreerd door een twintigtal camera’s - ook in de tuin, de badkamer en het toilet. Iedere dag wordt een half uur lang - op donderdag een uur - een weergave van de gebeurtenissen gegeven, waarna het publiek mede kan bepalen welke kandidaat het beste reageert op deze vrijwillige opsluiting. Na de eerste vier weken wordt elke kandidaat apart genomen in het 'dagboekkamertje’ van het huis; een ruimte waar de overige bewoners niet mee kunnen luisteren. Vanzelfsprekend worden de gesprekken in dit kamertje opgenomen. De ruimte fungeert als 'biechthok’. Elke kandidaat moet na de eerste maand van samenzijn twee mensen noemen die hij of zij absoluut het huis uit zou willen hebben. De kijker kan dan weer bepalen welke van deze twee genoemde personen moet verdwijnen. Op die manier vallen vijf mensen af. De overige drie personen strijden om de gunst van de kijker. Uiteindelijk blijft er één gelukkige over. HET IDEE VAN Veronica is niet nieuw. Particuliere ontboezemingen voor het oog van de camera zijn sinds programma’s als Het spijt me, All You Need Is Love en Sex voor de Buch heel gewoon. Ook de combinatie van emotionele uitbarstingen en uitdagingen in Big Brother is niet origineel. Muziekzender MTV heeft al eens camera’s laten draaien in een studentenhuis, en in Zweden is voor televisiedoeleinden twee jaar terug onder de naam Expedition Robinson een groep vrijwilligers op een eiland bij elkaar gebracht. Vanzelfsprekend brengt Veronica het idee als een unicum: het zal de allereerste 'real life soap’ in Nederland worden. Minder onschuldig is dat de omroep het programma aanprijst door te refereren aan diverse wetenschappelijke onderzoeken. Henri Beunders, hoogleraar in de geschiedenis van media en cultuur aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, wenst het verschil tussen wetenschappelijke onderzoeken en het televisieprogramma overigens te relativeren. 'Dit programma is geforceerd, het is show en media, maar daarom is het in deze mediawereld eigenlijk wel weer een interessant experiment. Het kan de verstrengeling tussen werkelijkheid en media goed aangeven, dat zou je ook als “hoger” doel kunnen beschouwen. De ruimtevaart heeft tenslotte ook alleen maar moonboots en tegeltjes opgeleverd.’ Frits Abrahams, columnist bij NRC Handelsblad en voormalig televisierecensent, vindt het programma daarentegen 'uiterst weerzinwekkend’. Het doel blijft vaag, voor zover het iets meer zou kunnen zijn dan het voyeuristische vermaak van de kijker. Ook de motivatie van diegenen die zich als vrijwilliger opgeven, is onduidelijk. Potentiële deelnemers worden opgeroepen zich aan te melden als zij geïnteresseerd zijn in de beloning (diegene die het het langst uithoudt ontvangt 250.000 gulden), in de 'roem’ (speel in je eigen real life soap!!) of in de sportieve kick (honderd dagen afgesloten van de buitenwereld). WAT VOOR MENSEN zouden dat toch kunnen zijn, die zich vrijwillig door duizenden voyeuristen laten bekijken? De gegevens van de deelnemers worden zorgvuldig geheim gehouden. Via Internet en een computertelefoon wil de omroep hooguit vrijgeven dat de beoogde personen tussen de vijfentwintig en veertig jaar moeten zijn. Deze informatie is summier genoeg om in de pers tot speculaties te leiden. Een 'betrouwbare bron’ van Trouw sluit uit dat er kandidaten met kinderen mee kunnen doen, want dat zou te pijnlijk zijn. Paul Römer, producent entertainment van John de Mol-producties en medeverantwoordelijk voor de regie van Big Brother, verklaarde echter in NRC Handelsblad dat Veronica streeft naar 'van alles wat’, ook naar moeders en vaders. Verder beweert hij dat Veronica op zoek is naar 'hoog gemotiveerde mensen’. Nadere uitleg ontbreekt, net als een mogelijk profiel van de toekomstige deelnemers. Om toelichting gevraagd laat Römer zich genuanceerder uit. 'Wanneer de vader of moeder van een kind van een jaar of zes dagelijks op televisie te zien is, kan dat wellicht problemen geven. In de selectieprocedure zullen we daar vanzelfsprekend rekening mee houden.’ Arjaan Wit, sociaal- en organisatiepsycholoog aan de Rijksuniversiteit Leiden, voorspelt dat de mensen die zich zullen aanmelden op een 'bijzondere’ manier in hun vel zitten. 'Deze vrijwilligers zullen niet strak verankerd zijn in een gezinsleven. Wie geeft er nu zijn familie- en vriendenkring op om honderd dagen geïsoleerd met zeven vreemden in een huis te zitten zonder duidelijk doel? Dit programma kan mogelijk mensen aantrekken die affiniteit hebben met sekten. Ze voelen geen binding en zoeken op een andere manier houvast. In een sekte is er echter sprake van een band tussen een aantal leden met een gezamenlijk doel. In Big Brother worden mensen noodgedwongen samengebracht met het doel alleen over te blijven. Het is mogelijk dat sommigen sterk uit dit project naar voren komen, maar even zo goed kunnen anderen helemaal afknappen.’ Beunders denkt dat exhibitionisme en geld de voornaamste drijfveren voor de deelnemers zullen zijn. De lokprijs van een kwart miljoen is bovendien een harde regeling, die vreemde dingen kan uitlokken. 'Iedereen wil de populairste zijn, omdat het publiek iemand daarop kan afrekenen.’ Ook Abrahams is ervan overtuigd dat dit programma vooral pathologische ijdeltuiten zal aantrekken die snel beroemd willen worden. 'De mensen zullen absoluut een geestelijke afwijking hebben.’ KANDIDAAT GUUS Vrancken uit Cuijk is als een van de weinigen bereid zijn motivatie toe te lichten. Hij kent twaalf mensen (kennissen, collega’s, familieleden) uit heel Nederland die zich hebben opgegeven. Zelf gelooft Vrancken niet meer in zijn kansen. Hij heeft zich al tijden geleden opgegeven, nadat hij de promotie-uitzending van Veronica had gezien en er het een en ander over had gelezen. Daarna heeft hij er uitgebreid over gesproken met zijn zoon van zestien en nadat hij 'toestemming’ had gekregen, besloot hij zich aan te melden. Via een computertelefoon toetste hij zijn leeftijd (46) en opleiding (mbo-hbo) in, en hoorde vervolgens niets meer. Dat Veronica op zoek is naar mensen tussen de vijfentwintig en veertig jaar, is hem onbekend. Hij beseft dat de kansen om mee te doen daarmee vrijwel nihil zijn geworden. Maar waarom wil hij dan toch zo graag meedoen aan dit programma? Is het inderdaad voor het geld, voor de roem of voor de 'sportieve kick’, zoals Veronica pretendeert? En is deze man inderdaad een 'bijzondere man zonder familiebanden’ zoals Wit beweert, of een exhibitionist en pathologische ijdeltuit zoals Beunders en Abrahams aannemen? Volgens Vrancken ligt het allemaal veel genuanceerder. 'Ik ben gescheiden en heb twee kinderen, een meisje van dertien dat bij haar moeder woont en een zoon van zestien die bij mij woont. Als er ook maar enigszins twijfel over zou zijn of het thuisfront het wel aan zou kunnen, had ik ervan afgezien. Maar mijn omgeving reageerde enthousiast en daarin zag ik bevestiging voor mijn keuze. Ik zit nu in de WAO. Dus ik zou deze periode in principe beschikbaar zijn. Voordat ik een bedrijfsongeval kreeg, was ik beroepsbrandweerman. Mijn familie weet dus uit ervaring hoe het is ik er een tijd niet ben, bijvoorbeeld in die keren dat ik in training was. En wat die camera’s betreft, daar wen je wel aan. Ik ben al meerdere malen op televisie geweest, heb meegedaan aan programma’s als Spel zonder grenzen en Twee voor twaalf, dus ik ben er al redelijk vertrouwd mee. Bovendien zijn camera’s in deze tijd toch al bijna overal en je gegevens zijn ook bij allerlei instanties bekend. Veronica doet het alleen wat extremer, maar ik heb er geen problemen mee dat iedereen kan zien dat ik op de wc mijn kont afveeg.’ Misschien is hij wel gek op media, bekent Vrancken, maar dat is niet het voornaamste doel om mee te doen, net zomin als het mogelijke geldbedrag. Hij solliciteert, zegt hij, uit idealisme. Vrancken: 'Het is een prachtkans om een aantal misstanden onder de aandacht van het publiek te brengen. Ik heb in mijn leven veel hoge pieken en diepe dalen gekend; ik ben drie keer getrouwd geweest, heb vier keer een kind verloren en heb moeten knokken voor mijn WAO. Door deze gebeurtenissen heb ik zoveel moeilijkheden ondervonden dat ik een aantal zaken graag eens aan de orde wil stellen. Het gedoe met de hypotheekrente moet aangepakt worden, net als de manier waarop mensen omgaan met personen die in de bijstand zitten. Het lijkt mij fantastisch om die drie maanden te gebruiken om daar met een groep mensen over te discussiëren. En wie weet houd ik er ook nog wat vrienden aan over.’ OOK NADER HASSAN (32) is bereid toe te lichten waarom hij zich als vrijwilliger heeft opgegeven. Net als Vrancken is hij een idealist. Hassan is, zegt hij, niet eens op de hoogte van het kwart miljoen dat voor de winnaar is gereserveerd! Het geld zou bij nader inzien natuurlijk mooi meegenomen zijn, maar de voormalige filosofiestudent uit Soedan vindt de 'geestelijke mogelijkheden’ van het programma belangrijker. Hassan: 'Het programma kan bewijzen dat het mogelijk is om met heel verschillende mensen samen te leven. Daar zou ik graag aan mee willen werken, ook gezien mijn achtergrond. Ik ben ongeveer vier jaar geleden uit Soedan gevlucht omdat het mij daar vanwege mijn seksuele geaardheid onmogelijk werd gemaakt een normaal leven op te bouwen. Uiteindelijk kwam ik hier in Nederland terecht, waar ik nu heel gelukkig ben met mijn vriend. Mijn persoonlijke vrijheid is toegenomen, maar op de arbeidsmarkt ondervind ik nog veel problemen. Mijn filosofiediploma uit Soedan is hier weinig waard. Daarom plak ik nu aan de lopende band folie op auto-onderdelen. Ik heb op mijn werk bewezen dat je best samen kunt werken, ook al ben je verschillend. Zo'n programma als Big Brother zou dat op wat grotere schaal kunnen laten zien. Al die camera’s zijn naar mijn mening geen belemmering maar een hulpmiddel om dat ideaal uit te dragen.’ Maar wat als het nu toch wat minder gezellig blijkt te zijn en er haat en nijd uitbreekt tussen de deelnemers? Tenslotte moet er één iemand overblijven! Guus Vrancken is hierover heel stellig: 'Als ik mee kan doen, ga ik er wel helemaal voor. Want als ik vecht, dan vecht ik tot het einde.’ Nader Hassan benadrukt dat hij vooral zichzelf wil zijn. 'Het gaat mij er niet om koste wat het kost over te willen blijven. Ik vind het samenzijn met verschillende mensen het belangrijkst en ik doe me niet anders voor dan ik ben.’ IN DE PERS zijn de negatieve kanten van het programma inmiddels uitputtend belicht. Het televisieprogramma zou de perfecte voorwaarden scheppen voor mogelijke geweldsdelicten en zal in ieder geval mensen psychisch schaden. Het programma zou bovendien een goedkope manier zijn om te scoren ten koste van de deelnemers. Het Nederlands Instituut van Psychologen (NIP) ondersteunde deze visie door te wijzen op alle gevaren van dergelijk kunstmatige groepsvorming. Dit zou op z'n minst kunnen leiden tot psychologische vervreemding en posttraumatische stresssyndromen. Pogingen tot zelfmoord worden bovendien niet uitgesloten. In dat verband is gewezen op de 34-jarige deelnemer van het Zweedse programma Expedition Robinson die zich van het leven beroofde. De man had de pech dat hij het pispaaltje van de groep werd en na thuiskomst gooide hij zich voor de trein. Geconfronteerd met dit incident meldt Römer dat de betreffende persoon een vluchteling uit Joegoslavië was die onder meer te kampen had met relatieproblemen: 'Een dergelijk persoon zou bij ons nooit door de selectie komen.’ Over de vraag of het programma sowieso wel door de beugel kan, zijn de meningen verdeeld. Slechts een enkeling vindt dat zo'n programma verboden moet worden, de meesten zijn van mening dat 'het moet kunnen’. Wit waarschuwt ervoor altijd en eeuwig met het wijzende vingertje te komen ('naar huis fietsen kan tenslotte ook gevaarlijk zijn’) en Abrahams benadrukt dat het programma strikt juridisch genomen niet strafbaar is. Römer beweert nog eens nadrukkelijk dat eventuele gevaren absoluut worden uitgebannen door de zorgvuldige selectieprocedures en de begeleiding van verschillende artsen en psychologen. Hoe deze selectieprocedure er dan uitziet en wie de mensen zijn die de kandidaten zullen begeleiden, daarover wil hij niets loslaten. 'Dat zou de personen die meewerken te veel belasten.’ Abrahams stelt dat het Veronica’s verantwoordelijkheid zou moeten zijn om bepaalde grenzen te trekken. 'Veronica zou mensen tegen zichzelf moeten beschermen; de deuren zouden niet opengezet moeten worden voor potloodventers en andere rare mensen.’ Hij acht de onrust bij het NIP dan ook niet helemaal ongegrond, in tegenstelling tot Beunders die alle reacties overdreven vindt. Römer benadrukt dat 'gezonde, normale, stabiele’ mensen voor zichzelf verantwoordelijk zijn. 'Veronica is nu eenmaal niet “mijn broeders hoeder”, mensen moeten zelf weten wat ze doen. Het programma heeft vanzelfsprekend gevolgen voor de deelnemers, maar dat heeft een reis rond de wereld ook.’ Kan Veronica inderdaad afgerekend worden op de onzekere afloop en mogelijk labiele kandidaten? Is het niet goedkoop om de omroep te bekritiseren op grond van iets wat zij sinds haar oprichting doet: het streven naar zo hoog mogelijke kijkcijfers? Römer is eerlijk genoeg om dit te erkennen. 'Veronica is een commercieel station; het gaat ons erom televisie te maken waar we geld mee kunnen verdienen.’