Patisseriemilieu

TELEVISIE
Telefilms

Zondag begint de tiende editie van Telefilm, een samenwerkingsproject van omroepen en speelfilmproducenten. Van de oorspronkelijke ambitie om jaarlijks veertig films voor de publieke televisie te maken, wekelijks uit te zenden op vaste tijd en plaats, resteren er jaarlijks zes. Een deel daarvan haalt ook bioscoopvertoning (niet per se films met de hoogste kwaliteit), maar het blijft overwegend een televisieproject, waaraan de meeste omroepen meedoen. Televisiedrama met, ondanks beperkt budget, filmische allure waarvan er nu in totaal 63 zijn gemaakt. En waaruit je een eigen canon zou kunnen samenstellen met toppers als Suzy Q (VPRO, Martin Koolhoven, 1999), Ochtendzwemmers (Avro/ NCRV, Nicole van Kilsdonk, 2001), Tussenland (RVU, Eugenie Jansen, 2002), Bluebird (NCRV, Mijke de Jong, 2004) en De uitverkorene (VPRO, Theu Boermans, 2006).
Een persoonlijk lijstje waaraan me nu pas opvalt dat alleen de laatste film voldoet aan de intentie om drama te maken dat gebaseerd is op ware gebeurtenissen. Die film, geschreven door Frank Ketelaar, ontstond naar aanleiding van de teloorgang van het Veluwse softwarebedrijf van de streng christelijke gebroeders Baan. Zo werden bijvoorbeeld ook de Baarnse moordzaak (Bloedbroeders), de Utrechtse campusverkrachtingen (Stille nacht) en de gijzeling in de Rembrandttoren (Off Screen) tot fictie gemaakt – de ene keer als verre inspiratiebron, de andere dicht bij de werkelijkheid.
De tweede van de komende reeks, Taartman (Annemarie van de Mond, KRO) heeft in dat opzicht een wat misleidende titel. Kenners van het Amsterdamse criminele en/of patisseriemilieu weten dat achter die naam een succesvolle banketbakker schuilgaat die in de cel belandde vanwege handel in verdovende middelen. Maar de dorpsbanketbakker om wie Taartman draait lijkt in de verste verten niet op zijn Mokumse naamgever. Het is een brave sukkel die door zijn takkenwijf met-gat-in-de-hand richting faillissement wordt geduwd en in uiterste nood voor één keertje een partijtje coke van A naar B zal brengen binnen een straal van pakweg vijftien kilometer. Wat mis kan gaan gaat ook mis, niks is wat het lijkt, het ene toeval is nog stommer dan het andere, en zo ontstaat een ingenieuze comedy of errors rond een verdwenen partij snuifspul, waarin de uitgesproken loser die deze taartman is zich tot ongekende hoogten ontwikkelt. Jaap Spijkers is een gerenommeerd acteur die ik wel eens wat overschat achtte maar die deze titelrol tot een van zijn beste maakt. En laten we wel wezen, niks zeldzamer dan comedy die niet alleen zo heet maar ook nog eens leuk is. Mede dankzij scenarist Pieter Bart Korthuis, die onder meer schreef voor de series Keyzer & De Boer en Parels en zwijnen. Enerzijds word je in Taartman nog opgesloten in het cachot van Bromsnor en kennen agenten echt iedereen (te goed), anderzijds is het eigentijds als wat, met kleine middenstanders die door ketens worden gewurgd en gajes dat je weet te vinden als je hun drugspad kruist.
De eerste film in de reeks, Coach, heeft niet zozeer een gebeurtenis als wel een actueel verschijnsel als fundament: rijke dame vult leegte van het bestaan door begeleider te worden van een Marokkaanse pupil, Soekri, wat tot haar schrik geen meisjes- maar jongensnaam blijkt. Haar ambities voor de toekomst van de jongen, in combinatie met volstrekt onbegrip inzake Berberse normen en waarden, richten rampen aan. Ook hier comedy, met aanvankelijk iets te veel clichés, maar het kijken wordt door Joram Lürsen (regie) en Frank Ketelaar (scenario) beloond juist door scènes waarin het lollige gegeven werkelijk gaat schrijnen. Al loopt het dan wel blij af. Er zijn Telefilm-seizoenen slechter begonnen.

Coach. Vara, zondag 12 april, Nederland 2, 20.15 uur.
Taartman. KRO, zondag 19 april, zelfde plaats en tijd.
Zie voor volledig overzicht: www.telefilm.nl