Kees ‘t Hart

Paul MCcartney schildert

Geachte heer McCartney,

In verband met een promotieonderzoek verzoek ik u mij op korte termijn meer informatie over uw schilderwerk te sturen. Op de cover van het Volkskrant-magazine van afgelopen zaterdag was een van uw schilderijen te zien, helaas slechts voor een deel.

Ik doe een langetermijnonderzoek naar beweegredenen van artiesten uit de letteren en de lichtemuzieksfeer om op latere leeftijd te gaan schilderen. Waarom doen ze dat? Gaf hun eerdere kunstleven niet genoeg bevrediging? Is de fascinatie voor de schilderkunst iets uit de jeugd of ontstond deze pas later? Wat denken zij wanneer ze schilderen? Welke muziek staat op? Hoe ziet het atelier eruit? Waarom schilderen zij in de stijl waarin ze schilderen?

Ook in Nederland kiezen veel kunstenaars op latere leeftijd voor de schilderkunst. Imca Marina heeft al veel tentoonstellingen achter de rug, Connie van den Bosch doet het, H.J.A. Hofland knutselt, Willem Brakman schildert, René Froger is gesignaleerd met verfkwasten, Willeke Alberti maakt mooie aquarellen, Harry Mulisch schijnt een tentoonstelling voor te bereiden, Atte Jongstra maakt plastieken en de cabaretier Theo Maassen begint volgende week aan een wand in het psv-stadion. In mijn onderzoek probeer ik zo precies mogelijk te achterhalen wanneer deze kunstdwang begon toe te slaan en wat de relatie is met de eerdere carrière.

In het interview geeft u al enige informatie over uw werk. Een van de schilderijen heet: Is dit een zelfportret? De ondervrager noemt het geweldig en ik sluit me daar graag bij aan, vooral ook omdat een deel ervan op de cover van de bijlage te zien is. Wist u dat uw werk onder sterke invloed staat van dat van Willem de Kooning? Het is frappant: uw toets, penseelvoering, kleurkeuze en structurele aanpak lijken aan te sluiten bij een doorbraak van De Kooning halverwege de jaren twintig. De verfijnde vlekken rechtsonder in pasteltinten, de druipende patronen in bruin — alles duidt op een uitgebalanceerd palet dat aansluiting zoekt bij de abstracten uit het Amerika van de vroege vorige eeuw. Uw werk is overigens ook sterk verwant met het vroege werk van Imca Marina en met dat van Willeke Alberti, die ook in de abstracte sfeer werkt. In mijn proefschrift hoop ik aan te tonen dat er sterke inhoudelijke en formele overeenkomsten bestaan tussen het schilderwerk van muzikanten uit de lichtemuzieksfeer. Er is zonder meer sprake van een universele schildertaal onder voormalige popartiesten.

U vindt bij mijn brief een vragenlijst over uw schilderactiviteiten, ik verzoek u die zo gedetailleerd mogelijk in te vullen. Ook treft u een foto aan van een inktvlek die geheel toevallig in een opvallend patroon over het papier is verdeeld. Ik verzoek u hierbij zo precies mogelijk te beschrijven wat u invalt; bedenk daarbij dat de eerste inval altijd de beste is. Waar doet deze vlek u aan denken? Aan John Lennon? Aan uw ouders? Aan Can’t Buy Me Love? Schrijf dit gedetailleerd in uw eigen woorden op. Ik verzeker u dat spellingfouten er in dit geval helemaal niet toe doen. Met hartelijke groet.