Peter Sutcliffe, 2 juni 1946 - 13 november 2020

Na 2,5 miljoen uren speurwerk greep de politie in 1981 de Yorkshire Ripper. Tijdens zijn proces toonde hij slechts minachting, voor de politie en voor zijn slachtoffers. Hij was de straat aan het opruimen, in opdracht van God.

Stay Home. Save Lives. Deze lockdown-slogan van de regering-Johnson gold in de tweede helft van de jaren zeventig al in Noord-Engelse steden als Leeds, Bradford en Sheffield, maar dan specifiek voor vrouwen. Een seriemoordenaar, bekend als de Yorkshire Ripper, zorgde zes jaar lang voor angst. Zeker dertien vrouwen, van 16 tot 47 jaar, werden door de werkloze vrachtwagenchauffeur vermoord. Het motief: vrouwenhaat.

Zijn dood, vorige week vrijdag als gevolg van Covid-19, bracht herinneringen naar boven. Zwart-witfoto’s van de vrouwen vulden krantenpagina’s. Hun kinderen spraken over hun levenslange verdriet. Vier decennia na dato vertelden vrouwen over hoe ze aan Sutcliffe, gewapend met hamers en schroevendraaiers, waren ontkomen. Tabloids meldden dat Sutcliffe’s ex-vrouw Sonia zijn as wil uitstrooien in Parijs, de plek waar ze in 1974 hun huwelijksreis hadden gemaakt.

Voor de politie in West-Yorkshire was het overlijden aanleiding om excuses aan te bieden voor de blunders tijdens de jacht op de seriemoordenaar, maar vooral voor de misogynie binnen het korps van die tijd. Detectives namen de moorden pas serieus toen ‘onschuldige jonge vrouwen’ het slachtoffer werden. De levens van de prostituees die aanvankelijk het doelwit vormden, leken van minder belang te zijn.

Negen keer werd Sutcliffe aangehouden, acht keer werd hij weer vrijgelaten. De definitieve aanhouding, na 2,5 miljoen manuren speurwerk, volgde in 1981. De auto waarin de voormalige grafdelver met een prostituee zat, had een vals kenteken. Op het bureau zei de arrestant tot verbazing van de rechercheurs: ‘Het is goed. Ik weet waartoe dit leidt. Ik ben de Yorkshire Ripper. Ik heb al die vrouwen vermoord.’

Tijdens zijn proces in de Old Bailey toonde hij slechts minachting, voor de politie en vooral voor zijn slachtoffers. Hij was de straat aan het opruimen, beweerde hij, in opdracht van God. Zijn verdediging was ‘krankzinnigheid’, een zelfdiagnose waar de jury niet in mee ging. Hij kreeg twintig keer levenslang. Het proces bracht een discussie op gang over de terugkeer van de doodstraf, hetgeen steun genoot van enkele nabestaanden.

De opgesloten Ripper ontving liefdesbrieven – voer voor psychologen

Nadat hij drie jaar in een zwaar beveiligde gevangenis had doorgebracht, werd bij Sutcliffe paranoïde schizofrenie geconstateerd. Het leidde tot overplaatsing naar een tbs-kliniek, waar hij 33 jaar lang in relatieve luxe leefde. Hij keek naar dansshows, bakte taarten en ontving – voer voor psychologen – liefdesbrieven. Een trouwe bezoeker was Jimmy Savile, de tv-persoonlijkheid, ook uit Yorkshire, die in 2011 werd ontmaskerd als de man die jarenlang kinderen misbruikte.

De schrijver Blake Morrison, eveneens uit Yorkshire, schreef in 1987 The Ballad of the Yorkshire Ripper, een in dialect geschreven gedicht over Peter Sutcliffe met vrouwenhaat als thema. De publicatie zorgde voor controverse, net als de beslissing een kwart eeuw later van itv om een serie over de moorden te maken. Aan de ene kant vertegenwoordigt iemand als de Yorkshire Ripper het ultieme kwaad, een open zenuw die maar het best met rust kan worden gelaten; aan de andere kant roept hij fascinatie op. Wat dat betreft doet de Yorkshire Ripper denken aan een ander litteken uit de tweede helft van de vorige eeuw: de Moors Murders. Halverwege de jaren zestig zorgde het psychopathische duo Ian Brady en Myra Hindley voor eindeloos veel verdriet door vijf kinderen te misbruiken, om het leven te brengen en te begraven op Saddleworth Moor, een onheilspellende vlakte schuin boven Manchester. De foto van Hindley met haar geblondeerde haar en starende blik werd iconisch. Die van Sutcliffe met zijn bebaarde gezicht ook.

Smiths-zanger Morrissey, afkomstig uit Manchester, zorgde voor ophef met het nummer Suffer Little Children, dat evenwel was bedoeld als eerbetoon aan de kinderen. Voor nog meer controverse zorgde de kunstenaar Marcus Harvey door het genoemde portret van Hindley na te maken met handafdrukken van kinderen. Ongemakkelijk was ook de film Longford, over de idealistische edelman die jaren tevergeefs en tegen de publieke opinie campagne voerde voor Hindley’s vrijlating. Lord Longford bezocht Sutcliffe ook.

Er verschenen proefschriften waarin genoemde gebeurtenissen in een sociaal-historisch perspectief werden gezet. De moorden op de Moors vonden plaats tegen de achtergrond van een culturele omslag die gekenmerkt werd door de seksuele bevrijding, de drang naar beroemdheid en de opkomst van de beeldcultuur. Op Saddleworth Moor poseerde Brady als de perfect geklede antiheld uit een Angry Young Man-roman. Vanuit het grimmige noorden werd een lange schaduw over de swinging sixties geworpen.

Een decennium later handelde de Ripper in tijden van eindeloze stakingen, van nihilistische punkmuziek en, meer in het algemeen, de teloorgang van de traditionele arbeiderscultuur. De masculiene cultuur vormde een dekmantel. Volgens Joan Smith, een van de weinige vrouwelijke verslaggevers in die tijd, had de politie zoveel moeite om de seriemoordenaar te vangen ‘omdat hij zich makkelijk kon verschuilen in een cultuur die gekenmerkt werd door een alledaagse minachting jegens vrouwen’.

Anno nu is er veel veranderd. Er waren twee vrouwelijke premiers en steeds meer vrouwen bekleden topfuncties, zoals het hoofd van de Londense politie. Of bedriegt de schijn? In het Londense Kilburn werden dit voorjaar drie donkere jonge vrouwen zonder aanleiding zwaar mishandeld door een groep mannen. Rechercheurs gingen er automatisch en geheel ten onrechte van uit dat het om een uit de hand gelopen drugsdeal ging. Aanvankelijk namen ze amper de moeite om het misogyne straatgeweld te onderzoeken.