Peterburgse vertellingen

Een hele zomer in St. Petersburg overleven, dat vereist een sterke gezondheid. De smog hangt dicht boven de stad en als je naar adem hapt, hap je in het stof dat in dikke wolken over de straten waait. Iedereen die kan, ontsnapt ‘s zomers uit de stad.

Ik word iedere zomer door bevriende muzikanten uitgenodigd om een maandje over de Wolga te varen. Dit klinkt romantischer dan het is. De muzikanten verdienen in de zomer bij op het cruiseschip M/S Rus. Op de M/S Rus worden Amerikaanse 65-plussers over de Wolga naar Wolgograd (vroeger Stalingrad) gevaren. De Amerikanen moeten beziggehouden worden. In elke hut hangt een luidspreker, waardoor de stem van Oleg in gebroken Engels aankondigt wat de activiteiten zijn.
Oleg kan niet uitgezet worden. Om zes uur ’s ochtends roept Oleg dat er aerobic is in zaal drie en het volkje sleept zich, vaak slecht ter been, naar zaal drie. Een half uur later roept Oleg dat er ontbijt is in zaal twee en de Amerikanen zetten zich aan de rijstepap - al het eetbare heeft het keukenpersoneel al naar de familieleden overgeheveld. Om zeven uur is er Russische les, nog later worden de oudjes in folkloristische kostuums gehesen voor de dansles, en zo gaat dat door tot middernacht. ‘Chellow, this is Oleg speaking’, schalt de speaker dan onverbiddelijk, en de Amerikanen worden naar de bar gesommeerd. In de bar spelen mijn vrienden jazz. De Amerikanen vallen in slaap in de kunstlederen draaifauteuiltjes en snurken met open monden.
Vooral de excursies zijn een uitputtingsslag. Ik herinner me een steile helling in Kazan die beklommen moest worden. De muzikanten waren voor de verandering uit hun hutten gekomen om mee te doen met de excursie. Sergej, de saxofonist, keek omhoog naar de Amerikanen die met de helling worstelden. Sommigen zaten in rolstoelen of liepen op krukken. 'Wanneer je tachtig bent en er stroomt Amerikaans bloed door je aderen, blijk je nog altijd gezonder dan een jonge Rus wiens lever een litertje wodka moet verwerken’, zei Sergej, en maakte rechtsomkeert.
Ik had altijd het idee dat die oudjes door hun kinderen min of meer gedwongen werden op cruises rond de wereld te blijven varen. Zo was er een zeventigjarige man uit Californië die net terugkwam van de achtweekse cruise op de Stille Oceaan. We hadden al een week gevaren en legden aan in Moskou. 'Morgen ga ik terug naar huis’, zei hij handenwringend. Maar hij moest nog twee weken de Wolga afzakken. Toen de reisleider hem op zijn reispapieren wees, zei de Amerikaan met een treurig gezicht: 'Dan heeft mijn dochter zich zeker vergist’, en daar ging hij weer, twee weken over de Wolga, en het was al ver in oktober, dus het was al flink koud.
Ik ben weer uitgenodigd de laatste cruise mee te varen. Ik moet denken aan 'Oleg speaking’ en aan de helling in Kazan, en denk dat ik maar in de stad blijf. Dat lijkt me gezonder, want ik heb ook geen Amerikaans bloed door mijn aderen stromen.