Philips werkte jarenlang samen met de NSA

Vanaf 1977 fungeerde Philips-dochter USFA jarenlang als onderaannemer van de NSA, blijkt uit archiefonderzoek van De Groene Amsterdammer. USFA bouwde honderden codeermachines en digitaal beveiligde telefoons met NSA-programmatuur voor de Europese markt.

Medium 42 50755594

De samenwerking kwam tot stand nadat Philips eind jaren zeventig haar eigen data-encryptie apparaat Satcolex uit de biedingsrace bij de Navo had gehaald, ten faveure van de KG-81 van de National Security Agency (NSA) die maar liefst tweeënhalf keer zo snel was. Van de KG-81 had de NSA zowel de hardware als het elektronische versleutelingsprogramma, een zogenaamd stream cipher-algoritme met de naam Walburn, ontworpen.

Als dank mocht Philips de KG-81 in licentie gaan produceren voor de Europese markt. Dochter USFA leverde vanaf rond 1980 honderden van die apparaten aan de Navo.

Eenmaal aan de leiband van de NSA kreeg het concern aanzienlijk méér grote opdrachten voor cryptografische apparatuur. De omzet schoot omhoog.

Zo verwerft Philips een opdracht om een grootschalig digitaal communicatienetwerk te bouwen voor het Nederlandse leger. Bij dit project, met de codenaam Zodiac, zijn drie dochterbedrijven betrokken: Philips Telecommunicatie Industrie (PTI), Holland Signaal en USFA. Het netwerk omvat vaste en mobiele verbindingen, transmissieapparatuur, telefooncentrales, telefoons en telexen, ter waarde van tweehonderd miljoen gulden (nu rond 165 miljoen euro). USFA moet zorgen voor de cryptografische versleuteling, die in belangrijke mate rust op een versleutelingsprogramma met de codenaam Saville, dat voor de Navo is ontwikkeld door de NSA en haar Britse zusterorganisatie GCHQ. De details van Saville blijven voor vrijwel alle USFA-medewerkers geheim. Zij installeren het – ingebakken in computerchips – in duizenden digitaal beveiligde telefoons van het type Spendex. Zodiac is het grootste cryptografische project dat USFA ooit heeft uitgevoerd. Het systeem blijft een kwart eeuw operationeel, de laatste delen zijn pas rond 2007 uit dienst gehaald.

Via de Navo kreeg de NSA toegang tot de Europese cryptografische industrie. Ook andere fabrikanten – zoals Siemens en STK – zijn Saville gaan gebruiken, vermoedelijk met hetzelfde motief: om Navo-opdrachten te verwerven.

Hiermee komt onvermijdelijk de vraag op tafel of de NSA die positie heeft gebruikt voor eigen doelen. Voormalige USFA-medewerkers vermoeden dat de dienst bij het testen van Philips’ cryptotelefoons de onderliggende technologie grondig heeft ‘bestudeerd’ en vervolgens ook heeft gekopieerd in eigen telefoons. Maar heeft de NSA in haar apparaten en software ook ‘achterdeurtjes’ ingebouwd en zo ruim drie decennia lang vertrouwelijke berichten en gesprekken van Europese militairen, diplomaten, regeringsleiders en zelfs bedrijfsleiders weten te ontcijferen? Bewijs daarvoor ontbreekt tot nu toe, het wachten is op nadere onthullingen.


Lees het volledige verhaal van Marcel Metze hier.

Beeld: NSA/HANdout/CorbiS