Frits Barend

Pienaar aanraken

Wat een schitterende documentaire was dat over het leven van Steven Pienaar. Typisch een programma dat volgens een gemiddeld CDA-politicus naadloos aansluit bij de doelstellingen van de publieke omroep. De al met een Academy-award gelauwerde programmamaker Raymond Bouwman was met de Zuid-Afrikaan Pienaar van Ajax teruggekeerd naar zijn roots rond Johannesburg. Als Pienaar wandelt door zijn geboortebuurt, blijkt uit welke mogelijkheden zwarte jongens in de townships van Zuid-Afrika kunnen kiezen: de drugshandel of de criminaliteit. Kortom, ze hebben geen keus, tenzij je onwaarschijnlijk veel geluk hebt. Pienaar heeft geluk, hij kan heel goed voetballen. De kleine, pas 21-jarige Zuid-Afrikaan werd vaste kracht bij Ajax en dus van het nationale elftal van Zuid-Afrika. Als je het hebt gemaakt bij een Europese topclub ben je de grote trots van Bafana Bafana, de troetelnaam van het Oranje van Zuid-Afrika.

Benni McCarthy was de eerste Ajacied die niet meer ongestoord over straat kon lopen in zijn geboorteland Zuid-Afrika. Mede daarom kocht hij voor zijn ouders, broers en zusters een groot huis met zwembad buiten de townships, dus in een zwaar bewaakte, blanke buurt. Pienaar deed hetzelfde, zodat ook zijn ouders wonen als een vrouw in het verkeerde lichaam, als de gangmaker op het verkeerde feest. Maar Benni en Steven hadden weer geen keus. Pienaar bezocht voor de documentaire een gevangenis waar een van zijn oudste vrienden, Tayrone Baartman, gevangen zit. Baartman was de held uit Pienaars jeugd, vooral omdat hij zo vreselijk goed kon voetballen. Ja, beter dan Steven zelf, dachten Steven en andere gevangenen. Maar Baartman had geen geluk. Alle gevangenen waren naar de luchtplaats gekomen om de held aan te raken. Pienaar voelde zich verlegen en ongemakkelijk, tot hij spontaan de microfoon pakte en de gevangenen een hart onder de riem stak. De gevangenen luisterden ademloos en gaven de kleine held een donderend applaus toen hij was uitgesproken.

Het kan dus wel, serieuze, ontroerende sportdocumentaires maken. Sportprogramma’s hoeven niet alleen te worden gemaakt om vooral te kunnen lachen, zoals ze denken bij de publieke omroep, getuige het van de buis gehaalde Studio Spaan en de serieuze Vrienden van Van Swieten. Grappig dat je voor een echte documentaire bij het commerciële RTL5 moet zijn. Kijkend naar de film over Pienaar voelde ik me even verwant met de toegesproken gevangenen. Ook ik wilde maar één ding, de grote held Steven Pienaar heel even aanraken.