Natrappen

Pieter Hilhorst

Het blauwe licht schijnt niet meer. Deze week was de laatste aflevering van het programma van Anil Ramdas en Stephan Sanders. Twee jaar heb ik eraan meegewerkt en ik kan dus in alle objectiviteit zeggen dat hiermee een einde komt aan het beste mediaprogramma dat ooit op de Nederlandse televisie is uitgezonden. Het was zo'n goed mediaprogramma dat het eigenlijk helemaal geen mediaprogramma meer was. Het waren bespiegelingen over de wereld naar aanleiding van televisiefragmenten. Nergens anders werd op tv het interpreteren en overinterpreteren zo tot kunst verheven. Voor het opheffen van het programma heeft de leiding van de vpro geen inhoudelijke argumenten gegeven. Hans Maarten van den Brink vond dat ook niet nodig, want Ramdas en Sanders hadden zelf ooit gezegd te willen stoppen. Opgestaan, plaats vergaan. Dat vanaf de eerste uitzending geregeld sprake is geweest van stoppen, vergeet hij voor het gemak. Ramdas en Sanders zijn niet zo blij met de handelswijze van de vpro. In een interview in de Volkskrant twijfelden ze daarom aan de kwaliteiten van hoofdredacteur Van den Brink. Na het interview werd ik door verscheidene mensen aangesproken over de uitlatingen van de heren. Zo natrappen was toch beneden hun niveau. Daarmee laten ze zich wel heel erg kennen: verwende kinderen die niet tegen hun verlies kunnen. Ze hebben zonder meer gelijk, deze hoeders van de publieke hygiëne. Kritiek geven is niet chique, zeker niet in het openbaar. De vraag is alleen wat het alternatief is. In een eerder stadium de publiciteit zoeken getuigt immers evenzeer van een gebrek aan gevoel voor verhoudingen want «we onderhandelen niet via de krant» of «we gaan niet de vuile was buiten hangen ». Het komt er in feite op neer dat het in de pers ter discussie stellen van de macht altijd een schending is van de goede smaak. Wie netjes wil blijven, mag alleen binnenskamers zijn stem verheffen. Maar dat wil niet zeggen dat hij daar ook wordt gehoord. Albert Hirschman maakt een onderscheid tussen Exit, Loyalty en Voice. Een ongelukkige werknemer kan zich schikken in zijn lot (Loyalty), hij kan een andere baan nemen of ziek worden (Exit) of hij kan proberen om wat hem niet zint te veranderen (Voice). Maar juist aan dat laatste schort het in veel bedrijven, zeker na het failliet van de democratisering van bedrijven in de jaren zeventig. Klagen verwordt dan tot machteloos zeuren. Fraai is anders. Wie zijn waardigheid wil bewaren, rest niets anders dan beleefd blijven buigen of geruisloos door de achterdeur vertrekken. De nieuwe regenten blijft het om het even. Het interview in de Volkskrant had heel goed een onderwerp kunnen zijn van Het blauwe licht. Dan zou een boeiende discussie volgen waarin het de kijker langzaam duidelijk wordt dat het natrappen in de krant niet zozeer iets zegt over het karakter van de geïnterviewden als wel over de positie waarin ze zich bevinden en het gebrek aan alternatieven om onvrede kenbaar te maken. Al snel zou het echter over veel meer gaan dan een conflict tussen een omroepbaas en twee presentatoren. Terloops zouden grotere kwesties op tafel komen als de onmogelijkheid van wellevend protest en het inherente conservatisme van de goede smaak. Dat zulke gesprekken volgend jaar niet meer te zien zijn op de televisie is - wiens schuld het ook moge zijn - eigenlijk onvergeeflijk.