De onderwatermens in de kunst

Pin-ups van de zee

Typ het woord ‘zeemeermin’ in op Google en de zoekmachine suggereert ‘zeemeermin gevonden’. De duistere diepte van de oceaan blijft fascineren, en resulteert in onderwaterkunst. En duizelingwekkende kitsch.

Golven weerkaatsen in zijn spiegelende huid, terwijl wolken over zijn gespierde torso, billen en voeten drijven. De steen waar hij op zit neemt de kleur aan van de blauwe lucht boven hem. De jongen leunt lichtjes op zijn handen en staart over het water. 45 kilometer ten noorden van Kopenhagen zit deze roestvrijstalen meerman in de haven van Helsingør. De sculptuur is een permanent geïnstalleerde creatie van het Deense kunstenaarsduo Elmgreen Dragset, dat een mannelijke tegenhanger van Denemarkens nationale symbool wilde maken. Met zijn gladde benen en reflecterende tenen is Han het toppunt van ijdelheid, Narcissus die niet genoeg had aan de spiegeling van het water en zelf spiegel is geworden. Eens per uur knippert hij via een hydraulisch systeem verleidelijk met zijn ogen. De bronzen Kleine Zeemeermin van beeldhouwer Edvard Eriksen uit 1913 betrof een romantische, letterlijke vertaling van het sprookje van Hans Christian Andersen. Honderd jaar later heeft een homo-erotisch kitschobject evenveel recht op een permanente havenplaats. Zijn kunstenaars van hun geloof gevallen?

Het Teylers Museum in Haarlem presenteert met Een zee vol meerminnen naar eigen zeggen de eerste tentoonstelling over de zeemeermin in Nederland, voor jong en oud. De keuze voor een sprookjesfiguur mag opvallend worden genoemd in het oudste museum van het land. In 1778, toen het geloof in zeemeerminnen nog wijdverbreid was, werd het Teylers Museum gesticht als plek voor kunst en wetenschap en het pand aan het Spaarne gevuld met fossielen, natuurkundige instrumenten en Hollandse meesters. Toch misstaat een collectie zeemeerminnen hier niet, want het was de wetenschap die aanleiding gaf voor rijke fantasieën. Te ­midden van telescopen en landkaarten signaleerden zeevaarders de eerste vrouwen met staarten en tekenden ingescheepte biologen ze op.

In 1712 bijvoorbeeld werd een meermin door een voc-schip gevangen bij Ambon. Vier dagen en zeven uur voor haar dood spartelde ze in een tobbe, terwijl haar specificaties (ze slaakte kleine kreetjes en produceerde kattendrollen) op schrift werden gesteld. Dit zogenaamde ‘Boeroenese zeewijf’ belandde in Nederland in serieuze wetenschappelijke verhandelingen. Zo nam dominee François Valentyn in zijn 5144 pagina’s tellende encyclopedie Oud en Nieuw Oost-Indiën (1726), te zien in de tentoonstelling, de sectie ‘Van de zee-menschen’ op, waar hij nog eeuwen om zou worden uitgelachen.

Nu gaan bij de eenzame man op zee de zeemeerminnen ongetwijfeld als vanzelf voor zijn ogen dansen. Maar ook Columbus en Hudson noteerden in hun dagboeken de verschijning van de ‘rug en borsten van een vrouw’, hoewel volgens Columbus niet zo mooi als wel werd beweerd. Een interessante verklaring voor het blinde geloof in zeemensen is de tendens om dieren menselijke eigenschappen toe te dichten. Een zeehond werd omschreven als een zeemonnik, een zeebisschop of zelfs een zee­ridder. Een walrus of zeeleeuw met vetplooien, in 1531 gevangen in Polen, ging door voor een bisschopsvis. In het Visboeck (1577) van de Scheveningse vishandelaar Adriaen Coenen, opgenomen in de tentoonstelling en op de website van de Koninklijke Bibliotheek digitaal te raadplegen, staat ‘de meremin of dat zeewijf’ gewoon opgenomen tussen de garnaal en de paling.

De historische boeken vormen zonder twijfel het kunsthistorische hoogtepunt van Een zee vol meerminne __n_ ,_ samen met de kopergravure De triomf van Galatea (1592), die Hendrik Goltzius maakte naar het gelijknamige schilderij van Rafaël, en aardewerk uit de klassieke oudheid, beschilderd met uiteenlopende Sirenen. Andere verhalen moeten het in Haarlem doen met kopieën van schilderijen en curieuze volkskunst. Maar dat maakt ze niet minder smeuïg, zoals de mythe van onze nationale zeemeermin. In 1403 wordt de dijk van de Zuidzee door een storm verwoest en zien Edamse melkmeisjes hoe een vrouw het Purmermeer binnenzwemt. Ze weten de woesteling, die niet kan spreken en terug wil naar zee, te vangen en kleden haar aan. De stad Haarlem koopt haar als attractie. In vroege afbeeldingen heeft Het Zeewijf van Edam nog gewoon benen. Pas wanneer de wetenschap in de negentiende eeuw de kwestie rond het bestaan van zeewijven beslecht in het voordeel van het bijgeloof slaat de fantasie op hol. Het Groene Wijf van de Purmer, haar andere bijnaam, wordt vanaf nu afgebeeld met vinnen en leeft voort als zeemeermin. En uiteraard waren er objecten nodig om de sterke verhalen te staven, relieken gelekt uit de verbeelding. In een donkere vitrine ligt een Japanse zeemeerminmummie, opgetrokken uit runderdarm, apenhuid, hondenkaken en vissenwervels.

Hoed u als u aan het einde van de tentoonstellingszaal het tweede gedeelte van Een zee vol meerminnen betreedt. Een modern zinken fonteinbeeld van een trompetterende nimf vormt het begin van een stortvloed van zeemanskitsch, waar het stempel ‘familietentoonstelling’ geen excuus voor vormt. Tatoeages waarin de zeemeermin als pin-up wordt toegelicht, een affiche van Pirates of the Caribbean, Balinese schilderijen met impressies van de zee en titels als Zeemeermin en Zeemeerman, Mexicaans keramiek en bontgekleurde Congolese schilderijen. Lukrake meerminnen van over de hele wereld vertegenwoordigen de zeemeerminfantasieën van vandaag, maar staan in geen vergelijk met de historische schatten waar de tentoonstelling mee begon. Schilderijen uit de Romantiek en het symbolisme, waarin de zeemeermin als femme fatale misschien wel haar interessantste rol vertolkt, zijn aanwezig in de vorm van reproducties. Het museum laat de interpretatie hier varen, waardoor deze eerste tentoonstelling beperkt blijft tot de globale verbeelding van het zeewezen. Om te eindigen bij het begin: een vitrine vol tenenkrommende parafernalia, waaronder een nietmachine met Ariël en een mok met een zeemeermin met vooruitstekende borsten, voorzien van de tekst ‘Hollandse Nieuwe’.

In het ideale geval zou je, wanneer je in het Teylers de hoek om slaat, aan de andere kant van de Noordzee uitkomen. In Nottingham Contemporary opende Aquatopia: The Imaginary of the Ocean Deep, een tentoonstelling die later dit jaar naar Tate St. Ives reist. Hoewel ook deze tentoonstelling uitstapjes naar verschillende werelddelen maakt, bijvoorbeeld met de beroemde pornografische octopus van de Japanse prentkunstenaar Hokusai (The Dream of the Fishersman’s wife, 1814), trekken de curatoren de fascinatie voor de diepzee door naar de weerslag in de kunst van nu. Wat is het equivalent van Het Groene Wijf anno 2013?

Kunstenaars vissen nog steeds van alles op. Simon Starling gooide een kopie van een sculptuur van Henri Moore in Lake Ontario, om deze achttien maanden later als mosselbeeld weer op te vissen. Wolfgang Tillmans portretteerde een vlieg die zich te goed doet aan een sappig zeebanket dat je op de haarscherpe foto bijna kunt ruiken. Sprekender echter zijn de kunstenaars die voor hun zoektocht nieuwe media inzetten, en bovenkomen met observaties van maatschappelijke waarde. In tegenstelling tot de statische lijnen op de historische gravures klotsen de golven in een videokunstwerk.

Uit de golven van de Stille Oceaan duiken in Haenyeos Women at Work (2012) bejaarde vrouwen op, te zien op YouTube. Ze happen naar lucht en maken dan een dolfijnachtig geluid, fluitend in de wind. Hun verweerde gezichten, tussen de zestig en negentig jaar oud, worden omlijst door het strakke rubber van hun duikpak. Zonder zuurstofflessen duiken ze dan weer onder, pikhouweel in de hand, op jacht naar octopussen, schaaldieren en parels. Aan de hand van deze Haenyeo, vertaald als ‘zeevrouwen’, legde de Grieks-Britse kunstenaar Mikhail Karikis (1975) de bijzondere samenleving op het Zuid-Koreaanse eiland Jeju vast. In de negentiende eeuw waren het nog mannen die doken, maar toen deze te zwaar belast werden om rendabel te kunnen zijn, terwijl vrouwen van belasting waren vrijgesteld, wisselde de taakverdeling. De vrouw staat hier nu als kostwinner aan het hoofd van de familie, dagelijks haar leven riskerend voor de vissen waarmee ze haar eiland rijk maakte. De mannen doen boodschappen en zorgen voor de kinderen. In 2007 kreeg Jeju de Unesco-status van natuurerfgoed toegekend. Het toerisme dat met deze benoeming op gang is gekomen, vormt een nieuwe bron van inkomsten. Een die niet is voorbehouden aan vrouwen. Van de dertigduizend Haenyeo is nog een handvol bejaarden over. Het matriarchaat is verworden tot mythe.

De zee beweegt zwart en dreigend in de film van The Otolith Group, het kunstenaars­collectief dat in 2010 werd genomineerd voor de belangrijke Britse Turner Prize. Hydra Decapita (2010) draait rond een modern sprookje – een luguber sprookje, een onderwatermythe met een afro-futuristische inslag die in 1993 tot leven werd gewekt door Drexciya, een muziekband uit Detroit. Drexciya is de naam van hun onder­waterwereld die wordt bewoond door de nakomelingen van slaven. Zij werden als baby’s van de slavenschepen, die tussen Afrika en Amerika pendelden, gegooid. Onder water kwamen ze tot leven. In de videoclip van Drexciya’s Hydro Theory, te bekijken op YouTube, vormt techno­muziek het achtergrondgeluid van prachtige scènes uit natuurfilms van de bbc. Golven slaan stuk op de elektrische tonen, zeeleeuwen kruipen ritmisch aan land en de vinnen van een school vissen lijken te zwiepen op de beat.

Waar kunstenaars zich vroeger lieten verrassen door alles wat maar uit het water kon kruipen, gebruiken zij de oceaan vandaag als spiegel in hun kunstwerken. Net als de glimmende meerman Han zien we onszelf en onze maatschappij overal in gereflecteerd. Het wateroppervlak weerspiegelt onze economie, het toerisme en de klimaatverandering. Maar net als vroeger herbergt de diepte van de zee ook onze verlangens en angsten. Animal Planet trok dit jaar het recordaantal van 3,6 miljoen Amerikaanse kijkers met de documentaire Mermaids: The New Evidence. Even barstte Twitter los, werd de zeemeermin trending topic. Tot het om een mockumentary bleek te gaan.


Een zee vol meerminnen, t/m 15 september, Teylers Museum, Haarlem. teylersmuseum.eu. Aquatopia: The Imaginary of the Ocean Deep, t/m 22 september, Nottingham Contemporary, nottinghamcontemporary.com