Economie

Plan B

De economische vooruitzichten zijn al een paar weken onderwerp van verhitte discussie. Balkenende en Bos riepen twee weken geleden op tot optimisme. De Nederlandse economie staat er immers goed voor: boventrendmatige groei, lage inflatie en een recordaantal vacatures. Maar de wekenlange dalingen en de enorme klap op de effectenbeurzen maandag temperen het optimisme. Een complex mengsel van conjuncturele en structurele risico’s bedreigt de economische groei, hoewel Nederland er nog relatief goed voorstaat. Wat betekent dit voor het te voeren begrotingsbeleid?

Plan A van Bos is niets doen en het financieringstekort laten oplopen. Conjuncturele tegenvallers dreigen; door vermogensverliezen op de beurs en de hogere rente nemen consumptie en investeringen af. De dure euro verslechtert de concurrentiepositie en dat leidt tot minder exporten. In navolging van Zalm stelt Bos terecht dat het dan niet verstandig is extra te bezuinigen of de lasten te verzwaren, om de dreigende vermindering van vraag niet groter te maken. Voor de gezondheid van de overheidsfinanciën is bovendien niet relevant dat het financieringstekort dan oploopt; over de tijd genomen vallen conjuncturele mee- en tegenvallers tegen elkaar weg. Op lange termijn telt alleen het financieringstekort dat is geschoond voor de conjuncturele mee- en tegenvallers, het structurele tekort.

Maar ook structurele problemen ondermijnen de groei. De kapitaalkosten van bedrijven stijgen, door de aanpassing in financiële markten om financiële risico’s beter te prijzen. Door de daling van de beurskoersen komen pensioenfondsen in de problemen. Daardoor gaan de pensioenpremies oplopen, waardoor de loonkosten weer toenemen. Loonkosten stijgen ook door de krapte op de arbeidsmarkt en de oplopende inflatie. De olie- en grondstoffenprijzen bereiken recordniveaus, mede door de aanhoudende vraag uit India en China. Door dit alles neemt de groei van de Nederlandse economie structureel af en dus stijgt het structurele financieringstekort. Als Bos daartegen geen maatregelen neemt, kiepert hij financiële problemen tijdens deze kabinetsperiode over de schutting.

Wellink, president van de Nederlandsche Bank, riep Bos afgelopen zondag op om dat niet te doen. Ook dat is terecht. Netto doet de regering namelijk niets om de houdbaarheid van de overheidsfinanciën op lange termijn te vergroten. De afspraak uit het regeerakkoord om een derde van de vergrijzingskosten deze kabinetsperiode te dekken, is in september geruisloos onder het tapijt geveegd. De andere afspraak – een structureel financieringsoverschot van één procent in 2011 – was het enige resterende anker om de houdbaarheid te bewaken. En dat anker wordt nu door Bos gelicht.

De regering heeft zich in de financiële nesten gewerkt. Het is onmogelijk om met één instrument – het financieringstekort – twee doelen te realiseren: de groei niet verzwakken en de houdbaarheid van de overheidsfinanciën borgen.

Plan B voor Bos is om toch structurele maatregelen te nemen, opdat de houdbaarheid der overheidsfinanciën op lange termijn niet verslechtert. Alleen dan kan hij het financieringstekort laten vieren. Bos heeft dan twee instrumenten – het financieringstekort en structurele maatregelen – om twee doelen te realiseren: niet remmen bij laagconjunctuur, terwijl de houdbaarheid niet op het spel komt te staan.

Derhalve: Balkenende IV moet zijn eigen langetermijndoelstelling voor het begrotingsbeleid reanimeren en maatregelen nemen. Denk aan verhoging van de pensioenleeftijd, echte fiscalisering van de aow-premies, hogere eigen bijdragen in de gezondheidszorg en verhoging van de arbeidsparticipatie. Als zulke maatregelen gefaseerd worden ingevoerd, neemt de houdbaarheid toe zonder dat de economie nu een optater krijgt. Verhoging van de arbeidsparticipatie is bovendien nodig om de druk op de arbeidsmarkt te verminderen en het gevaar van een loon-prijsspiraal te verkleinen.

Helaas blinkt Balkenende IV niet uit in het nemen van structurele maatregelen. De krapte op de arbeidsmarkt toont aan dat de arbeidsparticipatie niet substantieel groeit. De uitgaven aan gezondheidszorg blijven uit de rails lopen. De AOW wordt halfbakken gefiscaliseerd. De huizenmarkt blijft op slot. De wijkenaanpak lijkt een mislukking te worden. Enzovoort.

2008 wordt het jaar van de waarheid voor Wouter Bos. Hij moet niet alleen naar de korte termijn kijken, maar ook naar de effecten van het begrotingsbeleid op lange termijn. Zolang hij en de rest van de regering niet de politieke wil hebben om structurele maatregelen te nemen, komt het gedurende deze regeerperiode niet meer goed met de overheidsfinanciën.