Poffero bill

Heeft het bliksembezoek van Bill Clinton, president van de Verenigde Staten van Amerika, nu drie of vier miljoen gekost?

Ik denk vijf.
De Marshallhulp, zo'n vijftig jaar geleden, diende om een uitgemergelde natie weer op de been te brengen. Gegeven het feit dat driekwart van de mensheid nog steeds uitgemergeld is, moet deze proeve van geldsmijterij haast obsceen worden genoemd.
Wat was er uiteindelijk te zien voor die 750 journalisten die zich tussen Plein (Den Haag) en Wilhelminapier (Rotterdam) hebben bewogen?
Ik weet het niet, zelf ben ik tamelijk ontevreden over de verslaggeving, die een hoog Koninginnedaggehalte had. Regelrecht gefaald heeft de Koningin der Aarde bij de berichtgeving over het onmiskenbare hoogtepunt van de feestelijkheden: de spontane wandeling van het echtpaar Clinton door de binnenstad van Delft, eindigend in de plaatselijke poffertjestent.
Het gebeuren is in de media verslagen als het bewijs van het feit dat zo'n Clinton, ogenschijnlijk de machtigste man op aarde, nog steeds een gewone knul is, die graag een heerlijk, helder glas bier bij zijn poffertjes drinkt. Andermaal was de Rijks Voorlichtings Dienst het internationale lachsucces. Heeft nu werkelijk niemand van de Rijksvoorlichters de moed kunnen opbrengen om de hoge gast te vertellen dat je alles bij poffertjes kunt drinken, desnoods een glas leidingwater, maar dat bier in zo'n geval als een zonde tegen de Heilige Geest moet worden beschouwd?
Maar liefst 750 journalisten hebben de poffertjesetende president over de schouder gekeken en we weten nog steeds niet wat de ware toedracht van dit spontane gebeuren is geweest. Zeker is dat Bill voor aardbeien als bijgerecht heeft gekozen, terwijl Hillary de kersen prefereerde. Voor de rest loopt de berichtgeving sterk uiteen. Het echtpaar, meldt de een, zou zonder te betalen zijn vertrokken. Latere berichten spraken over een presidentiële cheque van 170 gulden, inclusief een fooi van 35 gulden.
Dus zijn er twee mogelijkheden. Of Clinton is een duitendief, die in zijn hoogmoed de rekening meent niet te hoeven betalen. Of de eigenaar van de poffertjestent is een flessentrekker die voor twee porties poffertjes + twee glazen bier de somma van 170 gulden minus 35 gulden = 135 gulden gedeeld door twee is 367,50 vraagt.
Heren regeringsleiders, beste Tony, lieve Helmut, luister naar mijn raad. Mijd volgende week, in Amsterdam, die andere poffertjestent, op een straatlengte afstand van De Nederlandsche Bank gelegen. Het is daar puur culinair cabaret, zo heb ik ervaren. Nee, er kon geen ijs in de Campari, want ijs was er niet en de Campari was trouwens op, op de bestelling hebben wij ruim een kwartier moeten wachten, de muziek was luid en slecht, de wijn bleek regelrecht bedorven, een tweede portie poffertjes (de helft voor de een, de helft voor de ander) bleek strijdig met de bedrijfsregelementen, bij het afrekenen moesten wij op onze kop gaan staan teneinde de aandacht van de uitbater te trekken, die zich vervolgens bij het afrekenen zeven gulden vijftig in zijn nadeel verrekende.
Niets aan te doen. Vergissen is menselijk. Dit bedrag hebben wij vervolgens, enigszins giechelig, in het café aan de overzijde verzilverd.