Omstreden mijnbouw in Guatemala

Polderen in Guatemala

Nederland subsidieert het grootste mijnbouwproject van Guatemala in naam van de armoede-bestrijding. Tegelijk sponsort ons land de arme indianen die nauwelijks nieuw werk maar wel vergiftigd water aan de mijnbouw overhouden. ‘De heren noemen dit ontwikkeling.’ Tijd om te kiezen.

Deze week laat kroonprins Willem-Alexander zich in Guatemala herverkiezen voor een tweede termijn als ioc-lid. Enkele maanden geleden bezocht hij het land ook al, toen als voorzitter van de VN-commissie voor water. In Guatemala, waar duizenden liters water per dag worden verbruikt bij de winning van goud, is dat geen onbelangrijke commissie. Al helemaal niet omdat de natuurlijke leefomgeving bij die waterslurpende goudwinning ernstig wordt aangetast, vooral door het gebruik van cyanide om het goud los te weken. Daarbij hebben lang niet alle Guatemalteken toegang tot schoon water.

De milieuramp speelt zich af in het bergachtige westen, terwijl de prins tijdens zijn vorige bezoek de jaarvergadering van de ontwikkelingsbank voor Latijns-Amerika toesprak in de hoofdstad. Goudwinning wordt gezien, zo bevestigde de Nederlandse ambassade opnieuw na het recente bezoek van minister Koenders, als ‘ontwikkelingsproject’. Tegelijkertijd is Nederland op het gebied van milieubescherming de belangrijkste donor van het land, met zeven miljoen euro jaarlijks. En dan heeft de politiek de mond vol van ‘coherentie’ in ontwikkelingsbeleid.

Medium marlinmijn 06303 03

Willem-Alexander bleek zich beter dan de beroepsdiplomaten bewust van de tegenstrijdigheden die er spelen rond ontwikkelingsdoelstellingen als deze. Zo vergeleek hij in zijn toespraak in Gautemala-Stad de hopeloos ver uit het zicht rakende millenniumdoelstellingen met de bekende kubus van de Hongaarse geleerde Rubik. Een draai in de richting van armoedevermindering, hield Willem-Alexander zijn publiek voor, kan aan de andere kant van de kubus direct leiden tot milieuproblemen. Om een voorbeeld te geven noemde hij het groeiende gebruik van suikerriet voor de productie van ethanol. Dat is goed nieuws in de strijd tegen de uitstoot van broeikasgassen, maar slecht nieuws voor het behoud van precaire ecosystemen.

Medium marlinmijn 06303 31

Verder wilde Willem-Alexander echter niet gaan. Zo kwamen de deelnemers via hem niets te weten over de moeilijkheden die de gezaghebbende bisschop Alvaro Ramazzini ondervindt als gevolg van de inspanningen die hij zich getroost om invloedrijke organisaties en politici te wijzen op de hoge milieu- en gezondheidsrisico’s van de mijnbouw in zijn land. Enkele dagen na de speech van de prins werd de bisschop zelfs de toegang tot de conferentie geweigerd door de Guatemalteekse veiligheidsdienst.

Ramazzini is voorzitter van de Bisschoppenconferentie in Guatemala en bisschop in San Marcos, een van de armste gebieden van het land. Hij wijst niet alleen op de vernietiging van de natuurlijke leefomgeving, maar ook op het groeiende tekort aan veilig drinkwater als gevolg van de mijnen. Het gaat daarbij vooral om het ‘project Marlin’, dat het Canadese bedrijf Goldcorporation (‘Goldcorp’), dat in Guatemala onder de naam Montana opereert, in november 2005 begon in een gebied tussen de bergdorpen San Miguel Ixtahuacán en Sipacapa, in de arme regio van San Marcos. Het is een van de grootste mijnbouwprojecten in Guatemala en Goldcorp is een van de grootste goudproducenten ter wereld. Het gaat goed met het bedrijf. De laatste jaren is de vraag naar goud en zilver wereldwijd sterk gestegen. En dus de prijs. Mijnbouwbedrijven op zoek naar nieuwe wingebieden lieten hun oog op Guatemala vallen vanwege de enorme voorraden mineralen, de goedkope arbeidskrachten en het minimale toezicht op de toch al karige milieuwetgeving.

Goldcorp verwacht in Guatemala per jaar minimaal 230.000 ounce goud en 3,6 miljoen ounce zilver te produceren gedurende een periode van tien jaar. In 2000 was de goudprijs op de wereldmarkt 300 dollar per ounce (= 31,1 gram) Op dit moment is dat 647 dollar. Tel uit de winst: Goldcorps Montana rekent op een minimale opbrengst van 89 miljoen dollar per jaar. (Dat is een conservatieve schatting.)

Met de belofte één procent van de winst als belasting af te dragen aan de staat, kostte het Goldcorp niet veel moeite om de nodige vergunningen voor de Marlin-mijn te bemachtigen. President Berger wees erop dat ‘Montana de grootste belastingbetaler ooit is’, wat vooral iets zegt over het nationale belastingstelsel. De belastingopbrengsten zijn zo beperkt dat ‘Guatemala niet bij machte is zijn bevolking veiligheid te verschaffen en armoede en discriminatie een halt toe te roepen’, zo meent de Zweed Anders Kompass, VN-vertegenwoordiger voor mensenrechten in Guatemala.

Medium marlinmijn 06309 29a

De oorspronkelijke Maya-bevolking in de regio is niet blij met de Marlin-mijn. De Mam-Maya’s vormen er zeventig procent van de bevolking, van rond de 850.000 Guatemalteken. Bij de goudmijn zelf wonen veertigduizend mensen, 96 procent van hen is Maya-indiaan. De open en ondergrondse mijnbouw van Goldcorps Montana bestrijkt een gebied van tweeduizend hectaren nabij de rivier Tzalá op 2200 meter hoogte. Al eeuwenlang wonen de Maya’s bij hun heilige berg van San Miguel Ixtahuacán, waarop wordt geofferd en gebeden voor het ‘hart van de hemel, hart van de aarde’. De Maya’s spreken er hun eigen taal en houden er hun cultuur en tradities in ere. Ze leven er in grote armoede. Hun kleine lapjes landbouwgrond, met vooral maïs en frijoles, leveren te weinig op voor een bestaansminimum. Een kwart van de bevolking is analfabeet. Onderwijsvoorzieningen en gezondheidszorg zijn uiterst beperkt. De helft van de volwassenen heeft het basisonderwijs niet volledig doorlopen. Ieder jaar trekt zo’n tachtig procent van de bevolking tijdens de oogsttijd naar suikerriet- en koffieplantages elders in Guatemala om inkomsten te vergaren. Sommigen steken illegaal de grens naar de VS over. De dollars die zij overmaken zijn voor hun families de voornaamste bron van inkomsten.

Aanvankelijk ontving de indiaanse bevolking in dankbaarheid de beloften van Goldcorp om ontwikkelingsprojecten te starten op het gebied van onderwijs, gezondheidszorg, werkgelegenheid en infrastructuur. De Wereldbank leverde op basis van deze beloftes een lening van 45 miljoen dollar aan het bedrijf. Officieel zegt de Wereldbank over de lening: ‘Goldcorp verwacht dat onze participatie het politieke risico verkleint dat is verbonden aan werken in Guatemala.’ Anders gezegd: meeliften met de kerntaak van de Wereldbank, armoedebestrijding, is goed voor de beeldvorming rond het bedrijf, dat zelf ook niet stil zat. Voortvarend richtte het de Fundación Sierra Madre op om de beloofde ontwikkelingsprojecten ter hand te nemen. Directeur is Arturo Melville, halfbroer van de Guatemalteekse vice-president, waardoor een band met het politieke machtscentrum van het land is verzekerd. Ook ontwikkelingsorganisaties als Indigenous Peoples Development Plan, die nauw gelieerd zijn aan de Amerikaanse regering, beloofden gouden tijden voor de indiaanse bevolking. Maar het resultaat is mager. In totaal zijn er nu twee protestantse kerkjes, een school en enkele huizen gebouwd.

Medium marlinmijn 06309 37a

Niet voor niets verzet de indiaanse bevolking zich steeds nadrukkelijker tegen de gedachte dat de mijnbouw haar gemeenschap vooruit helpt. Trancito Pérez Zapet, voorzitter van de parochieraad in de buurt van de mijn: ‘Goldcorp beloofde werk in ruil voor land. Eerst konden er achttienhonderd mensen werk vinden. Na ruim een jaar zijn dat er nog maar driehonderd. In de hele regio wonen veertigduizend mensen. De buitenlanders verdienen gemiddeld vijf- tot achthonderd dollar per maand voor werk waar wij 250 dollar voor krijgen. Ook beloofden ze onderwijs. Maar het bleek vooral scholing voor werk in de mijn: een opleiding tot vrachtwagenchauffeur en heftruckbestuurder of voor het aanleggen van elektriciteitskabels. Montana heeft ons niet voorgelicht over de schadelijke effecten van de mijnbouw voor het milieu. Ze gebruiken bij de goudwinning cyanide en zoveel water dat het grondwaterpeil enorm is gezakt en onze bronnen inmiddels droog staan.’

Voor de ontginning van de mijn moest negentig hectare bos worden gekapt en 38 miljoen ton rots met dynamiet worden verpulverd. Volgens zijn eigen milieueffectrapportage heeft Montana voor de winning van het goud 250.000 liter water per uur nodig. Een boerenfamilie verbruikt zestig liter per dag. Om het goud los te weken wordt gebruik gemaakt van cyanide. Het afvalwater wordt met het gif opgevangen in een kunstmatig aangelegd meer.

Medium san miguel 06311 05

Het in opdracht van milieuorganisatie Colectivo MadreSelva uitgevoerde onderzoek van de Italiaan Flaviano Bianchini toonde een verontrustend hoog gehalte zware metalen aan in de rivieren bij de Marlin-mijn, hoger dan de door de Wereldgezondheidsorganisatie gestelde grenzen voor aluminium, koper en mangaan. De vice-minister voor Energie en Mijnbouw, Garcia Chiu, kwalificeerde Bianchini’s rapport als een ‘pseudo-studie zonder wetenschappelijke basis’. De bedreigingen aan Bianchini’s adres werden vervolgens zo ernstig dat Amnesty International actie ondernam voor zijn veiligheid. Bisschop Ramazzini wordt vanwege bedreigingen zelfs permanent door drie bodyguards beveiligd. President Berger greep in toen begin 2005 een premie van vijftigduizend dollar op het hoofd van de bisschop werd gezet. Al zijn ze geen vrienden, Berger kan zich een volksopstand ten gevolge van een moord op de populaire bisschop niet veroorloven.

De bisschop heeft zich vierkant achter de acties van de bevolking opgesteld. In een vraaggesprek zegt hij: ‘Bij dit mijnbouwproject staat de toekomst van Guatemala op het spel; ons milieu, de biodiversiteit en het behoud van natuurlijke hulpbronnen. Wie houdt toezicht op de activiteiten van het mijnbedrijf? Welk recht hebben de gemeenschappen van San Miguel Ixtahuacán en Sipacapa om hun klachten te laten horen? Wie gaat ervoor zorgen dat er een deskundige en onafhankelijke monitoring plaatsvindt van wat daar gebeurt?’

Ramazzini stelde zelfs een eigen mijncommissie in om de bevolking van San Marcos bij hun acties te helpen. De Nederlandse ontwikkelingsorganisatie Solidaridad ondersteunt dit initiatief. Begrijpelijk, aangezien ook een door Nederland ondertekend VN-verdrag, conventie 169, bepaalt dat inheemse volken geconsulteerd moeten worden over het gebruik van natuurlijke hulpbronnen en mijnbouwactiviteiten in hun leefomgeving.

Medium sipcapa 06310 33

Na de burgeroorlog in Guatemala, die tussen 1960 en 1996 zo’n tweehonderdduizend levens heeft gekost, tekende ook Guatemala dit verdrag. Maar toen duidelijk werd dat de centrale overheid zich niets aantrok van de hevige protesten van de inheemse bevolking tegen de mijnbouwexploitatie, organiseerde de gemeente Sipacapa als eerste zelf een referendum. Elf van de dertien dorpen stemden tegen de ontginning van het gebied, één onthield zich van stemming. Andere gemeenten volgden. Volgens het onderzoeksbureau Vox Latina zou 95,5 procent van de bevolking van het gehele departement tegen het mijnproject zijn. Het Grondwettelijk Hof bevestigde de rechtsgeldigheid van het referendum, maar dit werd niet bekrachtigd met intrekking van de mijnbouwlicentie. De minister van Energie en Mijnbouw gaf als reactie dat het referendum ‘weliswaar rechtsgeldig is, maar niet bindend’. De plaatselijke bedrijfsleider, Milton Soravia, verklaarde dat Goldcorp handelde in overeenstemming met de wettelijke voorschriften en het VN-verdrag. Goldcorp is ‘op 83 voorlichtingsbijeenkomsten met ruim 5400 aanwezigen in gesprek geweest’. Het bedrijf houdt de mijn in vol bedrijf.

De stoffige zandweg naar de Indiaanse gemeenschap Agel, boven op de mijnberg, is kronkelig en vol gaten. Hoe dichterbij we komen, hoe beter de wegen. Plotseling wordt de publieke weg door een gewapende man en een dikke ketting afgesloten. Pas na toestemming en de komst van een auto van het Israëlische beveiligingsbedrijf Golan mogen we verder. Een videocamera registreert het bezoek.

In Agel wonen 250 gezinnen. Van de paar gelukkigen die bij de komst van Goldcorp een baan kregen, is inmiddels het merendeel weer ontslagen. Met enkele andere inwoners uit de buurt hadden ze de toegangswegen tot de mijn geblokkeerd. Ze voelden zich bekocht, omdat de prijs die ze kregen voor de verkoop van de grond bijzonder laag bleek te zijn en ook andere beloftes niet werden nagekomen.

Hun woordvoerder is pastor in een protestantse kerk. ‘We hebben geen grond meer en geen werk. Doordat Montana nu ook ondergronds boort, vertonen vijftig huizen al grote scheuren. ’s Nachts klinken er geweerschoten. Pure intimidatie. Door het mijnbouwbedrijf zijn pamfletten verspreid waarop staat dat medewerkers van de milieuorganisatie MadreSelva, die onderzoek doet naar de kwaliteit van het water, in de gevangenis zullen belanden. En dat als wij protesteren, wij daar ook zullen belanden. Ze willen ons allemaal weg hebben. Maar waar moeten we naar toe? Het is alsof een lasso om onze nek steeds verder wordt aangetrokken. De heren noemen dit ontwikkeling.’

Medium marlinmijn 06302 22a

Crisanta Emetria Fernández, een jonge Maya-vrouw, vertelt met haar kind op de arm hoe ze haar grond is kwijtgeraakt: ‘We wilden niet verkopen. Maar Goldcorp kwam steeds weer terug. Ze kochten het land van onze buren. Daardoor werd het steeds moeilijker ons land te bereiken. Maar we weigerden te verkopen, totdat de graafmachines zo dicht in de buurt waren gekomen dat we ons niet verder konden verzetten. Werk in de mijn heeft mijn man niet gekregen. Vroeger werkte ik in een gezin in de hoofdstad. Misschien moet ik dat nu opnieuw proberen. Maar de rijke families hebben een hekel aan een hulp met een klein kind.’

Ondertussen vliegen helikopters van het mijnbouwbedrijf af en aan. De Italiaanse pastoraal werker in Sipacapa, Roberto Marani, heeft zijn eigen vorm van protest gevonden. Op het dak van zijn huis naast de kerk staat met grote letters geschreven: ‘Sipacapa is niet te koop. Tot de victorie’. Het kan de inzittenden van de helikopters niet ontgaan.

Bij de protesten zijn tot nu toe twee doden en verscheidene gewonden gevallen. Ook tegen andere projecten, zoals de exploitatie van nikkel in een aangrenzend departement door Skye Resources, is het verzet groot. De centrale overheid heeft tot nu toe117 licenties voor mijnbouwexploratie afgegeven. ‘De kaart van de armoede, de kaart van de leefgebieden van de Maya’s en de kaart van de mijnbelangen dekken elkaar naadloos’, zegt Vinico Lopez Maldonade van de mijnbouwcommissie van de bisschop, die zelf opmerkt dat ‘de kerk niet principieel tegen ontginning kan zijn, omdat mijnbouw volgens de grondwet mogelijk is. Maar we moeten opnieuw in kaart brengen waar het in Guatemala kan. De milieueffectrapportages moeten beter. Regelmatig onderzoek naar de kwaliteit en kwantiteit van het water is noodzakelijk. Ik ben bang dat de wanhoop van de mensen escaleert tot politiek uiterst gevaarlijke situaties.’

Medium marlinmijn 06304 96a

Afgelopen mei bezocht bisschop Ramazzini Nederland op doorreis. Hij was de gast van Wiertz, bisschop van Roermond. Die zegt over de kwestie: ‘Ik heb in San Marcos de ellende van de mijnbouw kunnen zien. Ik herinner me dat ik op de Nederlandse ambassade een onderhoud had met de ambassadeur van Canada en een vertegenwoordiger van de Wereldbank. Ik was verbaasd dat ze zich zo sterk distantieerden van Ramazzini’s betrokkenheid. Ze beweerden dat hij de mensen ophitste en dat hij een communist was. Dat kon ik natuurlijk niet over mijn kant laten gaan. “Crazy”, heb ik gezegd. “De bisschoppen zijn de stem van het volk, en niet andersom.”’

Wiertz over de ‘schakelfunctie’ van de Nederlandse ambassadrice Bea ten Tusscher, die beide partijen te vriend wil houden: ‘Op zichzelf is dat toe te juichen. Maar op termijn loopt de ambassadrice het gevaar zich te identificeren met het establishment. Politieke en economische belangen zijn daar behoorlijk verstrengeld. Ramazzini vertelde me dat het er nu om gaat bij al die andere mijnbouwactiviteiten de ellende van het Marlin-project te voorkomen.’

Harman Idema, hoofd Ontwikkeling van de Nederlandse ambassade, beaamt dat ernaar gestreefd wordt zoveel mogelijk de relaties met alle actoren open te houden. ‘Wij hebben bewust de lijn van het polderen ingezet om de partijen met elkaar in gesprek te brengen en escalatie te voorkomen. Geen van de partijen willen we daarbij van ons vervreemden. Maar toegegeven, het is soms lastig opereren. Hoe kun je weten dat die milieueffectrapportages betrouwbaar zijn? Hoe kunnen referenda worden georganiseerd waarvan beide partijen de uitslag respecteren?’

Nederland heeft zelf geen stemrecht en hoeft dus geen kleur te bekennen in het conflict. Maar geld besteden aan beide partijen lijkt een oplossing vooralsnog ook niet dichterbij te brengen. Wellicht wordt het tijd om te kiezen.

Fotografie Piet den Blanken www.denblanken.com