Muziektheater

POLITIEKE MASKERADES

MUZIEKTHEATER Un ballo in maschera

De Italianen hebben geen enkele belangstelling voor de politiek in hun land. Berlusconi is weer gekozen, maar enthousiast is bijna niemand. Maar voor buitenlandse operaregisseurs is de Italiaanse politiek wel een bron van inspiratie. Johan Simons liet grote verkiezingsposters ophangen in het decor van zijn Simon Boccanegra in Parijs. Zo’n gigantische politieke poster is ook de blikvanger in de enscenering van Verdi’s Gemaskerd bal (1859) die de Duitse regisseur Claus Guth eerst voor de Alter Oper in Frankfurt heeft gemaakt (decor: Cristoph Sehl) en die nu met veel succes te zien is bij de Nederlandse Opera.

Al in Verdi’s tijd is er met deze opera enorm gesold. Hij is gebaseerd op een toneelstuk van Eugène Scribe over een waar gebeurde geschiedenis aan het Zweedse hof, maar omdat een koningsmoord op het toneel te gevaarlijk werd geacht in het koninkrijk Napels eiste de censuur dat het verhaal werd omgewerkt naar een plek ver buiten Europa. Giuseppe Verdi maakte het niet zoveel meer uit toen hij eenmaal aan het componeren was. Voor mijn part gebeurt het in de Kaukasus, schreef hij aan zijn librettist Antonio Somma. Het werd Boston aan het eind van de zeventiende eeuw, en koning Gustaaf III werd een Engelse gouverneur. Hij heet hier Riccardo, dus voor ons lijkt hij een Italiaanse graaf en daarom is de transpositie naar de hedendaagse Italiaanse politiek logisch.

Riccardo is een man die wanhopig probeert te voldoen aan het beeld van een groot politiek leider dat hij op zijn eigen verkiezingsposter (‘Voor een duidelijke weg naar de toekomst’) ziet. Hij is eigenlijk een aardige man, die iedereen het goede wenst, maar die toch vijanden heeft en hopeloos verliefd is op Amelia, de vrouw van Renato, zijn beste vriend en politieke steunpilaar. Het is een echte Verdi-opera, met liefde, dood, verraad, fatale misverstanden en prachtige, sterke, direct aansprekende muziek.

Regisseur Guth zet alles nog eens extra aan en dat doet de voorstelling goed. Hij behandelt het verhaal met een serieuze ironie en met een humor die de tragedie alleen maar schrijnender maakt. Iedereen is voortdurend gemaskerd en verkleed, niet alleen op het gemaskerd bal. Ook Riccardo (de forse Roberto Aronica) speelt een rol, net als zijn bedrijvige secretaresse (Rosemary Joshua in de rol die anders een page moet voorstellen) en de waarzegster Ulrica (Marianne Cornetti), hier geen zwarte waarzegster of zigeunerin, maar een werkster ergens in het kantoor waar de politieke partij van Riccardo zetelt, die even haar dweil weglegt om iedereen de toekomst te voorspellen.

Die toekomst is lang niet zo duidelijk als op de poster staat. Er is een scène waarin we Riccardo’s toekomst zien; zijn partijkantoor is ingestort en hij dwaalt als een spook rond over de ruïnes. Maar we zien ook zijn geliefde Amelia met man en zoontje heel gewoontjes aan de keukentafel. Renato maakt haar pathetische en onterechte verwijten. Erg overdreven, maar gebeurt dat alleen in de opera en alleen in Italië? Guth laat ons ook een stukje achttiende-eeuws bal zien. Daar wordt Riccardo door zijn vriend Renato gedood. Riccardo is de enige die in hedendaagse kleren zichzelf is, een goedwillende, herkenbare man die iedereen zijn verraad vergeeft.

Verdi is tot nu toe vaak het moeilijke punt bij de Nederlandse Opera, die onder Audi is gespecialiseerd in moderne en barokopera’s. Dit is een volmaakte Verdi-voorstelling. Het Rotterdams Philharmonisch Orkest speelt gloedvol en waar nodig subtiel onder dirigent Carlo Rizzi. Alle solisten zingen en spelen prachtig. En het gaat ergens over: hoe persoonlijke problemen de politieke toekomst in gevaar kunnen brengen. Misschien meer Clinton of Sarkozy dan de Nederlandse politiek. Hier maken de politici er op een andere manier een puinhoop van, minder goedwillend en romantisch.

De Nederlandse Opera, Un ballo in maschera, t/m 4 mei in het Amsterdamse Muziektheater