Post

Post

mail uw post naar groene@groene.nl

RETRO (1)
In Mathijs Boumans tirade ‘Retro’ (De Groene Amsterdammer, 23 mei) worden critici van de vrije markt-werking weggezet als conservatieve retro’s. Het zijn juist mensen als Bouman die vasthouden aan hun oude zekerheden en die zich niet kunnen voorstellen dat de feiten hen hebben ingehaald. Zelfs vurige vrije-marktsupporters beseffen het échec van de vrije marktwerking en erkennen dat hun pleidooien ge-baseerd waren op ongenuanceerd en onkritisch denken. Lees er de commentaren in de Financial Times of Wall Street Journal van de laatste maanden maar op na. Martin Wolf in de Financial Times van 25 maart: ‘Remember Friday March 14 2008: it was the day the dream of global free-market capitalism died.’ En in de Wall Street Journal op 27 maart schrijft David Wessel: ‘Ten Days That Changed Capita-lism.’
MARTIN PHILIPPENS, Geleen

RETRO (2)
Wat mij betreft is Mathijs Bouman (De Groene Amsterdammer, 23 mei) grandioos gezakt
voor het vwo-examen Nederlands. Dat je de genuanceerde beschouwing van Verbrugge, die voorname-lijk een sociologische is, onderbrengt onder het begrip ‘retrosocialisme’ gaat mij echt boven de pet. Dat geldt ook voor de karikatuur die hij maakt van de onderwijsopvattingen van de Vereniging Beter Onder-wijs Nederland. Ik ben het lang niet met alle denkbeelden van Verbrugge eens, maar wat dit nou te ma-ken heeft met een discussie over de economische en maatschappelijke verhoudingen, de grote ver-schuivingen daarin, de overheersende rol van het geldsysteem, de problemen van globalisering , schaalvergroting, et cetera ontgaat mij toch. Bespaar ons zulke ‘retro-discussies’.
BRAM VAN DER LEK, via e-mail

WATER
Mathijs Bouman beweert in zijn column over de vrije markt versus staatsmonopolie dat de prijs van wa-ter sinds 2000 met veertig procent is gestegen. Het is nonsens om dat te beweren. De gemiddelde wa-terprijs is sinds 2000 met maximaal vijftien procent gestegen. Dat is minder dan de inflatie. In het gebied waar ik woon, Leiden, verzorgt Duinwaterbedrijf Zuid-Holland de watervoorziening. Daar is de prijs al jaren aan het dalen! Dit bedrijf heeft zich ook nadrukkelijk uitgesproken voor handhaving van regionale monopolies en is wars van het weglekken van burger(water)geld naar aandeelhouders in de vorm van dividend.
WIM GUIKING, via e-mail

NASCHRIFT MATHIJS BOUMAN
Dat was inderdaad iets te kort door de bocht. Die veertig procent bestaat voor een groot deel uit hogere belastingen, daar zijn de waterbedrijven niet schuldig aan.

MARTHA GELLHORN
Wat een timing! Ik ben van 1932 en heb altijd veel gelezen over de oorlogen van de vorige eeuw, te be-ginnen met de Tweede Wereldoorlog, en de daaraan voorafgaande Spaanse Burgeroorlog, en als verta-ler van Barkers trilogie over de Eerste Wereldoorlog heb ik me ook in The Great War verdiept. Al lezend in Mooreheads biografie van Martha Gellhorn, pak ik, beland bij de Spaanse Burgeroorlog, Gellhorns The Face of War (Virago-editie uit 1986) uit mijn kast en herlees haar verslagen hierover. En dan nu dat prachtige nummer van ons beste weekblad, dat het leesgenot compleet maakt. Bedankt.
EDITH VAN DIJK, Den Dolder

KING ABDULLAH ECONOMIC CITY
Op ongegronde en suggestieve wijze probeert Joost de Vries in ‘King Abdullah Economic City’ (De Groene Amsterdammer, 16 mei) de lezer te overtuigen van de groeiende ‘autarkie’ van Saoedi-Arabië. Als de auteur de moeite had genomen om de analyses van de Saudi British Bank (dochter van HSBC) te beschouwen, had hij kunnen lezen dat de private sector in Saoedi-Arabië recent een enorme vlucht heeft genomen, dat regionale buitenlandse investeringen in de Golf sterk groeiende zijn en dat het land een wereldspeler van formaat aan het worden is op petrochemisch gebied. Met overnames van petro-chemische complexen in Nederland en Groot-Brittannië door SABIC en grootschalige en langdurige joint-ventures met Europese, Amerikaanse en Aziatische chemiegiganten (Shell, Chevron-Philips en Sumitomo) in het land, lijkt een ‘geopolitiek zwart gat’ ons niet een juiste benaming. We hebben hier van doen met een gezonde export-oriëntatie, niet een import-substitutie waar men autarkie mee dient te as-sociëren. Feitelijk onjuist is in dit verband ook de
bewering dat Saoedi-Arabië niet afhankelijk is van buitenlandse investeringen: naast kapitaal biedt deze internationale samenwerking namelijk technologische knowhow, hetgeen onontbeerlijk is in deze sector.
JORIS VAN DUIJNE EN PAUL AARTS, Universiteit van Amsterdam