Post

Post

KLEINE EINSTEINS
Graag wil ik reageren op het artikel van Margreet Fogteloo met de titel ‘Kleine Einsteins’ (De Groene Amsterdammer, 10 oktober). Ten eerste is het zwaar beledigend voor de groep hoogbegaafden en hun kinderen. Velen hebben het erg moeilijk en kunnen wel eens wat steun gebruiken in plaats van deze bekende retoriek. Zeik eens een keer een andere groep af en help ons eens voor de verandering!
Ten tweede is rekenen niet het talent van deze journalist. In retoriek is ze wel goed. Twee procent van de Nederlandse bevolking is hoogbegaafd. Dat zijn rond de 330.000 mensen van alle leeftijden, rassen en gezindten. Op onze basisscholen zitten 30.000 leerlingen hun tijd uit. Op de vo-scholen komt de helft niet door de school heen en zakt naar vmbo-niveau. Ik snap dat sommigen dat wel fijn vinden, want er is dan weer minder concurrentie op de arbeidsmarkt voor hun kinderen.
Misschien is het tijd dat De Groene Amsterdammer zich eens verdiept in deze groep en hun de mond gunt? Het is een groep Nederlanders waarop een taboe rust, die onderdrukt wordt en niet mag zijn wie ze zijn. Ze mogen er nog niet eens voor uitkomen…
Voor een krant als de uwe lijkt het mij een dankbare doelgroep die u mede uit de klei kunt trekken zoals u meermalen gedaan heeft voor diverse andere groepen.
Met groet, WILLEM WIND, hoogbegaafd

NASCHRIFT REDACTIE
De getallen in het artikel zijn afkomstig van de site van de Leonardo-stichting (geciteerd met bronvermelding). De getallen hebben betrekking op het totaal aantal leerplichtige kinderen.
ARCHIEFMAP 1304
Het artikel ‘Archiefmap 1304’ van Joeri Boom (De Groene Amsterdammer, 10 oktober) vraagt om uitleg aangezien er een medewerker van het Nationaal Archief in wordt opgevoerd die meedeelt dat de map ‘niet openbaar’ is, terwijl uit het verdere artikel blijkt dat archiefmap 1304 zonder enige beperking aan de heer Boom ter beschikking is gesteld.
Het Nationaal Archief is de bewaarplaats van overheidsinformatie zodat de overheid zich kan verantwoorden. Ongeveer 84 procent van het archief is openbaar zonder enige beperking, voor ongeveer 16 procent geldt dat overwegingen van privacy in het geding zijn. Ten aanzien van archiefmap 1304 is in 2000 door het ministerie van Binnenlandse Zaken bepaald dat openbaarheid moet worden beperkt in verband met privacyoverwegingen.
Het kan zijn dat een onderzoeksmedewerker van het Nationaal Archief in zo’n geval een deel van dat archief, soms verschillende mappen, voor nadere bestudering apart neemt. Map 1304 is samen met enkele andere mappen om die reden de afgelopen jaren op een andere plek opgeborgen geweest.
Voor stukken met het predikaat ‘beperkt openbaar’ gelden voorwaarden die bepalen of en hoe ze openbaar gemaakt kunnen worden. De persoon die wordt onderzocht, moet aantoonbaar zijn overleden. Als een persoon in leven is, moet deze toestemming geven. De aanvrager wordt gevraagd een onderzoeksvoorstel te doen, dat kan in de vorm van een brief. De heer Boom is op 1 oktober tijdens zijn bezoek aan het Nationaal Archief van deze procedure op de hoogte gesteld. Op maandag 6 oktober stuurde de heer Boom deze brief en een begeleidende mail.
Vanwege de grote haast van de heer Boom heeft het hoofd van de afdeling onderzoek afgelopen maandag al zijn afspraken afgezegd en de map bestudeerd. De heer Boom kon aantonen dat de persoon die in de archiefmap wordt opgevoerd in 2001 is overleden. Het Nationaal Archief stelde vast dat er ook geen andere privacybelangen golden die openbaarmaking in de weg konden staan. In de middag – dezelfde dag – ontving de heer Boom van ons een telefoontje dat de map volledig openbaar was en op hem lag te wachten in de studiezaal, waar wij hem dinsdag om kwart voor zes hebben begroet.
MR. M.J. BERENDSE,
directeur Nationaal Archief