Week 30

Post

Cultureel ondernemerschap

Een compliment voor De Groene (van 16 juli) om op uitgebreide schaal aandacht te besteden aan de verloedering van ons cultureel erfgoed vanwege – in mijn woorden – bestuurlijk opportunisme, falend toezicht en roekeloos management. Op de snijtafel lag het Wereldmuseum Rotterdam dat in een coma is geraakt. Wil de culturele sector maatschappelijk aanzien verwerven, dan behoren dit soort verhalen tot het verleden te behoren. Te beginnen met het versterken van het zelfreinigend vermogen van culturele instellingen, adviesraden en cultuurpolitieke overheidsafdelingen.

Maar hebben de lezers het complete verhaal kunnen lezen? De schrijver is vooringenomen wat de oorzaak van deze jammerlijke casus betreft. Hij heeft de oorzaak gevonden: cultureel ondernemerschap. Weliswaar als verschijnsel niet meer weg te denken, maar Rotterdam laat zien waartoe dit ondernemerschap leidt. Wat de schrijver bedoelt met cultureel ondernemerschap wordt niet duidelijk en lijkt synoniem te zijn voor ‘bedrijfsmatig denken’, ‘commerciële activiteiten’ of meer cryptisch ‘ondernemen is geen kunst’.

Met een simpele knop op het toetsenbord had de schrijver kunnen zien dat cultureel ondernemerschap een kennisdomein is dat bestaat uit drie componenten: 1. Leidinggeven vanuit een culturele missie, 2. Balanceren tussen culturele en economische waarden, en 3. Zorgdragen voor een culturele infrastructuur in de eigen omgeving.

Vanuit Nederland spelen diverse hoogleraren inzake cultureel ondernemerschap een belangrijke rol als het gaat om het verdiepen van het ondernemend bewustzijn in de culturele sector. Het stimulerend beleid op het gebied van cultureel ondernemerschap van voormalig pvda-staatssecretaris Rick van der Ploeg in 1999 heeft hierbij een belangrijke rol gespeeld. De 25 procent kunstsubsidiekorting van voormalig vvd-staatssecretaris Halbe Zijlstra in 2010 met een beroep op ondernemerschap, kon onderzoeksbreed gepareerd worden als een tot mislukken gedoemde, populistische neoliberale aanval op de culturele sector.

Maar ik wil ook de hand in eigen boezem steken om het verhaal echt compleet te maken. Als de schrijver zo gemakkelijk kan schrijven over cultureel ondernemerschap is er iets fout gegaan aan de kant van de wetenschappers. Wellicht zijn we te veel gericht geweest op het doen van onderzoek, papers schrijven voor congressen, en rapporten publiceren voor universiteiten, hogescholen en overheden. Voor een belangrijk deel hebben we de praktijk in de kou laten staan.

Ook de onderzoekspraktijk inzake cultureel ondernemerschap moet veranderen. Minder consultants, minder beleidsrapporten en meer actieonderzoekers die met de directies met hun poten in de modder staan om culturele organisaties future proof te maken. Maar ik waarschuw deze onderzoekers wel: nwo-subsidies zul je er niet snel mee binnenhalen.

GIEP HAGOORT, Utrecht, Creativiteitsprofessor en hoogleraar emeritus kunst en economie

Griekenland als afschrikwekkend voorbeeld

In De Groene (van 16 juli) hekelt Koen Haegens de ‘radicalisering’ in Europa omtrent de ‘Grexit’ en vindt daarvoor bewijs in de Duitse kranten en in uitlatingen van politicus Verhofstadt. Zo spreekt Bild over ‘sjoemel-Grieken’ en Die Zeit over ‘een prestatievijandelijke cultuur’. Waarna Haegens het opneemt voor Tsipras en de zijnen.

Misschien even ter opfrissing: een Tegenlicht-_aflevering uit februari 2012 laat zien dat Griekenland met hulp van Goldman Sachs de boekhouding heeft vervalst, en daardoor kon toetreden tot de euro. Misschien dat _Bild daarom spreekt van sjoemel-Grieken. Verder staat vast dat Griekenland driehonderd miljard euro heeft geleend, deels van banken. Dat de ecb die Griekse schuld van de banken heeft afgekocht, doet niets af aan dat feit. Ondanks dit enorme bedrag verkeert de Griekse economie nog altijd in een rampzalige staat.

Juist het feit dat een krant als Die Zeit en een politicus als Verhofstadt zich nu in wanhoop uitlaten bevestigt dat Griekenland er een potje van heeft gemaakt, en het zo echt niet langer kan. Zo zal het land de bedenkelijke belastingmoraal van zijn inwoners structureel moeten gaan aanpakken, maar ook een einde moeten maken aan uitwassen als de merkwaardige positie van de Griekse kerk: Griekenland betaalt 220 miljoen euro per jaar aan lonen en pensioenen van alle tienduizend priesters en bisschoppen van deze kerk – de kerk die bekendstaat om haar enorme rijkdom.

Tsipras presteert het om, na tijdrovende onderhandelingen in Brussel over een pakket leningsvoorstellen, bij terugkomst in Athene dat pakket volledig onverwacht onderwerp te maken van een referendum, en daarbij als advies mee te geven om vooral tegen te stemmen. Is dat ‘eurofiel’? Minister Varoufakis noemt het Europees optreden ‘terrorisme’. Over radicaal gesproken.

Nadat het Griekse volk het Brusselse voorstel met 61 procent heeft afgewezen, onderhandelt Tsipras een voor de Grieken slechter pakket, en krijgt dat dan door het Griekse parlement louter dankzij steun van de rechtse partijen. Leve de democratie.

BENEDICT JANSSEN, Rotterdam