Post

Post

Opheffer

Als abonnee dank ik u voor het mooie nummer van 12 augustus. Gevarieerd en interessant. Stuk van Tom Lanoye zeer verhelderend. Levensverhaal van Elisabeth Spanjer ongelooflijk! En s.v.p. doorgaan met filmbesprekingen. Alleen: Opheffer. Ik lees hem van tijd tot tijd, maar in de aflevering van 12 augustus is het werkelijk te erg. Hij heeft een roeping, heeft zich ervoor ingezet, om kinderen van alloch tonen te leren lezen, wil nog steeds met ze omgaan. Hij is een echte koloniaal, missionaris, moeder Theresa. Intussen nog even zich als belezen afficheren, met name-dropping (Cicero, Seneca).

JOKE RIJKEN, Amsterdam

Culturele Revolutie

Het artikel van Anne Meijdam over het Museum van de Culturele Revolutie in China (in De Groene Amsterdammer van 5 augustus) getuigt van weinig inzicht. In de Chinese cultuur is het erg belangrijk om bij meningsverschillen of conflicten de andere partij in zijn waarde te laten. In principe wordt altijd naar buiten toe consensus gezocht. Als gevolg daarvan wordt dit, na een veroordeling, niet periodiek gememoreerd.

Daarnaast telt (op instigatie van Confucius) de persoonlijke verantwoordelijkheid zeer zwaar. De uitdrukking «Mao heeft voor zeventig procent goede en voor dertig procent verkeerde dingen gedaan» is daar een goed voorbeeld van. Het geldt als officieel standpunt maar wordt niet nader geëxpliceerd.

Reeds vier jaar na het overlijden van Mao stelde de nieuwe regeringsleider Deng Xiao Peng (de architect van het moderne China) in een officiële verklaring dat Mao in zijn laatste jaren de dingen niet meer scherp zag en dat de Culturele Revolutie een historische vergissing was. De Chinese regering heeft hiervoor de verantwoordelijkheid genomen. Inmiddels is vrijwel alle schade die door de Rode Gardes aan kloosters en tempels werd aangericht op kosten van de overheid op verantwoorde wijze hersteld.

Ook in Tibet, waar de omvang van de vernielingen erg groot was. In een groot Tibetaans klooster in Noord-China, dat ik in 1999 bezocht, was ter gelegenheid van zo’n feestelijke heropening in het klooster een ruimte ingericht met foto’s van tempels vóór en na de restauratie. Daarbij waren ook foto’s van het officiële gedeelte met veel hoge religieuze en overheidsfunctionarissen. In de bijbehorende tekst werd de Culturele Revolutie niet met zoveel woorden genoemd.

Dat op «sommige scholen» in China de plaats van Djengis Khan in de Chinese geschiedenis niet juist wordt weergegeven is goed denkbaar. Tijdens de Yunnan-dynastie (1279 – 1368) waren de kleinzoon en andere nazaten van Djengis Khan keizer van China. Niet als vreemde heerser, maar als Chinees van Mongoolse afkomst. Bovendien staat het mausoleum van Djengis Khan in de Chinese provincie Binnen- Mongolië.

Hoe wij zelf met belastende delen van onze geschiedenis omgaan, hebben we de afgelopen weken kunnen zien bij de herdenking van de onafhankelijkheid van Indonesië. Was het einde van het koloniale tijdperk nu 1945 met meer dan honderdduizend gesneuvelde vrijheidsstrijders, of is het 1949, voorafgegaan door hetzelfde aantal gedode terroristen?

De Chinese taxichauffeur die na het bezoek aan het museum vroeg: «Bent u er misschien op uit ons land te vernederen?» had het dus goed gezien.

L. TOEPOEL, Zutphen