Economie

Post-corona

Nog maar enkele maanden geleden was ‘monetaire financiering’ een spannende, gevaarlijke mogelijkheid die de Europese Centrale Bank (ECB) misschien moest gaan inzetten om de inflatie op gang te krijgen. ‘Monetaire financiering’ van overheidstekorten wordt ook wel ‘helikoptergeld’ genoemd, met dank aan woordkunstenaar en monetair econoom Milton Friedman, die de term in 1969 bedacht. Normaal gesproken verkoopt de overheid haar obligaties als schuldbewijs aan beleggers. Ze gebruikt de betaling om haar uitgaven te financieren, voor zover die niet door belastinginkomsten gedekt worden. Dit is financiering van het tekort in de markt. In feite gaat er geld van beleggers via de overheid naar door de overheid gekozen doelen. De geldhoeveelheid neemt er niet van toe.

Als de overheid haar obligaties niet aan beleggers maar aan de eigen centrale bank verkoopt, is dat monetaire financiering. De centrale bank creëert dan nieuw geld, anders dan bij marktfinanciering. Het is, schreef Friedman, alsof er een helikopter overvliegt die geld uitstrooit dat door de bevolking gretig wordt gebruikt. De groei van de geldhoeveelheid zou volgens Friedman leiden tot inflatie. Monetaire financiering is daarom een gruwel voor de meeste monetaire economen, die te hoge inflatie als aartsvijand nummer één zien.

Op die gruwel valt wel iets af te dingen. Als helikoptergeld gebruikt zou worden om goederen en diensten te produceren, kunnen geldgroei en groei van de economie gelijk opgaan; er is dan geen reden tot inflatie. Het blijkt vooral wantrouwen ten aanzien van de overheid te zijn dat Friedmans conclusie voedde, en een navenant groter vertrouwen in de markt.

Maar ook dat laatste is misplaatst. Ook zonder monetaire financiering neemt de geldhoeveelheid toe, en sneller dan de economie. In de eurozone nam de geldhoeveelheid de afgelopen twee decennia toe van 4 naar 12 biljoen euro (een jaarlijkse groei van 5,9 procent), terwijl het bbp van 1,7 naar 3 biljoen euro steeg (2,7 procent groei per jaar) – grotendeels zonder monetaire financiering. Misschien is het de markt die monetaire excessen schept.

Overigens leidde die overmatige geldgroei niet tot hoge inflatie – ook dat had Friedman mis. Het nieuw gecreëerde geld ging grotendeels naar het financiële circuit van vastgoed, aandelen en andere vermogenstitels, zonder veel gevolgen voor de prijzen van onze alledaagse boodschappen.

Het helikoptergeld dwarrelt ons om de oren

Intussen dwarrelt het helikoptergeld ons in Europa om de oren. Zonder de belofte van Christine Lagarde dat de ECB Italiaanse obligaties opkoopt, zou Italië ze niet kwijt kunnen. Spanje, Frankrijk, Griekenland, Portugal en België, alle met hoge overheidsschulden, komen snel in dezelfde positie.

En ze zijn niet de enige. Helikoptergeld is nu eerder regel dan uitzondering. Behalve in staten als Wit-Rusland en Brazilië wordt overal alles uit de kast gehaald om de pandemie de baas te worden. Dat kost heel veel geld en op de obligatiemarkten is dat geld niet te vinden. Beleggers stonden al niet in de rij om de obligaties van Indonesië of Kazachstan te kopen en kopen nu nog slechts veilige, kortlopende Amerikaanse en Duitse obligaties. Centrale banken overal ter wereld creëren dus massaal het geld dat hun regeringen nodig hebben.

Kan dat nu zomaar? Wat is er overgebleven van de afschuw van monetaire economen? Die is even niet zo belangrijk, vinden ze ook zelf. De pandemie laat ons geen keuze. Maar er wordt koortsachtig vooruitgedacht over hoe het verder moet met al dat geld en al die schuld.

Om de schulden omlaag te krijgen, zullen bezuinigingen door velen als onvermijdelijk worden gezien. Als Mark Rutte wordt herkozen, zitten bezuinigingen er ook dik in. Anderen pleiten voor een eenmalige schuldkwijtschelding, als antwoord op de unieke problemen die de pandemie veroorzaakte. Sommigen menen dat met zoveel geld inflatie onvermijdelijk is en zullen pleiten voor hogere rentes om dat te voorkomen. In de kwetsbare post-corona-economie kunnen zowel bezuinigingen als renteverhogingen gemakkelijk desastreus uitpakken.

Als het stof van deze ongekende operatie is neergedaald, zullen grote meningsverschillen aan het licht treden. In dat debat zullen zekerheden te berde gebracht worden die er in Friedmans tijd ook al waren, want in de economie verandert er niet zoveel: meer geld leidt tot inflatie, met hoge schulden moet je bezuinigen. De geschiedenis leert dat zulke zekerheden zowel wankel als schadelijk kunnen zijn.