Post week 16

Jordan Peterson

In De Groene van 29 maart wilden jullie Baudet begrijpen, dus lazen jullie hem. Een genuanceerd artikel was het gevolg, met als conclusie dat ons democratisch bestel de mensen in de marges niet van zich moet vervreemden. Zelfs als hun voorman een studeerkamerromanticus is.

Dezelfde aanpak zou nuttig zijn bij het internetfenomeen Jordan Peterson. Joost de Vries stelt: sommige politieke ontwikkelingen moet je niet politicologisch willen uitleggen. Als hij het wetenschappelijk onderzoek van Peterson had bekeken, had hij gezien dat juist dit Petersons doel is. Het onderzoeksproject in een notendop is het uitleggen van de politieke neigingen van mensen aan de hand van hun persoonlijkheid. Persoonlijkheid bestaat in aangeboren of in de vroege jeugd ontwikkelde individuele trekken als netheid, ijver, gevoeligheid voor negatieve emotie, openheid voor nieuwe ervaringen en meer. Conclusies van zijn werk: of iemand voor of tegen immigratie is, kun je deels verklaren vanuit iemands persoonlijke neigingen. Of iemand elitair of egalitair is, kan ook deels voorspeld worden met persoonlijkheidstesten. Wil je weten of iemand kosmopolitisch of nationalistisch is? Al deze politieke houdingen komen gedeeltelijk voort uit wie je als mens bent, en niet alleen uit je grotere ideeën of morele theorieën van anderen.

Als je dit weet, kijk je ineens anders aan tegen de Wilders- en Trump-stemmers, de lomperiken van Voetbal Inside, de Brexiteers. Het zou vruchtbaar zijn om de persoonlijke neigingen van deze groepen te erkennen als legitiem, in plaats van tegen deze groepen in moraliserend discours te ontsteken. Legitiem in de zin dat iemand die bang is voor de buitenwereld of de buitenlander, daar niet altijd iets aan kan doen. Zolang sociaal ontwerp en heropvoeding niet de gewenste successen boeken, is het aan ons als linkse bovenlaag om het thuisverlangen van nieuw rechts op een gezonde manier te stillen. Want als nieuw rechts op zijn eigen manier de zorgen van zijn volgers gaat oplossen, zal dat gaan met de lompheid van een voetbalman.

GEERT J. SLABBEKOORN

Ewald Engelen doet moeilijk

De visie in De Groene Amsterdammer op de maatschappij is vaak verhelderend. Zeker ook de column van Ewald Engelen, die leesbaar moet zijn voor een breed publiek. Maar soms haak je als lezer af bij Ewald door zijn (onnodig) moeilijk taalgebruik. Bijvoorbeeld in De Groene van 12 april: ‘(…) de onvermijdelijke scheldpartijen, de ad hominems’ En: ‘(…) is zeker geen solipsistische monoloog’.

In Europa is de taal ingedeeld in niveau van A1 tot C2, van eenvoudig tot moeilijk.

Veel mensen hebben een taalniveau van B1 of lager. Als het Ewald niet te veel beperkt (dat zou zonde zijn), mag het dan een niveautje lager?

LEO RIPPEN, Heiloo