Post week 22

Deze school heeft mijn kind gered

De belangrijkste conclusie van uw interessante onderwijsnummer (9 mei) is voor mij: iedere leerling is anders, dus er moet vooral een klik zijn met het onderwijssysteem. Mijn zoon, een dromer met aanleg voor exacte vakken, koos voor het technasium – een prachtige uitvinding – maar bleek te verdrinken in de leerfabriek die de school ook was. Zo gebeurde het eens dat hij opkeek van zijn werk en plots alleen was. Iedereen was naar een ander lokaal vertrokken. Hij had niets gemerkt en was zijn klas kwijt. Ook miste hij vaak een opdracht, het huiswerk of de inlevertermijn, waarna hij straf kreeg of een nul. Zijn resultaten zakten van negens naar drieën en hij raakte steeds verder gedemotiveerd. Leraren deden hun best om hem binnenboord te houden, maar konden niet extra op hem letten in de overvolle klassen. Andere leerlingen wisten zich daarin wel te handhaven.

Tijdens het tweede schooljaar, dat rampzalig was begonnen, hoorden we over de toen nog nieuwe school UniC, waar ze digitaal werkten – dat leek hem leuker dan met boeken – en waar ze bovendien meer aandacht zouden hebben voor het individuele kind. We vroegen een gesprek aan. Terwijl we in een ruimte zaten te wachten, kwam er een stroom leerlingen langs. Een leraar kwam om de hoek en riep spontaan naar een leerling: hé Anne, ben je naar de kapper geweest? Mijn zoon keek me met grote ogen aan: gaat dat hier zó? Dat was op zijn school ondenkbaar. Later werd dit voor ons een symbolische ervaring, ook al ging het om zoiets banaals als een kapsel: die leraar zag het kind echt stáán.

Zo zagen de leraren van UniC in de jaren die volgden ook mijn zoon staan, met zijn moeilijkheden én talenten. Zijn motivatie voor een aantal vakken bleef laag – waarom zou ik Duits leren? – maar hij was trots toen hij aan andere leerlingen les mocht geven in het bouwen van games. De school gaf hem het zelfvertrouwen om zijn vwo-diploma te halen en zich in te schrijven voor de opleiding Game Design and Development. Inmiddels is hij afgestudeerd en werkt hij met veel plezier in de ICT. Niemand weet wat er zonder de schoolwissel zou zijn gebeurd, maar ik heb altijd het gevoel gehouden dat UniC mijn kind heeft gered.

MONIQUE JANSSENS, Utrecht

Arthur, koning voor eens en altijd

Dank voor de mooie bespreking door Joost de Vries van de nieuwe vertaling van The Once and Future King van T.H. White van de hand van Jolande van der Klis (in De Groene van 2 mei). Alleen miste ik daarin een verwijzing naar Max Schuchart (1920-2005). Hij vertaalde niet alleen de Tolkien-trilogie The Lord of the Rings, waarvan de eerste druk in 1956-1957 verscheen onder de titel In de ban van de ring, die iedere rechtgeaarde babyboomer in de jaren zeventig in zijn/haar boekenkast had staan. Hij kreeg daarvoor in 1959 de Martinus Nijhoff Vertaalprijs en er verschenen talloze herdrukken van. Maar Max Schuchart vertaalde ook in 1967 The Once and Future King van T.H. White, onder de titel Arthur, koning voor eens en altijd. Dat boek las ik begin jaren zeventig en het was een van de weinige boeken die ik zo mooi vond dat ik ze vaker heb gelezen.

LIDWIEN VAN BUUREN, Amsterdam