Post week 28

Slavernijmuseum

Net als Thijs Kleinpaste ben ik enthousiast over het nieuwe National Museum of African American History (nmaahc) te Washington (in De Groene van 28 juni). Zijn bijdrage suggereert zelfs dat het als voorbeeld kan dienen voor een toekomstig Amsterdams slavernijmuseum. Daar ben ik het niet mee eens, want de geschiedenis van de slavernij in Noord-Amerika wijkt in vele opzichten af van de slavenhandel naar en de slavernij in de Nederlandse koloniën in de West. Bovendien maakt het nmaahc in het geheel geen melding van de slavenhandel en slavernij in Azië. Om dat laatste kan juist een Nederlands slavernijmuseum niet heen, al was het maar omdat er zich rond het midden van de achttiende eeuw meer slaven bevonden in de Nederlandse enclaves in Azië en de Kaap dan in de Nederlandse Cariben.

Anders dan in de Nederlandse koloniën groeide de slavenbevolking in de VS zonder de aanvoer van slaven uit Afrika en dat verklaart waarschijnlijk waarom het nmaahc nauwelijks aandacht besteedt aan de cruciale rol van de Afrikanen in de slavenhandel. Afrikaanse makelaars bepaalden waar de slaven werden aangeboden, hoeveel en van welke leeftijd en geslacht. Door dit gebrek kon uw redacteur het museum verlaten met de indruk dat de Europese inkopers in Afrika slaven ‘kidnapten’ en hun gezinnen uit elkaar rukten. In werkelijkheid gebeurde dat door de Afrikaanse handelaren, lang vóór de verkoop van de slaven aan (andere) Afrikanen, Europeanen en Arabieren. Ook het idee dat de Nederlanders in de zeventiende eeuw korte tijd ‘de facto monopolisten’ waren in de Atlantische slavenhandel is volgens het beste overzicht van de Atlantische slavenhandel, de Trans-Atlantic Slave Trade Database, uit de lucht gegrepen. Daar komt nog bij dat de jarenlange strijd om gelijke burgerrechten in de VS voor een Nederlands slavernijmuseum grotendeels irrelevant is. Al deze verschillen laten zien dat Amsterdam bij de inrichting van een nieuw museum of van een nieuwe slavernijafdeling in een bestaand museum beter te rade kan gaan bij het International Slavery Museum op de derde verdieping van het Merseyside Maritime Museum te Liverpool of – nog beter – bij het onlangs heropende Musée d’histoire de Nantes in het kasteel van de hertogen van Bourgondië met een uitstekende permanente tentoonstelling over de slavenhandel van deze grootste Franse slavenhandelshaven.

Piet Emmer
emeritus hoogleraar in de koloniale geschiedenis, Universiteit Leiden