De Groene Live #26: Strijd om de ziel van Amerika. Kijk woensdag om 20.30 naar de live-uitzending. Meer informatie

Post week 31

Fantoompijn in het Oosten

In 1845 verscheen Sybil, or the Two Nations. De schrijver, de Engelse staatsman Benjamin Disraeli, beschrijft daarin het diep verdeelde Engeland uit de negentiende eeuw, waar de kloof tussen arm en rijk het land tot op het bot verdeelt. Ik moest aan het boek denken toen ik De Groene van 25 juli opensloeg en daarin het aangrijpende verhaal van Anja Maier las over het tegenwoordige Duitsland, waarin de tegenstelling tussen West- en Oost-Duitsland treffend wordt beschreven.

Uit haar betoog wordt een aantal zaken duidelijk. Op de allereerste plaats dat het verenigde Duitsland dertig jaar na de val van de Muur kennelijk nog steeds uit twee ‘naties’ bestaat. Verder is opvallend dat de houding van de leiders uit het westen van Duitsland veel gelijkenis vertoont met die van de negentiende-eeuwse armenbestuurders, die als ‘verlichte’ bestuurders het ‘goede’ doen voor het volk en van dit volk dan ook de nodige dankbaarheid verwachten. Hebben de ‘Ossies’ hun vrijheid en kans op economisch succes immers niet aan hun weldoeners uit het westen te danken?

Dat de mensen uit het oosten als gevolg van de eenwording van het land een deel van hun identiteit hebben verloren, en zich vernederd voelen door hun afhankelijkheid van het westen, dringt niet tot hen door. Sterker nog, het lijkt erop dat de ‘Ossies’ zelfs ondankbaarheid wordt verweten.

Dat de schrijfster en haar ouders met trots op hun rijke ervaringen in het recente verleden terugkijken, is geruststellend, maar dit geldt helaas niet voor het merendeel van de bewoners van de voormalige DDR. De meesten, en dan met name de ouderen onder hen, zijn teleurgesteld in het westen. Hun hooggestemde verwachtingen zijn tenslotte niet uitgekomen. Voor hen is er geen welvaart, laat staan kans op een succesvolle maatschappelijke carrière. Wat betekent vrijheid in zo’n situatie dan nog? Ik denk niet veel meer dan wat Janis Joplin zong in het beroemde Me and Bobby McGee: ‘Freedom’s just another word for nothin’ left to lose’.

En mensen die niets te verliezen hebben en zich laten leiden door rancune vormen het reservoir waaruit extreem-rechtse partijen als de AfD kunnen putten. Geen wonder dat deze partij zo hoog scoort in deelstaten als Saksen, Mecklenburg en Brandenburg, en het zal ook geen toeval zijn dat Beate Zschäpe, het brein achter de moord op minstens tien allochtonen, uit Jena (Thüringen) afkomstig is.

ALBERT KORT, ’s-Heer Hendrikskinderen

De kwaadaardige narcist

Wat een helder, leerzaam verhaal, de bijdrage van Arthur Eaton over ‘Narcisten in de politiek’ (De Groene, 25 juli). Je hoeft maar met je vinger over de landkaart te gaan om gave voorbeelden van ‘kwaadaardig narcisme’ aan te treffen. Wat me vervolgens bij de fenomenale Erich Fromm brengt. Wat een eyeopeners, ook voor mij, zijn sober uitgegeven boeken uit de jaren zestig, zeventig!

Maar wat ik mis, is, aan het slot van Eatons verhaal, de vraag hoe wereldwijde empathie kan voorkomen dat we de ook op empathie gebaseerde en inmiddels behoorlijk versmalde verzorgingsstaat kunnen handhaven bij zoveel mooie oeverloosheid. Iedereen toelaten – hoe empathisch ook – is velen in de buurt te kort doen. Maar wellicht heeft die genereuze visie te maken met Eatons slotalinea: ‘Ik zat achter mijn vaders oude bureau te werken aan mijn dissertatie, toen mijn broer vanuit de woonkamer riep: “Arthur dat moet je zien!’’’ Enter: huilende tante, simplo Trump.

Niet dat de Amerikaanse president, en zijn wereldwijde navolgers, echt de brede arm om de schouder van veel marginale burgers zullen slaan (not, vrees ik). Maar de kriebelige vraag blijft: wie niet op die romantische zolderkamer aan zijn dissertatie werkt, maar wellicht net ontslagen is en niet snel een baan zal vinden, moeten we vandaag en morgen toch ook helpen?

BOB LAGAAIJ, Middelburg

Dom, ijdel, corrupt: hilarisch!

Joost de Vries schrijft in de context van het aantreden van Boris Johnson als premier van het Verenigd Koninkrijk _(De Groene,_ 25 juli): ‘Sinds politici zo vaak primair worden beoordeeld op de vraag: zou je een biertje met hem/haar willen drinken?, is politiek een persoonlijkheidswedstrijd geworden. Een groot deel van het publiek gaat ervan uit dat politici ijdel, corrupt of hypocriet zijn, of alle drie, en zodoende maakt de politicus die het authentiekst overkomt de grootste kans op electoraal succes.’ Ter nuancering van het ‘succes’ van Johnson: hij is niet gekozen door het volk, maar door de leden van de Conservatieve Partij (dat is 0,34 procent van het electoraat) van wie 66 procent op hem stemde. De Conservatieve Partij kreeg onder leiding van Theresa May in 2017 42 procent van alle stemmen. Ook als burgemeester van Londen moet Johnsons populariteit niet worden overschat: hij werd in 2008 en 2012 met 53 respectievelijk 52 procent van de stemmen gekozen (57 procent stemde in 2016 voor de huidige Labour-burgemeester).

J. LAROS