Post week 37

Kiesdrempel

De analyse van de formatieperikelen door Coen van de Ven (in De Groene van 9 september) lijkt mij adequaat. De meest voor de hand liggende oplossing ontbreekt echter. En dat is het invoeren van een kiesdrempel van bijvoorbeeld vijf procent. Daarmee zal de drang tot profileren, die zo verlammend werkt, afnemen en kunnen we weer terug naar een politiek speelveld van laten we zeggen tien partijen. Dat heeft niets met beknotting van keuzevrijheid te maken maar alles met het naar behoren functioneren van de democratie. Wie deze kiesdrempel niet haalt heeft simpelweg onvoldoende steun in de samenleving. In de meeste lidstaten van de Europese Unie is deze les door schade en schande geleerd, maar in Nederland (nog) niet. Oeverloze debatten, dagelijks gekrakeel en dreigende onbestuurbaarheid zijn nu ons deel.

Verhogen van de kiesdrempel moet overigens snel gebeuren, want we zijn niet ver meer verwijderd van een Tweede Kamer waarin een aanzienlijke hoeveelheid kleine fracties belang heeft bij een status quo die polarisatie in de hand werkt.

ARMAND LEENAERS, Heerlen

Diversiteit filosofie

Met veel belangstelling las ik het stuk over diversifiëring van het filosofie-onderwijs, iets wat ik van harte aanmoedig. Wat daarbij volgens mij niet helpt is spreken over ‘het perspectief van de witte man’. Datzelfde geldt uiteraard voor ‘de zwarte’, ‘de vrouw’, of ‘de jood’. Dat suggereert dat deze groepen mensen een essentie met elkaar delen, een essentie die te reduceren valt tot huidskleur, geslacht of etniciteit. Uiteraard is het zo dat mensen met een andere achtergrond andere perspectieven met zich meebrengen, maar die lijken me niet te reduceren tot geslacht, huidskleur of etniciteit. Sterker nog, met dat essentialistische idee is racisme ooit ontstaan. Mijn vrees is dat we met de beste bedoelingen racisme (of seksisme) via de achterdeur weer binnenlaten. Dus zeg bijvoorbeeld liever dat vrouwelijke perspectieven missen, dan dat het perspectief van ‘de vrouw’ mist. Ayn Rand keek niet hetzelfde naar de wereld als Rosa Luxemburg.

TIM FRANSEN, cabaretier en filosoof

woningcrisis

Alle kraantjes moeten dicht, betoogt Dirk Schoenmaker in De Groene van 2 september). Dat is een prima idee op voorwaarde dat je ook de mogelijkheden creëert die starters, zowel in de huursector als in de koopsector, een kans biedt om te wonen. Alleen de kraantjes dicht zal eerst drempelverhogend werken en pas later effectief zijn. Zonder stimuleringsbeleid blijft de woningmarkt voor velen onbereikbaar.

Dat stimuleringsbeleid kost natuurlijk geld. Geopperd is al om de waardestijging van de grond te belasten of bij verkoop belasting te heffen. Maar de kernzaak van het probleem van de huidige woningmarkt is het ontbreken van sturend beleid. Begin bij de woningcorporaties die meer armslag moeten krijgen om zowel meer sociale woningbouw als ook starterswoningen te realiseren. Hoe? Ten eerste schaft de overheid de verhuurdersheffing af, ten tweede wordt bij elk bestemmingsplan minimaal vijftig procent van de grond ingebracht voor zowel sociale woningbouw als starterswoningen tegen de intrinsieke prijs van grond (zonder speculatie dus). Die verschilt per regio tussen de tweehonderd en 275 euro per vierkante meter, maximaal.

De starterswoningen kan men door de corporaties laten bouwen voor 150.000 tot 190.000 euro. Die expertise hebben ze in huis. De woningen kunnen niet op de openbare markt verkocht worden maar gaan terug naar de corporaties met een waarde-toevoeging van de gestegen bouwkosten en inflatie. Alle toekomstige grote woningbouwplannen komen onder regie van de overheid en worden, indien het landbouwgrond is, aangekocht voor twintig euro en indien het inbreidingslocaties betreft na sanering voor vijftig euro. De mix (bijvoorbeeld per provincie) leidt dan tot een prijs van ongeveer dertig euro. Op die toekomstige locaties kunnen de claims van de huidige grondbezitters dan ingewisseld worden. Ze moeten dan wel concurreren met bouwbedrijven die de hele horizontale projectontwikkeling doen. Resultaat: meer sociale woningen, starterswoningen en betaalbaarder vrijesectorwoningen.

Dit zijn politieke keuzes, regie van de overheid derhalve. Ten derde dus: maak een nieuwe dienst die dat regelt met veel mensen uit de praktijk die verstand van projectontwikkeling hebben.

PETER MOULEN, Geleen