Post week 7

Franca Treur

Afgelopen week las ik de column van Franca Treur (De Groene, 25 januari). U begrijpt, ik voel enige verwantschap met haar. Beiden opgegroeid in het reformatorische Zeeland, al wonen we nu in Amsterdam. We hebben zelfs op dezelfde middelbare school gezeten.

Misschien had ik beter begrepen waarom ze het geloof heeft losgelaten als ik veertien jaar ouder was geweest en bij haar in de klas had gezeten. Wellicht zouden haar ervaringen op mij dezelfde uitwerking hebben en had ik het onderscheid tussen leer en leven ook als hypocriet ervaren. Maar wat als Franca veertien jaar jonger zou zijn geweest en ze bij mij in de klas had gezeten? Misschien had ze geloof dan ook gezien als iets wat haar leven verrijkt en geleerd dat leer en leven hand in hand gaan.

Waar we het over eens zijn is dat de reformatorische zuil de afgelopen jaren is veranderd. Waar de tv de zuilen in de jaren zestig en zeventig met elkaars ideeën kennis liet maken en zo een cruciale rol speelde in de ontzuiling heeft de refo-zuil ‘dat duvelse kastje’ lang buiten de deur weten te houden. Met de intrede van het internet brokkelt de refo-zuil alsnog af. Dat de zuil wegvalt, doet helemaal niets af aan onze geloofsprincipes. We zullen juist dichter bij onze principes moeten staan.

Politiek draait altijd om balans tussen de pragmatische uitwerkingen van verschillende ideologieën. De sgp groeit niet omdat ze ergens op mikt, maar omdat er een groeiende behoefte is aan een vleugje sgp in de politieke balans. Dat vleugje brengen we zonder in te boeten op de geloofsprincipes. Die staan binnen de sgp simpelweg niet ter discussie, omdat ze al vastliggen in de Bijbel.

Stel voor dat we veertien jaar verder zijn en ik een dochter heb die naar de middelbare school gaat in Amsterdam? Dan hoop ik dat het een reformatorische school is, waar de boeken van Franca op de literatuurlijst staan. Dat ze zich ontwikkelt tot een hippe, geëmancipeerde vrouw met ambities. Ik hoop dat ze ontzuild, maar principieel overtuigd reformatorisch is. Ik hoop dat ze Jezus als haar grote voorbeeld heeft en van Hem mag getuigen. Ik hoop dat ze, misschien wel dankzij ‘een vleugje sgp’, in een rechtvaardig, inclusief, schoon en eerlijk Amsterdam kan wonen. Een Amsterdam zonder uitbuiting van vrouwen, drugsgeweld en intimidatie van minderheden. Gewoon. Een mooi Amsterdam.

PAULA SCHOT,lijsttrekker SGP Amsterdam

Vietnam 50 jaar

Mooie artikelen over de Vietnamoorlog (De Groene, 1 februari), mede naar aanleiding van de (meesterlijke) Amerikaanse tv-serie The Vietnam War van Ken Burns. Wel enkele kanttekeningen. Rutger van der Hoeven eindigt zijn stuk met Vietnam als ‘open wond’, een hoogleraar citerend: ‘De publieke herinnering toont een behoefte om de pijnlijke realiteiten van de oorlog te vermijden, maar erover te blijven praten op een therapeutische manier. Het toont dat de Verenigde Staten nog altijd niet een volledige afrekening met de Vietnamoorlog hebben gehad.’

Joost de Vries eindigt met het illusionaire ‘grote verhaal’ over de verknipte nalatenschap van de Vietnamoorlog. ‘Om nu nog in een groot verhaal te geloven is op de eerste plaats een willing suspension of disbelief nodig (…) En iets willen geloven is nu net een contradictio in terminis.’

De Vietnamoorlog sloeg diepe wonden in de VS, maar wat ook opvalt is hoe intrigerend die geschiedenis blijft. Het is misschien niet alleen open wond en trauma maar ook gewoon Grote historie, waarover men niet uitgepraat raakt. En de oorlog begon wel degelijk in ‘good faith’, dat is geen ‘gotspe’, zoals Joost de Vries stelt. Het doel, de bestrijding van het ‘oprukkende communisme’ (dominotheorie) heiligde de middelen, vonden velen.

Eveneens intrigerend: sommigen hadden in Vietnam de tijd van hun leven. Het door Rutger van der Hoeven genoemde Dispatches van oorlogsjournalist Michael Herr is er een gevolg van. Inderdaad in hallucinerende taal geschreven en Herr bleef de rest van zijn leven geïntrigeerd door de paradox dat een oorlog zoveel schoonheid en genot kan schenken. Een ander voorbeeld is River of Time van de Engelse journalist Jon Swain: ‘Vietnam was an adventure playground for journalism, a place for a young man to test and be tested in the most exotic environment imaginable.’ In de tv-serie zien we onder anderen Robert Rheault, een onverschrokken green beret: ‘I was at the top of my game when I was in combat. (…) To me it’s a little bit distressing to realize that I was at my best at doing something as terrible as war.’

En dat ‘grote verhaal’, dat moge een illusie zijn, en het ‘willen geloven’ problematisch, het kan ook prettig zijn en een realiteit worden, en weer andere verhalen opleveren. Als verliefdheid.

JAAP PLAISIER