Corona: China versus Amerika

Pot en ketel

De blame game van China en Amerika, waarbij de landen elkaar de schuld geven van de coronacrisis, is meer dan een infantiel welles-nietes. Geeft de pandemie het startsein voor een oorlog?

Xi Jinping en Donald Trump. Berlijn, 27 april © Adam Berry / Getty Images

De coronacatastrofe is de schuld van China, roept Washington. Niet waar, van Amerika, roept Beijing. Voor de Amerikanen was patient zero een Chinees, voor de Chinezen een Amerikaan. De VS vinden dat China voor zijn leugens over de uitbraak moet worden gestraft, China beweert dat Trump de aandacht wil afleiden van zijn eigen desastreuze aanpak en met zijn aanvallen op de Volksrepubliek de verkiezingen denkt te winnen. We zitten midden in de grootste mondiale crisis in tijden. De wereld heeft het volste recht te weten hoe de ramp is begonnen en hoe ermee is omgesprongen. Maar de leiders van de twee grootste mogendheden komen niet verder dan ‘leugenaar’ en ‘nietes, welles’. Waarom?

Vroeger ging Amerika grote crises bij voorkeur te lijf in internationaal verband. Dat gebeurde bijvoorbeeld in het geval van 9/11, de kredietcrisis, ebola en de nucleaire crisis in Iran. In de tijd van ‘America First’ is het anders. Verdragen zijn opgezegd, internationale organisaties zijn verlaten of teruggebracht tot tandeloosheid, zoals nu de Wereldhandels- en de Wereldgezondheidsorganisatie. Globalisme heeft plaatsgemaakt voor continentalisme, samenwerking voor isolement en confrontatie, overleg voor gescheld en gestook. Vriend en vijand moeten het ontgelden. En intussen laat China er geen twijfel meer over bestaan dat het zijn eigen plannen met de wereld heeft.

Even leek corona ontspanning te brengen. Toen het virus door China raasde en Amerika nog veilig leek, verkondigde Donald Trump, bekend om zijn zwak voor sterke mannen, herhaaldelijk dat Xi Jinping het als virusbestrijder uitstekend deed. Maar toen corona in de VS hard toesloeg, ging het Witte Huis op een andere toer. Want even snel als het virus oprukte zakte de Amerikaanse economie in, waarmee Trump zijn belangrijkste herverkiezingstroefkaart kwijtraakte. Een nieuwe kaart was snel gevonden, maar nu was het een zwartepiet: China.

Het opzetje is simpel: hamer erop dat het virus uit een Chinees laboratorium of in ieder geval uit China komt, dat de communistische partij de uitbraak heeft gemaskeerd (om zichzelf de tijd te geven, volgens een Amerikaans rapport, om een grote voorraad medisch beschermingsmateriaal op te bouwen), dat China en de Wereldgezondheidsorganisatie de wereld hebben voorgelogen, dat de officiële cijfers over het aantal Chinese coronaslachtoffers absurd laag zijn, dat China vaccinonderzoek in de VS probeert te hacken en samen met Rusland anti-Amerikaanse propaganda en samenzweringstheorieën over Covid-19 de wereld in helpt – en de Amerikaanse kiezers zullen Xi in plaats van Trump de schuld van alle ellende geven.

Inderdaad is de reputatie van China in de VS pijlsnel gedaald, maar Trump zal er nog een harde dobber aan hebben om zijn eigen gruwelijke corona-optreden te laten vergeten. En Beijing kaatst de bal terug: de coronademonisering van China is een nieuw westers vernederingsoffensief, het virus komt niet uit China maar uit de VS, niet China maar Amerika heeft de waarheid over het virus achtergehouden, Amerika zou aan de Chinese virusbestrijding een voorbeeld moeten nemen, en niemand gelooft het verhaal over het Chinese lab, vraag maar aan de Amerikaanse topviroloog Anthony Fauci, de cia, de Five Eyes (de samenwerkende inlichtingendiensten van de VS, Canada, Engeland, Australië en Nieuw-Zeeland) en de Duitse geheime dienst bnd.

Volgens Beijing zijn de Amerikaanse leiders – met name ‘joker’ Trump, de ‘publieke vijand van de mensheid’ minister Mike Pompeo van Buitenlandse Zaken en de presidentiële handelsadviseur Peter Navarro – bezig de wereld met een ‘politiek virus’ te besmetten. Dat virus bestaat uit hun ‘giftige leugens’ en ‘bespottelijke aanvallen’ op de ‘exemplarische Chinese aanpak’. De video Er was er eens een virus, die de draak steekt met de manier waarop het Witte Huis met corona omspringt, is in China viraal gegaan.

Oproepen aan de VS en China om dit moddergevecht te staken hebben geen zin, daarvoor komt het beide regimes te goed uit. Wat is tijdens nationale crises immers beter dan een buitenlandse vijand? Niet voor niets hebben de Republikeinen een speciale anti-Chinese task force gevormd en liet China ‘wolf warriors’ los: agressieve diplomaten die hun tanden zetten in alles wat Amerikaans is. Deze verwijten tussen pot en ketel zijn veel meer dan een infantiele blame game. Ze vormen een van de vele schermutselingen aan het Chinees-Amerikaanse front.

Nu heeft China-bashing het in Amerikaanse verkiezingscampagnes altijd goed gedaan. In Beijing zijn ze er zelden van onder de indruk. Ze wisten immers dat als de tierende kandidaat eenmaal president was geworden, hij weldra uit een ander vaatje zou tappen. Want Amerika en China mochten dan totaal verschillende politieke systemen hebben, hun gemeenschappelijke belangen wogen zwaarder. En hoe inniger hun economieën vervlochten raakten, des te meer groeide de Amerikaanse overtuiging dat de bekering van China tot de neoliberale democratie en zijn integratie in de westerse wereldorde slechts een kwestie van tijd waren.

Trump vindt mensen-rechten sentimentele onzin, maar de Oeigoerse kwestie komt ’m goed uit

Barack Obama onthield zich in zijn campagne in 2007 van gestook tegen China en als president probeerde hij een constructieve relatie met de Volksrepubliek op te bouwen. Maar China liet merken dat het geen zin meer had in de tweede viool. Obama gooide het toen over een andere boeg. Zijn pogingen om China in te dammen liepen echter stuk: de concentratie van Amerikaanse militaire macht in de Pacific bleek moeilijk te verenigen met de oplaaiende spanningen in het Midden-Oosten, en de poging tot economische indamming mislukte toen Trump de VS terugtrok uit het Trans-Pacific Partnership van twaalf landen, waarvan China was buitengesloten.

De anti-Obama Trump zette wat China betreft Obama’s lijn voort, maar dan op zijn unieke manier. In zijn campagne ging hij ongenadig hard tegen China tekeer; als president zette hij op veel fronten tegelijk een offensief in tegen zijn ‘vriend’ Xi Jinping. Hij ontketende een handelsoorlog, een technologische oorlog en een racistisch getinte campagne tegen Chinese studenten, technici en geleerden in de VS, want dat konden allemaal spionnen zijn. Hoewel Trump mensenrechten sentimentele onzin vindt, kon hij de massale schending van die rechten in China, zoals de opsluiting van Oeigoeren in hersenspoelkampen, goed gebruiken. Ook de voortdurende afkalving van de autonomie van Hongkong en de Chinese intimidatie van Taiwan buitte hij uit en wereldwijd begon hij een kruistocht tegen Chinese investeringen in gevoelige sectoren, speciaal 5G en andere takken van hightech.

En toen kwam corona. Geen enkel conflictdossier is gesloten, nieuwe zijn geopend. Een aantal daarvan valt onder ‘decoupling’: het doorsnijden van de banden tussen twee landen die nog niet zo lang geleden vanwege hun financieel-economische verwevenheid als de Siamese tweeling Chinamerica werden beschouwd. Die scheiding past geheel in Trumps afkeer van het globalisme waar China zo veel baat bij heeft gehad. Covid-19 bood de isolationisten in Amerika en de China-sceptici elders een prachtkans voor een offensief tegen de Volksrepubliek.

Toen China op slot ging ontdekte de rest van de wereld met een schok hoe afhankelijk ze van dat land was, niet alleen voor medisch beschermingsmateriaal en basismedicijnen, maar ook voor talloze andere producten die geheel of gedeeltelijk in China worden gemaakt. Een godsgeschenk voor Trump, die al langer probeert Amerikaanse bedrijven te bewegen zich uit China terug te trekken. Tegelijkertijd zet het Witte Huis de Amerikaanse bondgenoten onder druk om Chinese investeringen te weren of ongedaan te maken en de toeleveringsketens van hun bedrijven te verplaatsen naar andere landen. De regering van Japan heeft al 2,2 miljard dollar uitgetrokken om Japanse bedrijven te helpen hun productie uit China weg te halen.

Trump vindt dat China moet betalen voor de immense schade die de pandemie aanricht. Hij dreigt de schuldverplichtingen – de VS staan voor 1,1 biljoen dollar bij China in het krijt – niet na te komen, wat zou neerkomen op het slopen van Amerika’s kredietwaardigheid. De processen in de VS over schadevergoeding door China zullen tot niets leiden, maar ze zijn tekenend voor de verziekte bilaterale relaties. Neem de escalatie van maatregelen tegen elkaars correspondenten, de wederzijdse beschuldigingen over schending van de mensenrechten, de voortzetting van de wereldwijde campagne van de VS tegen Huawei, de oplopende internationale spanningen rond Hongkong, Taiwan en de Zuid-Chinese Zee – er zijn botsingen op alle fronten.

Trump beweert dat China ‘alles zal doen’ om zijn herverkiezing te verhinderen. Maar denk niet dat de spanningen zullen wijken als hij niet wordt herkozen. Trump schildert ‘Beijing Biden’ af als een verachtelijke sinofiel, maar in het demoniseren van China doen de Democraten nauwelijks voor de Republikeinen onder. Ook buiten Amerika is er steeds minder liefde voor China. Dat heeft de Communistische Partij voor een groot deel aan zichzelf te wijten.

De verdoezeling van de beginnende epidemie is niet vergeten, ondanks de overdonderende mondkapjesdiplomatie waarin publieke dankbaarheid de voorwaarde van leverantie is. De agressieve propaganda, de inferieure kwaliteit van veel Chinese medische hulpgoederen en de dreigementen tegen landen die tegen de Chinese lijn ingaan werken contraproductief. De weigering om een internationaal onderzoek naar de oorsprong van Covid-19 toe te staan, met als argument dat zo’n onderzoek bij voorbaat naar een veroordeling zou willen toewerken, wordt niet alleen in de VS maar ook in de Europese Unie, Australië en Canada bijna opgevat als een schuldbekentenis. En in Afrika is de liefde voor China bekoeld toen bleek dat tijdens de corona-uitbraak een aantal Afrikanen in China net zo racistisch werd behandeld als sommige Chinezen in het Westen.

Corona heeft de Koude Oorlog tussen Amerika en China niet veroorzaakt, maar wel verhevigd. Zelfs het uitbreken van een heuse oorlog geldt niet meer als een onzinnige veronderstelling, en gezien de Amerikaans-Chinese wapenwedloop zeker niet voor de militaire strategen in Washington en Beijing. Trump vindt de aanval van het coronavirus erger dan Pearl Harbor en 9/11. Op beide acties reageerden de Amerikanen met oorlog.

Taiwan en de Zuid-Chinese Zee zijn de conflictgebieden waar de vlam de meeste kans heeft om in de pan te slaan. Een opinieartikel vorige week in The Washington Post gaf goed aan hoe in Amerikaanse leidende kringen tegenwoordig over Taiwan wordt gedacht: ‘De pandemie toont aan waarom Taiwan een veel betere partner is dan de Volksrepubliek.’ Een Amerikaanse erkenning van Taiwan zou China opvatten als een oorlogsverklaring. En wat de Zuid-Chinese Zee betreft, Washington kan niet tolereren dat deze zee, die van vitaal belang is voor de Amerikaanse hegemonie over de West-Pacific, een Chinees binnenwater wordt.

Xi Jinping weet uit een rapport van zijn geheime dienst dat de wereld sinds Tiananmen 1989 niet zo vijandig tegenover China heeft gestaan. En dat in het Witte Huis regime change in Beijing op het programma staat.