Praat-ie leuk?

De discussie over wat ‘intellectuelen’ zijn, is weggeëbd. Aan de samenstelling van de fora kun je zien wie onze intellectuelen zijn.
Wie meedoet aan een forum voldoet aan de eis: wees onderhoudend.
Toevallig zat ik laatst bij een groepje mensen die een forum moesten samenstellen. Er kwamen vele namen langs: the usual suspects.

‘Boekestijn… ja, die is leuk… en die dan naast Maarten van Rossem… Nee, jongens, dat wordt te duur… Bas Heijne dan? Nee, te duur… Ik wil toch wel Maarten erbij hebben… en misschien kan Nico Dijkshoorn dan ter plekke een gedicht maken of zo… Of weet je wie ook leuk is in het forum: Hans Teeuwen… Nee, die doet het niet, maar Micha Wertheim weer wel, denk ik, die is ook leuk, schrijft in Vrij Nederland… En wat vinden jullie van Grunberg?’
Zo ging het maar door.
Eigenlijk was het pijnlijk, dacht ik (hoewel ik er zonder enige scrupule aan meedeed). Het onderwerp waarover het forum zich zou moeten buigen, kan ik niet prijsgeven, maar had alles te maken met de actualiteit: de crisis - zowel financieel als moreel - waarin onze samenleving verkeert, zou zeker aan de orde komen.
Aan wie dachten we niet?
We kwamen niet op de namen van grote Nederlandse auteurs die de macht en kracht hebben om over dit onderwerp met enig gezag te disputeren. Hoewel je in de Volkskrant en NRC Handelsblad elke dag wel een artikel van een 'filosoof’ aantreft, schoot er ons niet één van enige allure te binnen. We kozen - bijna onbewust - voor 'leuk’, zonder dat woord te noemen natuurlijk.
Soms werd er wel een naam genoemd die belangrijk was - ik ga die hier niet herhalen - maar dan hoorde je: 'Wie is dat?’
'Die is heel goed, die heeft precies over dit onderwerp een studie geschreven.’
'Hoe is-ie?’
'Dat weet ik niet, ik heb hem nooit gezien.’
'Praat-ie leuk?’
'Dat weet ik dus niet.’
'Ik kies denk ik toch voor Maarten van Rossem.’
Er zat ook een ander belang in: de zaal moest vol. Niet omdat men er anders financieel niet 'uit’ kon (de kosten waren gedekt), maar men vreesde dat, gezien het onderwerp, er niemand op af zou komen. Dus moesten er publiekstrekkers in het forum. Toch besloten we het risico te nemen om één specialist in het forum te benoemen: 'Iemand die gewoon weet wat de cijfers zijn en die de laatste studies kent.’
'Als het maar niet ten koste gaat van Maarten van Rossem, want anders valt er niets te lachen.’
We zaten - althans ik - met ons knipselmapje voor ons - totaal overbodig geworden door de iPad. (Dus ik was incompleet, maar had weer wel 'leuke dingen’.) Terwijl we aan het overwegen waren wie we uitnodigden, googelden we wie de werkelijke intellectuelen waren.
Dat was nog moeilijk. Wat is een intellectueel tegenwoordig? Is dat iemand die in woord en geschrift meedoet aan het debat? Is dat iemand met een grote, goed onderbouwde visie? Is dat iemand die wat in tweede instantie reageert, omdat hij eerst wil kijken wat er aan de hand is? Is dat een publicist die zich betrokken opstelt? Is dat iemand met verstand van zaken - je zou het bijna zeggen. Maar wanneer heb je verstand van zaken?
'Nodigen we Bas Jacobs uit, of die Van Duin? Of toch Boot? Of die andere econoom, met die naam, Eijffinger of zo…’
'Die zijn wel heel verschillend van elkaar.’
'Dat kan wel wezen, maar ze hebben wel verstand van zaken… toch?’
'Maar gaat dat niet ten koste van Maarten van Rossem?’
Misschien kun je wel constateren dat er ook een intellectuele crisis is. Er zijn geen denkers meer, er is alleen maar entertainment. Wat er wordt gezegd, doet er niet meer toe. Het hoe is belangrijk.
'Maarten van Rossem dus.’