Kunst 1

Prada Meinhof?

Beeldende kunst: Rote Armee Fraktion-expositie omstreden

BERLIJN – Der Untergang is nog niet uit de bioscoopzalen verdwenen of de Duitsers kunnen zich opnieuw bezighouden met hun zware verleden: in het Berlijnse instituut voor contemporaine kunst Kunst-Werke opende een tentoonstelling gewijd aan de Baader-Meinhof-groep en de Rote Armee Fraktion. Het doel van de expositie, die officieel Zur Vorstellung des Terrors: Die RAF heet, is een overzicht te geven van de reacties op de RAF in de media. Eerdere plannen voor een tentoonstelling onder de titel Mythos RAF in 2003 leidden tot een storm van verontwaardiging. Nabestaanden van slachtoffers protesteerden. De bondskanselier liet van zich horen. De Duitse cultuurminister Christina Weiss trok honderdduizend euro overheidssubsidie voor het project in, omdat de RAF-show politiek zou laten zien, geen kunst. Onze Mondriaan Stichting kwam te hulp.

In de kunstwereld en in de media bakkeleien de Duitsers nu opnieuw over de vraag of het moreel verantwoord – en niet verwerpelijk – is om terroristen überhaupt met een expositie te eren. De dochter van Ulrike Meinhof, Bettina Röhl, net als haar moeder journaliste, bekritiseerde de huidige RAF-expositie in Die Zeit: «Hiermee krijgen de iconen van de terreurgroep een eigen monument.» De grondlegger van de tentoonstelling, oud-directeur van Kunst-Werke Klaus Biesenbach, verweerde zich heftig tegen de kritiek. De nieuwe chef van PS.1, de prestigieuze dependance van het Museum of Modern Art in New York, bouwde de leegstaande fabriek in de voormalige joodse buurt in Berlin-Mitte uit tot het internationale kunstpodium KW. Biesenbach: «We willen de RAF bekijken door de bril van de toen toonaangevende media in de BRD en DDR.»

Biesenbach wist Gerhard Baum, oud-minister van Binnenlandse Zaken, als beschermheer te strikken. Baum was in zijn tijd verantwoordelijk voor de jacht op de terroristen. Hij vindt nu dat daarbij te veel onschuldige personen werden verdacht. De samensteller van de RAF-show is Felix Ensslin, de zoon van Gudrun Ensslin, een van de topfiguren uit de Baader-Meinhof-groep. Zij stierf in 1978 in Stammheim, Felix groeide op bij een pleegfamilie. «Ik breng de invalshoek van de RAF-kinderen mee», zegt de 38-jarige nuchter. Ensslin spreekt over de RAF als «grauwe geschiedenis» en citeert Heinrich Bölls spreuk van de «zes tegen de zestig miljoen». De Duitse pers ergerde zich aan de koketterie van de kunstenaars, die zich zouden aanmatigen de brandstichters, vliegtuigkapers, ontvoerders en moordenaars van weleer te verheerlijken. Ongeveer honderd kunstwerken van meer dan vijftig internationaal bekende artiesten houden zich direct of indirect met de RAF bezig. Wat te denken van de helikopterauto van Franz Ackermann, die pontificaal in KW staat? De terroristen van de RAF dachten daarmee daadwerkelijk hun medestrijders uit de zwaarbewaakte Stammheim-gevangenis in Stuttgart te bevrijden. Tijdgenoten als Sigmar Polke, Joseph Beuys – die al in 1972 op Dokumenta V werk over de terroristen maakte – en Jörg Immendorf, maar ook Jonathan Meese en Gerhard Richter, wiens Stammheim-cyclus 18. Oktober 1977 ook op de MoMA-tentoonstelling in Berlijn te zien was, zijn eveneens vertegenwoordigd. Centraal in de grote zaal van KW staat een witte, overdekte kubus. Hierin zijn Die Toten, alle daders en slachtoffers van de RAF, chronologisch geportretteerd. Critici maken zich druk over het gebrek aan duiding van de beelden, die alleen de naam en de sterfdatum vermelden. Zo hangt de foto van een bebloede Andreas Baader broederlijk naast het beeld van Hanns-Martin Schleyer, voorzitter van de Duitse werkgeversvereniging, die werd ontvoerd en vermoord. Van het bekende beeld van Ulrike Meinhof, mismoedig poserend in gevangeniskleding, maakte Johannes Kahrs een briljante kopie met pastelkrijt. Even verderop bewaken veiligheidsmannen twee op pantoffels staande borden. Na recente aanslagen op kunsttentoonstellingen moet nu ook het werk van Joseph Beuys permanent worden bewaakt. Jörg Immendorf, boezemvriend van Gerhard Schröder, schilderde het expressionistische Café Deutsch land, waarin alle randfiguren van de Duitse maatschappij bijeen gebracht zijn: maoïsten en openbaar copulerende stelletjes, bandieten en marihuanarokers. De Britse designer Scott King chargeert ten slotte de promotie en commercialisering van Baader en Meinhof tot pop-idolen, met het ontwerp voor een logo van «Prada Meinhof», een sarcastische benaming van Matt Worley voor de trend om de beeltenis van linkse extremisten als Che, Mao, Lenin en Castro te gebruiken als mode-item.

Voor de financiering van de expositie hebben bekende kunstenaars als Marina Abramovic, Dinos en Jake Chapman, Andreas Gursky en Doug Aitken aparte werken gemaakt die niet getoond worden. Ze worden bij eBay geveild. Op straat dragen Duitse jongeren ondertussen met plezier T-shirts met het RAF-logo, de rode ster en de kalasjnikov.

Zur Vorstellung des Terrors: Die RAF

tot 16 mei 2005 in Kunst-Werke in Berlijn. www.kw-berlin.de