Sport

Praten

Praten kan best helpen als iets je dwarszit. Maar het moet niet gekker worden dan het nu is. Maar het zal ongetwijfeld nog veel gekker worden. Dat wordt het altijd.

Zeshonderd supporters van PSV kwamen dit weekend in opstand en stookten onrust. Ze waren boos. Ze waren meegereisd uit Eindhoven naar Nijmegen om hun club te zien spelen tegen NEC. Met PSV gaat het de laatste weken niet geweldig, en het landskampioenschap, dat tot en met de winterstop voor het grijpen leek, is niet meer vanzelfsprekend.

NEC won, verdiend, met 2-1 van een zwak PSV. En de supporters waren teleurgesteld. Zeshonderd aanhangers weigerden na de wedstrijd het stadion te verlaten en in de bussen te stappen. Eerst wilden ze een gesprek met aanvoerder Phillip Cocu en voorzitter Frans Schuitema. Ze eisten een gesprek. Want ze wilden opheldering over de slechte resultaten van de laatste tijd en de crisis bij hun club.

Phillip Cocu hoorde dat toen hij stond af te douchen. Hij dacht eerst dat het een geintje was, maar het was echt waar. De fans eisen een gesprek. Anders gaan ze niet de bus in, lekker puh – sliep-uit – lange neus – tetteretet – pffllrrr. En Cocu ging met een megafoon naar het PSV-vak. Later legde hij uit: ‘De supporters waren teleurgesteld. Nou, dat ben ik ook en dat heb ik tegen ze gezegd. Ik weet ook dat ze het op dit moment heel erg moeilijk hebben. Ik heb gezegd dat we de komende weken alles op alles zullen zetten om het om te draaien. Dit zijn gewoon lastige momenten voor supporters en dat begrijp ik, omdat ik er zelf ook dood- en doodziek van ben.’

Waar gaat dat naartoe? Is hier sprake van precedentwerking? Natuurlijk. Die jongens in Eindhoven, door rivaliserende supporters ook wel ‘gloeilampen’ genoemd, hebben best in de gaten dat ze een precedent hebben geschapen. Die zeggen tegen elkaar: ‘Hé, we hebben nu mooi een president geschept, dus dat betekent dat we vanaf nu onze zin krijgen.’

Het gaat bliksemsnel het land door. De Ajax-aanhangers, die ook wel ‘neuzen’ worden genoemd, zeggen tegen elkaar: ‘Hé, die gloeilampen in Eindhoven hebben een president geschept. Dat betekent dat wij voortaan ook onze zin zullen krijgen. Dat is namelijk presidentwerking: dat je het hek van de dam haalt en dat er dan méér volgen.’

Voetbalsupporters zijn niet meer zondagse mannen in een duffelse jas en met een hoed op, die na de wedstrijd beleefd applaudisseren voor het geboden schouwspel – jammer, weer verloren, maar toch een mieterse middag gehad – maar losgeslagen horden veeleisende egocentrische obsessievelingen die zich overal mee willen bemoeien. Die zich overal mee kúnnen en mógen bemoeien, omdat ze gevreesd worden. Die ontwikkeling mag men gerust een tendens noemen: de invloed en macht van ‘het publiek’ nemen toe. Aanvankelijk mochten ze af en toe ergens over stemmen, inmiddels ‘eisen’ ze al ‘opheldering’ over de resultaten – en ze krijgen hun zin! Niet omdat ze veel zinnigs te melden hebben, maar omdat iedereen bang voor ze is. Het clubbestuur is bang voor de fans, want als het één keer uit de hand loopt, word je zo voor een paar jaar verbannen uit Europa. Zo’n bestuur weet dat er maar dit (vingerknip) hoeft te gebeuren of de aanhang bestormt het veld, of tegenstanders, of het bestuur. Het zijn ongeleide projectielen, die fans, en heel veel ongeleide projectielen bij elkaar, met heel erg korte lontjes, daar ben je best bang voor. De spelers zijn ook bang, die beseffen dat je ze niet tegen je moet krijgen, die supporters, want ze kunnen je kapotmaken. Dus de fans krijgen hun zin. Ze gaan, net als in de echte wereld, steeds vaker hun ‘recht’ opeisen. Net als verongelijkte burgers die iedereen behalve zichzelf de schuld geven van hun ellende en menen dat ze recht hebben op van alles en dat recht ook gaan halen. Die kunnen ook angstaanjagend zijn.

Het gaat uit de hand lopen. De megafoon van Cocu wordt een gigafoon. Zeshonderd supporters wordt zesduizend supporters. Na de wedstrijd wordt voor of tijdens de wedstrijd. Het gesprek wordt een therapiesessie. Aanvoerder plus voorzitter wordt het hele elftal plus het bestuur. Tekst en uitleg wordt excuus. Opheldering wordt inspraak. Inspraak wordt advies. Advies wordt ‘je-moet-want-anders’.

Straks wordt de opstelling vooraf gemaakt door de supporters, naar eigen inzicht. Tenzij er op tijd wordt ingegrepen.

Voor de wedstrijd weigeren de spelers het veld te betreden en te spelen. Eerst willen ze met de supporters praten. Ze eisen een gesprek en willen opheldering over de erbarmelijke steun van de week daarvoor, toen de aanhang het massaal liet afweten en de ploeg nauwelijks aanmoedigde.

Er worden zeshonderd megafoons uitgedeeld aan de fans, die tekst en uitleg moeten geven aan spelers en bestuur.