Praten met Rutger

Er moet ergens een column van Jan Blokker zijn waarin staat dat hij zich ergerde aan de likkerigheid van sommige journalisten die een minister bleven aanspreken met ‘Excellentie’.
Nu is dat anders. Rutger Castricum van PowNews vraagt aan Mark Rutte: ‘Mark, nog geneukt van het weekend?’

Medium afbeelding 3

Is dat onfatsoenlijk, wat ik sommige collega’s heb horen zeggen? Vast, maar sommige besluiten van sommige ministers zijn ook onfatsoenlijk, dus dat kunnen we tegen elkaar wegstrepen.
Het vreemde is dat je meteen hoort: wat moet je hiertegen doen? Naema Tahir, columniste in Buitenhof, vindt dat journalisten ‘beschavelingen’ zouden moeten zijn en pleitte voor een verbod voor journalisten op het Binnenhof die alleen maar willen keten en onbeschaafde vragen willen stellen. Dommer kan niet.
Maar wat zou ik doen als ik minister was en niet met Rutger wilde praten? Ik zou ervoor zorgen dat hem dat niet lukte. Dat schijnt heel makkelijk te zijn, hoorde ik van een verslaggever op het Binnenhof. Zeker als je minister bent. Dat het Rutger keer op keer lukt om wel ministers te spreken, betekent dat die excellenties juist héél graag met hem willen praten. En dat is ook het beeld dat je krijgt als je naar PowNews kijkt. Ik zie gezagsdragers en leden van het parlement die niets liever lijken te willen dan gevangen te worden door de camera en microfoon van Rutger Castricum.
Nou, Rutger, geef ze dan ook maar van katoen!
Waarom wil men zo graag met Rutger praten?
Vermoedelijk omdat men van drie verkeerde gedachten uitgaat. De eerste is: ik ben zo intelligent, ik kan Rutger wel aan. De tweede is: Rutger is door zijn grappenmakerij ongevaarlijk. En drie: ik weet met betrekkelijk magere antwoorden mezelf toch in de kijker te spelen en media-aandacht is tegenwoordig noodzakelijk.
Je kunt politici honderd keer vertellen dat degene die de microfoon beheert altijd wint (en ik heb dat al aan tientallen politici verteld, vooral toen ik nog bij AT5 en Het Geprek werkte), maar ze geloven dat domweg niet. (Mooi voorbeeld voor de School voor Journalistiek, afdeling voorlichting: Martijn van Dam die onlangs werd weggezet door Matthijs van Nieuwkerk.)
Nu er een nieuwe leider van de PvdA moet komen, hoor ik niets anders dan: 'Het moet iemand zijn die goed is in het debat en natuurlijk ook enigszins mediageniek is.’
Dat zeggen dan spindoctors die naar Amerika kijken, zogenaamd de Amerikaanse verkiezingen hebben 'geanalyseerd’ of 'meegewerkt’ hebben aan een campagne van Bush of Obama. Je hoort dan ook alleen maar onzin als: 'We zoeken een politicus die authentiek is.’ Of: 'Iemand die zichzelf is.’ Je kunt, denk ik, evengoed het omgekeerde beweren: 'We zoeken een politicus die niet zichzelf is en niet authentiek, maar ons verhaal goed kan vertellen.’
Dat zou inderdaad beter zijn, want de tijd is niet meer ver weg dat Rutger aan Rutte vraagt: 'Zeg Mark, je schijnt het heel lekker te vinden om gepijpt te worden door een leernicht terwijl je geslagen wordt door een veertigjarige tandeloze heroïnehoer. Klopt dat?’
Ja of nee zeggen, verbaasd kijken of zeggen 'deze vraag gaat mij te ver’ heeft dan helemaal geen zin. Het gaat, zoals we weten, helemaal niet om het antwoord.
Politici lopen ongenadig hard achter de mode aan. Ze nemen een Facebook- en een Hyves-account en ook nog een Google+-account, ze twitteren en denken dat het reclame voor ze is als Prem met ze slijmt. Het is daarom de schuld van de politici zelf dat ze de indruk wekken dat de politiek geen intellectuele bezigheid is, maar iets van een wedstrijd: wie is de leukste.
Ik geniet kortom van Rutger en hoop dat hij nog veel gemener en feller wordt.