Prefab

De ringen van Bruce Nauman zijn geconstrueerd. Het lattenwerk London II van Imi Knoebel is daarentegen vooral een montage.

Twee weken geleden had ik het over een constructie van Bruce Nauman van drie gootvormige ringen (groen, geel, roze), een model voor een ondergrondse sculptuur van tunnels en schachten van veel grotere afmetingen. In het model is de doorsnee van de ringen ongeveer drie meter. Ze zijn, in segmenten, van glasvezel en polyester gemaakt en daarom relatief licht. Anders dan waar de ringen door hun vorm (gleuf en, omgekeerd, wig) misschien wat in elkaar kunnen passen, zijn ze in constructieve zin niet met elkaar verbonden: ze leunen een beetje in en tegen elkaar. In de twee andere versies rusten de ringen op twee punten tegen elkaar, in de vorm dus van een driehoek, maar ook al door hun geringe gewicht zijn zelfs die niet stabiel genoeg om zelfstandig overeind te blijven. Ook die worden, net als de versie in Museum Kröller-Müller, door draden vanaf het plafond op hun plaats gehouden. Dat geeft de modellen een suggestief zwevend karakter - en zo stelde Bruce Nauman, heb ik gelezen, ze zich ook op de grond voor: these models for tunnels I imagined floating underground in the dirt.
De grote tekeningen waarin hun vorm is ontworpen geven een iets andere indruk. In de krachtig neergezette lijnen van krijt, versterkt met geveegde effecten van donker en mat houtskool, zie ik allereerst toch een grote resoluutheid van inventie en een onverschrokken zekerheid van concept. Wat ze vooral laten zien (en wat Nauman ook tekende) is de denkbare constructie van het werk: hoe de zaak ongeveer in elkaar moest zitten. Eigenlijk zijn het dus gewoon werktekeningen, die evenwel mooi zijn en verbazingwekkend omdat de kunstenaar zo'n energieke hand van tekenen heeft.
Daarmee vergeleken zijn bijvoorbeeld de tekeningen van Donald Judd, die ook grote sculpturen moest ontwerpen, veel droger en kariger wat betreft de lijnvoering in hard potlood. Daarbij krijg je het idee dat Judd de sculptuur al bedacht had en het concept ervan alleen maar zo simpel mogelijk nog wilde noteren. In veel tekeningen van Nauman bespeur ik ook een gedreven schwung - een energie in de hand die wellicht, als je het instinct van de hand vertrouwt, het ontwerpen avontuurlijker maakte. Maar dat hij zich de tunnels ondergronds drijvend ging voorstellen is vermoedelijk toch een gewaarwording die hij pas had bij het zien van de labiele modellen met de draden die de ringen in evenwicht hielden - net zoals hij zichzelf onzeker overeind moest houden toen hij, in een vroege film, voetje voor voetje langs de omtrek van een vierkant wilde lopen. Vanwege het aardse materiaal en de kordate tekenwijze is de expressie in de tekeningen er een van stevigheid. Naar een onstandvastig model van drie meter hoog sta je echter anders te kijken (in opwaartse richting) en daardoor zie je andere aspecten van een ontwerp: het zweven en drijven ervan in de ruimte, bijvoorbeeld.
Veel klassieke schilderijen, vooral die van het zwierige soort (Rubens of Tiepolo), zien eruit alsof ze uit één vloeiende tocht van geniale inspiratie zijn voortgekomen. Zo is hun prachtig meeslepende, theatrale voordracht. Maar in dat sprookje van het illusionisme is de interventie gekomen van de abstracte kunst - waardoor des te duidelijker werd dat kunstwerken menselijke constructies zijn. Het werk London II bijvoorbeeld van Imi Knoebel is echter niet zozeer een constructie maar een montage, samengesteld uit door de kunstenaar zorgvuldig geprepareerde elementen. In dit geval vierkanten en latten van aluminium, al in hun verschillende kleuren geverfd, en zo in elkaar gezet dat er een intrigerende, open en gesloten kijkdoos ontstaat - een beheerst spektakel van puur artificiële kleur. Ik herinner me een bezoek aan Knoebels atelier in Düsseldorf. In die ruime hal stonden lange tafels met daarop gerangschikt naar maat en kleur allerlei soorten elementen zoals we die ook in London II zien. Zulke inventieve montages en hun varianten kun je, denk ik, alleen maar maken vanuit zo'n uitgebreide prefab bouwdoos: door geduldig te passen en te meten en te kijken. In dat soort vrij monteren worden configuraties, en de effecten daarvan, ontdekt die anders onvoorstelbaar zouden blijven.

PS De grote tekeningen voor de ringen van Bruce Nauman bevinden zich alle drie in het Kröller-Müller in Otterlo (ex-Collectie Visser, verworven met steun van de Vereniging Rembrandt). Voor liefhebbers zijn ze daar op aanvraag te bezichtigen. Van het werk van Imi Knoebel begint in december een expositie in het Haags Gemeentemuseum