Essay van de week

Prenzlauer Berg

De Berlijnse wijk Prenzlauer Berg is ‘de Heilige Graal’ van het nieuwe Duitsland, waar alles wat jong en veelbelovend was samenstroomde nadat de Muur was gevallen. Maar het ongenoegen broeit. De psychotherapeuten zijn allemaal volgeboekt, en de organisch fruit etende jonge mensen met hun scherp getrimde baardjes, universiteitsdiploma’s, mooie kinderen en dure penthouses met eco-stroom zijn extreem gezond en altijd ziek, geobsedeerd door hun lichaam en overintellectueel, superrelaxed en te gestresst. Het is zo heerlijk makkelijk om tolerant te zijn in Prenzlauer Berg, want die tolerantie wordt er nooit getest: geen lelijke satellietschotels, hangjeugd, zwerfvuil en moskeeën, en de gastarbeiders uit de armere Berlijnse wijken zijn allemaal weer weg als het tijd wordt voor de middagkoffie in het hippe café. Voor de twintig procent die hier al voor de Wende woonde, is het een andere wijk: een buurt waar hele straten te koop stonden, waar de werkloosheidsgolf kwam, en waar alleen extremen over zijn: de werklozen die te weinig geld hadden om door te trekken en de nieuwe rijken die op ze neerkijken en zich vooral opwinden over de wachttijd voor de vioolles van hun kinderen.

Voor wie liever leest over het ‘Anti-Berlijn’, Parijs, de stad waar alles draait om de mooie facade.