Ger Groot

Prijzen en prices

Wat is het kapitaal van een uitgever? Zijn auteurs? Welnee. De ene helft van dat kapitaal zit in zijn redacteuren. Lopen die weg, dan gaan de schrijvers mee: het Meulenhoff-drama, het Ambo-drama en nog zo wat. De andere helft zit in zijn backlist: de oude titels die goed blijven lopen of waarvan je goed kope herdrukken kunt maken. Maar ook die backlist kan weglopen, mét zijn auteur.

Vorige week deed Graham Swift, Booker Prize-winnaar jaargang 1996, zijn nieuwe roman The Light of Day in de openbare aanbieding. Alle uitgevers mochten er een bod op doen. Dat is niet nieuw. Wél nieuw was dat Swift tegelijk ook al zijn oude titels aanbood, tot verbijstering van Picador, zijn uitgever tot nu toe.

In The Observer verzuchtte Robert McCrum dat alles wat in het boekenvak solide leek, in rook opgaat. Honderdvijftig jaar geleden schreef Karl Marx ook al zoiets. In het kapitalisme wordt alles beweeglijk en vloeibaar. De verdedigers van de vrije markt noemen dat mobiliteit en flexibiliteit. Dat betekent: vlottende schrijvers, rondzwervende oeuvres en steeds meer liquide middelen.

Dat laatste hopen schrijvers, agenten en uitgevers althans. Publiceren is altijd al een kansspel geweest. Maar toen Thatcher van iedere burger een beursspeculant en van de hele economie een loterij had gemaakt, bleek ook het literaire spel een kwestie van veel pegels te zijn geworden. De inzet ervan werden steeds hogere voorschotten en pr-budgetten, de verhoopte winst een megaseller. Lukt dat, dan mag een uitgever zijn zegeningen tellen, zolang zijn prijsdier niet zijn eigen plan heeft getrokken. Lukt dat niet, dan ziet een schrijver zich al snel een tweede keer geliquideerd.

Zo woest als in de Angelsaksische wereld gaat het er op het continent nog niet aan toe. In Nederland is vorige week een wetsontwerp voor een vaste boekenprijs ingediend, dwars tegen elke vrijemarktideologie in. Op hetzelfde moment werd in Barcelona de liberalisering van de energiebedrijven besproken. Midden onder de vergadering ging het licht uit. Dat gebeurt aan de Spaanse oostkust wel vaker sinds daar de elektriciteitsvoorziening is geprivatiseerd.

De argumenten voor een vaste boekenprijs worden al jarenlang herhaald en zijn allemaal even verstandig. Daartegenover weten de liberaliseringsdenkers nauwelijks iets anders in te brengen dan het geloofsartikel «tucht van de markt» en een belofte van dalende consumentenprijzen die nooit wordt ingelost. Ik ben het in mijn boekenkast eens nagegaan aan de hand van een paar pockets uit Engeland, kampioen van de vrije markt, en uit Frankrijk. Dat laatste land heeft twintig jaar geleden de boekenprijs vrijgegeven en is daar halsoverkop van teruggekomen. Ik geef vier representatieve voorbeelden.

Mary Renaults The Bull from the Sea (Penguin) telt 235 bladzijden en kost in Engeland 6,99 pond of 9,67 euro. Michel Onfrays Théorie du corps amoureux (225 blz.) kost als Livre de poche 5,55 euro. In het dikkere segment leg je voor Marc Robines Le roman de Jacques Brel (Livre de poche, 701 blz.) 7,62 euro neer. Margaret Atwoods The Blind Assassin (ook al een Booker Prize, dus bepaald geen slow seller) kost als Virago pocket (641 blz.) 6,99 pond of 11,28 euro.

In Engeland betaal je voor een vergelijkbaar boek (allemaal van hetzelfde formaat) tussen de 50 en 75 procent meer dan in Frankrijk. Dat is de «recommended price», dus je kunt ermee stunten. Daar is de liberalisering tenslotte voor bedoeld. En inderdaad: als de Engelse verkoper zijn gehele winstmarge zou opgeven, zou hij net beneden de niet-geliberaliseerde Franse prijzen terecht komen. Voor de Europese Commissie, die de liberalisering zo’n warm hart toedraagt, is het een pracht van een pyrrusoverwinning. Het prijsvoordeel van de vrije boekenmarkt komt direct in aanvaring met zijn eigen antidumpregels, die de verkoop van goederen onder een reële kostprijs verbieden.

Veel zal zo’n ontnuchtering niet helpen. Wie na de catastrofale balans van de liberaliseringswoede nog altijd gelooft dat de consument daar beter van wordt, moet een fundamentalist of een minister van Economische Zaken zijn. Dat soort modes moet eenvoudigweg uitzieken. Je kunt alleen proberen te voorkomen dat er intussen te veel onvervangbaars wordt geliquideerd. Die wet op de vaste boekenprijs moest er maar komen.