Televisie: ‘A Year of Hope’

Primaire organen

Medium tv
A Year of Hope, regie Mikala Krogh

A Year of Hope is een Deens-Nederlandse documentaire over straatkinderen in Manila. Op een verhoging voor een zaaltje staat een man. Een vrouwenstem vraagt hem zijn lichaamsdelen te benoemen. Dat doet hij, maar er is één plek die hij overslaat. Steeds weer, want het moet opnieuw. Het publiek – zijn collega’s – ligt in een deuk. Uiteindelijk komt het hoge woord eruit: penis. Dan volgt een vrouw en ook zij hapert zuidelijk van haar buik, al geeft ze zich iets sneller gewonnen: vagina.

Het zijn politieagenten. De vrouw met de microfoon is van de Stichting Stairway die zich bekommert om het lot van straatkinderen. Daar zijn er ontelbare van, overlevend in groepjes; ze slapen op karton, bedelen, stelen, snuiven lijm voor de kick en tegen de honger en ritselen geld. Soms is dat via prostitutie (in feite betaalde verkrachting), maar omdat ze onbeschermd zijn door volwassenen is onbetaalde verkrachting aan de orde van de dag. Volgens Stairway wordt maar in 0,1 procent van de gevallen aangifte gedaan. Uit schaamte. Bij kinderen en bij de politie. Die er zelfs geen taal voor heeft.

Later blijkt dat sommige straatkinderen juist legio termen voor primaire organen en de daad hebben, maar alleen onder elkaar. Een goed teken is dat bepaald ook weer niet. Die agenten lachten dan wel toen de man voor aap stond, maar aan alles merk je dat ze dolblij zijn dat ze daar niet zelf staan. Dus krijgen ze bijscholing van ‘verlichte’ maatschappelijk werkers, overwegend vrouwen. Die, belangrijker, de kinderen leren dat hun lichaam alleen aan henzelf toebehoort. Ze selecteren een deel van de kinderen en begeleiden ze intensief: een jaar lang krijgen de jongens in een idyllisch gelegen huis aan zee onderdak, goed eten, onderwijs en liefdevolle zorg. Met als doel dat ze na een jaar tot een min of meer normaal leven in staat zijn – óf bij familie, óf in een internaat in de stad.

In de film volgen we vooral Justin (13) en Pablo (15). Justin is een bijzonder kind doordat hij in houding, gedrag en motoriek opvallend feminien is. Hij bloeit op als ze zich mogen verkleden bij toneelles of feest, het liefst kleurig en extravagant, met pruik en make-up. De leiding keurt dat absoluut niet af, maar de tragiek is dat het hem in de groep tot buitenstaander maakt. Voor Pablo is de term ‘stug’ een eufemisme. Het gezicht van het joch is continu in een pijnlijke kramp vertrokken en een begeleidster benoemt als zijn probleem tegen de dokter: ‘Hij kan niet lachen.’ Langzaam ontvouwt zich zijn geschiedenis die te gruwelijk is voor woorden. Dus als je hem eindelijk ziet lachen en hem door de telefoon tegen zijn moeder – die aan de rand van een autoweg blijkt te vegeteren met haar zieke baby – hoort zeggen: ‘Ik ben gelukkig hier’, maakt dat de kijker blij. Al vraagt die zich uiteraard af, net als de filmers: is zoveel aangerichte schade nog te herstellen? Bekijk daarom de aftiteling: 85 procent gaat niet terug naar de straat. Social work tegen de geest van Duterte in. Indrukwekkend in beeld gebracht door Morgan Knibbe, Nederlands regisseur en hier cameraman.


Mikala Krogh, A Year of Hope, VPRO 2Doc, woensdag 27 juni, NPO 2, 22.55 uur