Principe, pluche, praktijk

Als de leden van regeringspartij PvdA hechten aan het principe dat een mens geen crimineel is louter door in een land te verblijven waarvoor hij niet de juiste papieren heeft, dan hadden ze zichzelf een half jaar geleden principiëler moeten opstellen. Toen verkozen ze echter regeringsdeelname aan een kabinet met de VVD die illegaal verblijf strafbaar wil stellen. Ze stemden ermee in. De grens, het verloochenen van een principe, waren ze toen zelf al overgestoken.

Medium commentaar 18 2013 illegaliteit

Ging bij hen het pluche toen ook boven het principe, zoals PvdA-partijleider Diederik Samsom wordt verweten, nu hij een – zaterdag op het partijcongres aangenomen – motie om alsnog niet met die strafbaarstelling akkoord te gaan naast zich neerlegt? Waarschijnlijker is dat de partijleden toen, net als Samsom nu, die keuze voor zichzelf verdedigden door te wijzen op wat ze konden bereiken met regeringsdeelname, op allerlei terreinen, ook op dat van de reeds bestaande praktijk van de behandeling van vreemdelingen in Nederland. Na de zelfdoding van de Russische asielzoeker ­Alexander ­Dolmatov is nog eens schrijnend duidelijk geworden wat daar allemaal aan mankeert.

Gaat een eenmaal vergeven woord dan boven een principe? Nee, maar het maakt principieel zijn wel ingewikkelder. Zeker in de politieke samenwerking met een coalitiegenoot. Een coalitiegenoot bovendien die al worstelt met een achterban die mort over gebroken verkiezingsbeloftes. En ook nog eens ingewikkelder, omdat de eigen PvdA-partijleider zich heeft voorgenomen dat zijn partij af moet van het imago dat ze haar woord nooit houdt en altijd maar weer wil terugonderhandelen.

Het lijkt er nu op dat dit allemaal voor gaat, ten koste van illegaal in Nederland verblijvende buitenlanders. Of dat laatste in de praktijk ook het geval zal zijn, is echter nog maar de vraag. In de eerste plaats omdat de pvda inderdaad heeft ingezet op het verbeteren van de behandeling van vreemdelingen: minder mensen in vreemdelingendetentie, vaker een verblijfsstatus voor vreemdelingen die echt niet terug kunnen naar het land van herkomst, en geen strafbaarstelling van hulp aan illegalen zijn daar een paar voorbeelden van. Bovendien is door de zaak-Dolmatov de druk op een betere behandeling van vreemdelingen groot.

Ook is het nog maar de vraag of strafbaarstelling van illegaliteit ooit wet wordt. In de Eerste Kamer heeft het kabinet daarvoor de steun nodig van een derde partij. Dat zal de PVV worden, naast de vvd de enige andere partij die daar echt voor is. Dat is des te pijnlijker voor de pvda, omdat ze niet geassocieerd wil worden met de vreemdelingenhaat van die partij.

Er is echter een uitweg: de eigen PvdA-senatoren kunnen tegen het wetsvoorstel stemmen. De leden van de Eerste Kamer zijn niet gebonden aan het regeerakkoord. Ook de VVD weet dat, zoals de liberalen zich ook zullen realiseren dat ze rekening moeten houden met de smeulende veenbrand over dit onderwerp bij hun coalitiegenoot. Verder bestaat er nog altijd het wapen van tijd rekken en het traineren van een wetsvoorstel waar de pvda-parlementariërs gebruik van kunnen maken.

Beide middelen ogen niet fraai. Vooral het laatste heeft meer weg van lijdzaam verzet dan van principieel handelen. Maar omdat de pvda-leden hun eigen partij zelf in deze situatie hebben gebracht, moeten ze zich afvragen of een principiële opstelling nu te prefereren is boven een gewenste uitkomst in de praktijk straks.