Privé bestaat niet

First lady is de meest ondankbare rol in de Amerikaanse politiek. Nergens voor gekozen, geen eigen achterban, opgesloten in een huis dat tegelijk kantoor is, publiek domein zonder publiek platform, moet de ‘echtgenote van’ proberen zichzelf een rol te geven.
Michelle Obama kwam tegenstribbelend in het Witte Huis terecht. Haar huwelijk had de politieke ambities van de zelfzuchtige Barack nauwelijks overleefd. Maar ze hadden zich erdoor gesleept en Michelle had zich voor hem ingezet, misschien om er vanaf te zijn: Barack mocht het nog één keer proberen. Michelle had haar eigen formidabele kwaliteiten, sommigen zeiden zelfs dat ze een betere president zou kunnen zijn. Dat is onzin.
In haar portret van de eerste drie jaar als presidentieel echtpaar beschrijft Jodi Kantor Michelle’s poging om Barack te helpen zijn presidentschap historisch te maken. Michelle zag waar het fout ging, wat Obama’s zwakke punten waren en waar hij als koele, afstandelijke en cerebrale president geïsoleerd raakte. Ergerde zich eraan dat Obama bleef denken dat verstandige mensen overal over kunnen praten en altijd een oplossing vinden. Veel beter dan Barack zag zij dat de wereld zo niet in elkaar zit, zeker niet in Washington DC.
Het enige voordeel van het Witte Huis was dat het gezin Obama voor het eerst in jaren onder één dak woonde en Barack bijna altijd mee kon eten. Daarmee was een van Michelle’s grootste klachten, dat ze bijna een alleenstaande moeder was, wat verminderd. Haar gevoel van eenzaamheid zal echter weinig minder geworden zijn. Volgens Kantor gaat Michelle Obama om een uur of half tien, tien uur naar bed, waarna Barack nog een paar uur doorwerkt in zijn privé-kantoor. Hun sociaal leven beperkt zich tot een paar heel goede vrienden.
Aanvankelijk wilde Michelle graag advies geven aan de West Wing. Niet op beleidsterrein maar vooral om die rare snuiter uit te leggen aan zijn staf; ze kende hem uiteindelijk beter dan wie ook. Kantor noteert dat de 'mannelijke adviseurs’ aan de andere kant van het gebouw haar negeerden. Het is een opmerking die aansluit bij wat Ron Suskind onlangs in Confidence Men beschreef als de mannengemeenschap in het Witte Huis en de frustraties van de vrouwen in zijn regering.
Michelle wist dat haar gezin een rolmodel was voor zwarten in de hele wereld. Ze kon zich niet veroorloven om ook maar één stereotype van de zwarte te bevestigen. Alles moest perfect zijn, alles moest op rolletjes lopen. Ze wilde het stijlvol doen maar dat botste met het idee dat zij en haar man 'normaal’ waren. Tegelijkertijd kwam er kritiek uit de West Wing dat ze een beeld uitdroegen van luxe leven tijdens een diepe economische crisis. Elke jurk, elk paar schoenen en elke vakantie moest op een goudschaaltje gewogen.
Het eerste half jaar was frustrerend. Wennen aan het huis, aan de nieuwe rol, met een stafchef die niet goed functioneerde en zonder eigen agenda. Gefrustreerd en ontevreden besloot Michelle om net als haar voorgangsters een thema te kiezen: overgewicht van kinderen. De aftrap vond plaats de dag nadat de Democraten op knullige wijze de zetel van senator Ted Kennedy van Massachusetts hadden verloren en daarmee een obstructievrije meerderheid in de Senaat. Michelle was woedend over dat verlies. De Democraten hadden Massachusetts totaal onderschat en dat irriteerde haar. Ook de president kreeg onder uit de zak. Voor Michelle bewees het dat Barack zich had omringd met een club tactische adviseurs zonder de grote lijn in het oog te houden. Hij vergaf hen te veel, vond ze, hij was altijd al veel te loyaal aan mensen die hem ooit hadden geholpen. Michelle’s klachten klonken bekend. Barack had geen planning, hield haar niet op de hoogte en was alleen gericht op zijn eigen noden. Hij stortte zich in riskante projecten zonder zich te realiseren dat ze konden mislukken: klachten die gedurende hun hele huwelijk al een rol hadden gespeeld.
Het lijkt triviaal om een boek te schrijven over het huwelijk van de Obama’s, maar het aardige is dat we zo een behoorlijk goed beeld krijgen van Obama’s presidentschap. Privé bestaat niet voor presidenten en keer op keer blijkt dat de omgang van politici met hun naasten, hun dagelijkse privé-leven, een inkijkje geeft over hun (mogelijk) functioneren in een hoog ambt. Iedereen wist vooraf dat Reagan afwezig was en vaak onbetrokken, dat Clinton een roekeloze chaoot was zonder veel normbesef. Dat Bush de Jongere intellectueel ongeïnteresseerd was en manipuleerbaar. Het bleek allemaal belangrijk toen ze president werden. Ook het functioneren van de Obama’s in het Witte Huis was in zekere mate voorspelbaar op basis van wat we vooraf wisten.
De verloren verkiezingen van 2010 waren voor Michelle net zo dramatisch als voor iedere andere Democraat, maar ze haalde in elk geval haar gelijk. Dit was de kans om het isolement van president Obama te doorbreken. Zou Obama zich eindelijk als politicus gaan gedragen in plaats van als een wereldvreemde vredesapostel? Wie de president de afgelopen maanden heeft bezig gezien, weet dat hij geluisterd heeft, misschien niet alleen naar Michelle, maar zij was wel doorslaggevend.
De titel van dit boek zet de lezer op het verkeerde been. Het is veel meer dan het verhaal van de Obama’s en hun huwelijk. Kantor vertelt hoe mensen van vlees en bloed met elkaar zijn omgegaan tijdens de eerste drie jaar van Barack Obama’s presidentschap en hoe dat direct doorwerkte op het beleid. Daarmee heeft Kantor een van de beste verslagen geschreven van het functioneren van Barack Obama die ik tot nog toe heb gelezen.


JODI KANTOR
BARACK EN MICHELLE: HET OPENBARE HUWELIJK VAN DE OBAMA’S
Atlas, 368 blz, € 29,95