De oppositieleider van Italië heeft geen plan

Prodi’s verkeerde taxaties

De kansen van Romano Prodi, voormalig voorzitter van de Europese Commissie, om bij de Italiaanse parlementsverkiezingen in 2006 Silvio Berlusconi te verslaan, zijn gering. Hij heeft te veel fouten gemaakt en zijn speelruimte wordt door anderen bepaald.

ROME – Romano Prodi dacht vorig najaar dat hij de held van de Italiaanse oppositie tegen premier en mediamagnaat Silvio Berlusconi zou worden. Hij veronderstelde dat hij door zijn vijfjarig voorzitterschap van de Europese Commissie een onaantastbare reputatie had verworven. Wie bij de Italiaanse parlementsverkiezingen in 2006 Berlusconi wil verjagen, kan niet anders dan in mij zijn politieke leider zien, was Prodi’s redenering.

Die verwachting van Prodi was gebaseerd op een reeks verkeerde inschattingen. Ruim acht maanden na zijn terugkeer in Italië is Prodi ver verwijderd van de positie die hij voor zichzelf wenste. Hij heeft geen kans meer om de onbetwiste politieke leider van de oppositie tegen Berlusconi te worden. Hij kan maximaal bereiken dat hij volgend jaar als een gekortwiekte kandidaat-premier kan optreden. Zijn speelruimte zal bepaald worden door anderen, die de werkelijke macht in handen hebben.

Prodi’s eerste fout was dat hij dacht dat vijf jaar Brussel zijn aanzien in Italië had versterkt. Het is waar dat de Italiaanse pers nauwelijks aandacht heeft besteed aan de reputatie van brekebeen die Prodi op Europees niveau opbouwde. Antonio Polito, hoofdredacteur van het linkse opiniedagblad Il Riformista, heeft daarvoor twee verklaringen. De eerste is dat journalisten geen negatief nieuws wilden brengen over de man van wie werd verwacht dat hij de strijd met Berlusconi zou aangaan. De tweede was dat de Italiaanse pers niet graag kritiek wilde uitoefenen op een landgenoot die het tot voorzitter van de Europese Commissie had gebracht. In de tijd dat hijzelf nog politiek redacteur was van het linkse dagblad La Repubblica kon hij bijna geen negatief woord kwijt over de Europese Prodi.

Het resultaat van die houding van de Italiaanse pers is dat politiek geïnteresseerde Ita lianen die geen buitenlandse kranten lezen niets weten over negatieve oordelen over Prodi’s Brusselse tijd. Als voorzitter van de Europese Commissie had Prodi een speciale voorlichter in dienst voor Italiaanse journalisten, die kritiek op zijn baas uitlegde als pogingen een Italiaan belachelijk te maken.

Ricardo Levi was in Brussel een van Prodi’s belangrijkste adviseurs, en tevens zijn persoonlijke woordvoerder. Maar hij moest die functie opgeven toen na kritiek van de internationale pers – behalve de Italiaanse – eurocommissarissen van Prodi eisten dat hij Levi wegstuurde. Deze zelfde Levi helpt nu Prodi in Italië opnieuw als belangrijkste adviseur bij het maken van verkeerde inschattingen.

Het gunstige Europese beeld in de Italiaanse pers helpt Prodi niets. Tien jaar geleden was een Italiaan die in Brussel serieus genomen werd in eigen land iemand om respect voor te hebben. De Italianen wilden voor vol aangezien worden. Prodi werd in zijn land een held toen hij in 1996 als premier van een centrumlinkse coalitie kans zag om Italië klaar te maken voor deelname aan de euro. De Italianen aanvaardden zelfs een speciale belasting om ervoor te zorgen dat Italië zou behoren tot de eerste groep landen die op de euro overstapten. Ze weigerden de schande om een Europees land van de «serie B» te worden. Ze wilden bij de kopgroep van de Europese integratie blijven behoren, omdat ze wisten dat Europa sinds de jaren vijftig van de vorige eeuw een essentiële factor was bij de modernisering van hun land en nog steeds een belangrijke rol speelt bij de inspanningen om de achterstand van het zuiden, de Mezzogiorno, op te heffen.

Maar die reputatie van Europa is inmiddels veranderd. Nu Italië de euro heeft, is er kritiek. Prijsstijgingen worden aan de euro geweten. De verslechtering van de Italiaanse export zou het gevolg van het monetaire beleid in het eurogebied zijn. Italiaanse ondernemers zijn gewend aan instabiliteit met devaluatie als stimulans voor de export. Sinds de negentiende eeuw heeft waardevermindering van de lire tot de gebruikelijke politiek van opeenvolgende Italiaanse regeringen behoord. Stabiliteit, weinig inflatie en geen devaluatie vinden vooral kleinere ondernemers een lastige consequentie van het opgeven van de lire.

Een andere verkeerde taxatie van Prodi betreft de steun voor hem bij de politieke partijen van de oppositie. Prodi is geen leider van een politieke partij. De grootste Italiaanse oppositiepartij is de Democratici di Sinistra (DS), die is voortgekomen uit de vroegere Italiaanse communistische partij. Deze partij kreeg bij de parlementsverkiezingen in 2001 ruim 21 procent van de kiezers achter zich. De DS lijdt onder een soortgelijk complex als de communistische partij in de jaren zeventig. De DS denkt zonder samenwerking met traditionele katholieken nooit voor de meerderheid van de Italianen aanvaardbaar te zijn. Enrico Berlinguer, de communistische partijleider in de jaren zeventig, verwachtte een staatsgreep als zijn partij zonder samenwerking met de christen-democratische partij na verkiezingen aan de macht zou komen.

De Italiaanse Democrazia Cristiana ging in het begin van de jaren negentig aan corruptieschandalen ten onder. Prodi was toen geen politicus. Hij behoorde tot de christen-democratische nomenklatoera. Met steun van zijn partij bracht hij het tot topman van het grootste Italiaanse conglomeraat van staatsondernemingen, IRI. Toen hij besloot een politieke beweging, de Ulivo (olijfboom), op te richten, was dat een geschenk uit de hemel voor de linkse DS. Er was weer een katholiek om links te legitimeren. Na de parlementsverkiezingen van 1996 kon Prodi als leider van een coalitie met de DS, voormalige christen-democraten, groenen, links-liberalen en hardnekkige communisten Berlusconi als premier opvolgen. Zijn coalitie had weliswaar niet de absolute meerderheid behaald, maar Berlusconi had het probleem dat de xenofobe Lega Nord, zijn oude regeringspartner, niet meer met hem in de pas wilde lopen.

Toch beschouwt Prodi zichzelf sinds die verkiezingsoverwinning als de enige die in staat is Berlusconi te verslaan. Hij lijkt vergeten te zijn dat de DS duidelijk heeft gemaakt hem graag te gebruiken als katholieke stemmentrekker, maar hem ook gemakkelijk laat vallen als hij zijn taak vervuld heeft. In 1998 al, toen de gestaalde communisten van de kleine coalitiepartij Rifondazione Communista Prodi’s regering hadden laten struikelen, besloot de DS de touwtjes in eigen handen te nemen. Prodi kreeg geen kans om een nieuwe regering te vormen. Dat deed Massimo d-Alema, de politieke leider van de DS. Deze zette zich ook enthousiast in voor de benoeming van Prodi tot voorzitter van de Europese Commissie. Een mogelijke politieke concurrent was daarmee voor vijf jaar uit de weg geruimd.

Toen Prodi uit Brussel terugkwam wilde hij dat de aanhang van alle oppositiepartijen hem bij een soort primary tot kandidaat-premier zou kiezen. Nee, zeiden leiders van andere partijen van de oppositie, we kunnen alleen een verkiezing met verschillende kandidaten hebben. Onder anderen de communist Fausto Bertinotti wilde zich kandidaat stellen. Een kans om Prodi te verslaan zou hij niet maken. Maar de steun voor hem zou wel meetellen bij het duidelijk maken van zijn machtspositie bin nen de coalitie. Dit najaar krijgt Prodi de door hem gewenste primary, maar het wordt niet de applausmachine die hij had voorzien.

Een andere tegenvaller voor Prodi is dat zijn plan is gesneuveld om volgend jaar bij de verkiezingen alle partijen die bij zijn Ulivo zijn aangesloten met één gezamenlijke kandidatenlijst te laten komen. De belangrijkste dwars liggers zaten nota bene binnen de partij waarbij hij zichzelf heeft aangesloten, La Margherita. Die partij bestaat uit liberalen en voormalige christen-democraten. De leider, de voormalige burgemeester van Rome Francesco Rutelli, be hoorde in het verleden achtereenvolgens tot de Radicale Partij en tot de Groenen. Hij heeft een nieuw gat in de markt ontdekt: de voormalige christen-democraten die in Berlusconi’s partij Forza Italia zijn gestapt maar nu ontevreden zijn. Omdat Berlusconi’s beloften over economische successen de afgelopen jaren niet zijn gerealiseerd, wordt verwacht dat velen zijn schip willen verlaten.

Rutelli wil die politieke zwervers onderdak bieden door van La Margherita een centrumpartij te maken, eigenlijk de partij die de machtige positie gaat innemen die vroeger de Democrazia Cristiana had. Om dat te bereiken moet hij zo veel mogelijk zijn onafhankelijkheid van de linkse DS en van de communisten tonen. Samen met die partijen één kandidatenlijst voor de parlementsverkiezingen vormen zou potentiële kiezers uit Berlusconi’s kamp alleen maar afschrikken. Rutelli kreeg razende ruzie met Prodi, maar hij hield zijn poot stijf. Uiteindelijk moest Prodi toegeven: de gezamenlijke kieslijst van de Ulivo-coalitie komt er niet.

Al die problemen maken de vooruitzichten voor Italië weinig vrolijk. «Het land is als vanouds verdeeld tussen kleine politieke groepen. Het lukt niet om twee grote partijen te vormen die een duidelijk alternatief bieden», constateert de econoom Mario Sarcinelli, een voormalige topfunctionaris van de Italiaanse centrale bank. Hij vindt het tekenend voor het gebrek aan verandering in Italië dat het volgend jaar met precies dezelfde politieke leiders de verkiezingsstrijd houdt als tien jaar geleden, Berlusconi en Prodi.

Berlusconi heeft binnen zijn coalitie ook allerlei problemen. Maar Marcello Veneziani, een conservatieve politieke commentator, denkt dat Berlusconi de verkiezingen kan winnen als hij niet over economie praat maar over waarden. De massale emoties bij de dood van Johannes Paulus II en de electorale successen van de Amerikaanse president George W. Bush hebben volgens Veneziani getoond welk belang mensen hechten aan debatten over waarden.

Wat Prodi’s Ulivo wil doen om de economie te stimuleren is vooralsnog onbekend. Want de Ulivo heeft de discussie tot nu toe vooral over mensen gevoerd. Een programma heeft Prodi nog niet. Hij praat en denkt erover. Als hij dit najaar met een programma komt, zal het zeker veel heisa geven voordat de compromissen gevonden zijn die alle partijen van de Ulivo kunnen aanvaarden. Het kan bijna niet anders of Prodi zal daarbij meer dan eens zijn gesprekspartners verkeerd beoordelen.