Pseudopedo

Je kunt op de intellectuele integriteit van gereformeerd predikant en vooraanstaand adviseur van het Samen op Weg-proces van gereformeerden en hervormden Leen van Drimmelen ongetwijfeld wat afdingen. Maar of de pedofiele geaardheid van de kerkjurist echt is of verzonnen, doet aan zijn pleidooi voor een grotere acceptatie van seksuele relaties tussen volwassenen en kinderen niets af. Zijn vurige betoog voor meer tolerantie jegens pedofielen is authentiek, evenals de enthousiaste reacties dat het in kerkkringen aanvankelijk heeft losgemaakt.

Maar binnen drie dagen is een bizarre storm ontstaan. Niet vanwege de eenzijdige en propagandistische visie van Leen van Drimmelen over kinderliefde van volwassenen, maar omdat de predikant niet de pedofiel is die hij in zijn opiniërende bijdrage beweerde te zijn. Alsof dit de voornaamste misleiding zou zijn die het artikel bevat.
Op 10 januari publiceerde Trouw onder de kop ‘Als pedofiel moet je steeds behoedzaam leven’ het stuk waarin Van Drimmelen niet alleen zijn pedofiele geaardheid bekent, maar vooral de samenleving hekelt die 'grote, wassen en respectabele’ kindervrienden aan de schandpaal nagelt. Op 12 januari zijn de reacties al binnengestroomd. In de Volkskrant, NRC en Het Parool wordt gemeld dat het pleidooi van de pedodominee 'positief is ontvangen’, het 'taboe pedofilie is gehekeld’ en 'het debat is gestart’. Voorzitter van de gereformeerde synode R. Vissinga bejubelt de 'zeer respectvolle wijze’ waarover de pedodominee 'over liefde die de naaste geen kwaad doet’ schrijft. Hervormd predikant en voorzitter van Samen op Weg, Barend Wallet, noemt het stuk 'zuiver van toon’. Decaan van de theologische faculteit van de Amsterdamse VU Henk Vroom gaat nog verder: hij denkt aan het instellen van een brede commissie om te onderzoeken of 'ook pedofilie door de kerk kan worden aanvaard’. In geen van die kranten wordt tegengas gegeven, geen tegenstander van pedofilie komt aan bod, laat staan een slachtoffer ervan.
Op 13 januari raast de kogel door de kerk. Van Drimmelen zegt geen pedo te zijn. Hij heeft gelogen om begrip voor zijn 'broeders’ te kweken en met name voor een kerkelijk werker uit Driebergen, die wegens seksueel misbruik van kinderen tweeënhalf jaar aan zijn broek heeft gekregen.
Dat is op zich geen groot schandaal. Je kunt doorgaans niet in de dubbele bodem van de ziel van een schrijvende predikant kijken en hoeft ook niet te controleren of zijn erecties wel of niet door het aanraken van tere en fragiele lijfjes worden veroorzaakt. Maar al die pseudo-religieuze autoriteiten hadden bij het lezen van het kleffe proza van de pseudo-pedodominee wel van schrik de alarmklok moeten luiden in plaats van te kronkelen van genot en begrip. Of zijn ze zo blind en naïef? Hebben ze misschien rivieren van tranen geplengd bij het lezen van het miserabele lot van de universele pedo die Van Drimmelen in zijn tendentieuze propaganda beschrijft? Ik heb het natuurlijk over de 'echte pedofiel’, de 'respectabele vriend’ die alleen maar een 'partnerschap’ met een kind zoekt om hem over 'de bol te aaien’ terwijl die kleinen hun grote vrienden 'vragend aankijken’, 'speurend naar genegenheid’. Maar, snik, snik, die vreselijke Dutroux heeft alles verpest. De lieve, echte pedo zit 'vandaag de dag in de gevangenis’ of in de 'verdomhoek’. De 'maatschappij’ heeft een 'hetze’ tegen hem ontketend.
Zelden las ik zo'n misselijkmakend en gemakkelijk door te prikken stuk. Maar ik ga ook al een eeuwigheid niet meer naar de kerk. Misschien komt het ook omdat ik vader ben van twee kinderen of omdat alles wat ik me uit mijn kindertijd van pedofielen kan herinneren, die handen zijn in donkere bioscoopzalen die ineens uit het niets verschenen en op je knieën neerstreken. Of die warme en harde onderbuiken die in een menigte zich plots tegen je ruggetje aan persten. Pedofilie staat bijna altijd gelijk aan onderdrukking en aan macht, al dan niet achter een zoet gordijn van versnaperingen en presentjes verscholen. En dan probeert Van Drimmelen ons te doen geloven dat pedofilie weinig met erotiek en seksualiteit te maken heeft, terwijl hij kort daarvoor pedofielen omschrijft als mensen die 'gediscrimineerd’ worden vanwege 'een andere seksuele geaardheid’. Maar het ergste is dat de pseudo-pedopredikant doodleuk schrijft dat kinderen die door pedofielen worden bemind geen 'slachtoffers’ genoemd mogen worden: 'slachtoffers zijn kinderen misbruikt door incest’.
Van Drimmelen heeft gelogen, en zijn lezers en de redactie van Trouw bedrogen. Dit ten gunste van een privaat netwerkje van al dan niet veroordeelde kerkelijke vriendjes. Het gaat ook in de wereld van pedofilie bijna altijd om occulte netwerken.